DEN BOSCH  Edward Gal zaterdag in actie tijdens de wereldbeker dressuur in de Brabanthallen in Den Bosch. Gal bleef in de finale met zijn hengst Moorlands Totilas zijn landgenotes Adelinde Cornelissen (Jerich Parzival) en Imke Schellekens-Bartels (Hunter Douglas Sunrise) voor en won de wereldbeker. ANP ROBIN UTRECHT

Totilas, een kunstwerk op vier benen, veranderde het leven van Jan en Anna Schuil uit Broeksterwâld

DEN BOSCH Edward Gal zaterdag in actie tijdens de wereldbeker dressuur in de Brabanthallen in Den Bosch. Gal bleef in de finale met zijn hengst Moorlands Totilas zijn landgenotes Adelinde Cornelissen (Jerich Parzival) en Imke Schellekens-Bartels (Hunter Douglas Sunrise) voor en won de wereldbeker. ANP ROBIN UTRECHT Foto: Robin Utrecht

Halverwege deze maand overleed Totilas, succeshengst uit Broeksterwâld. Zijn fokkers Jan (66) en Anna (58) Schuil staan vandaag nog een keer stil bij het wonderpaard - door sommigen omschreven als buitenaards - dat hun leven totaal veranderde.

Jan Schuil weet het nog goed, de dag dat Totilas voor het eerst aan de buitenwereld werd getoond. Hij zat zelf op de rug van de toen driejarige zwarte schoonheid tijdens een paardenkeuring in Ermelo. Die schoonheid werd nog niet door iedereen gewaardeerd, merkten hij en zijn vrouw Anna even later.

,,De reacties waren heel wisselend’’, weet zij nog.

Hij: ,,Wij waren best wel trots. Totilas deed het geweldig tijdens zijn eerste publieke optreden. Maar het rare was dat mensen die er zogenaamd verstand van hebben, dat niet zagen. Totilas vloog er in de tweede ronde uit. Tot onze stomme verbazing. En van het publiek. En de ringmeesters. Maar de mannen die het voor het zeggen hadden, zeiden: niet goed genoeg.’’

Zij: ,,Dat was voor een deel een politiek oordeel.’’

Die laatste opmerking schreeuwt om een toelichting. Volgens de familie Schuil heerste er in die tijd nog een anti-Trakehner-sfeer onder de gevestigde orde. Totilas had immers Trakehnerbloed, het unieke Oost-Pruisische ras dat aan het einde van de Tweede Wereldoorlog voor een deel kon worden gered toen de Russen bezit namen van Duitsland. Dat deel belandde na een barre vlucht uiteindelijk in het vrije West-Duitsland.

Lees ook | ‘Fantastisch dat mensen in de boom hingen om Totilas te zien’

Jan Schuil: ,,Die Russen waren verschrikkelijk kwaad. De Duitsers hadden immers grote delen van hun land laten verhongeren. De Duitsers waren als de dood voor de Russen. Dus sloegen ze op de vlucht, met die paarden. Dwars door Polen, midden in de winter. Verschrikkelijk zwaar, er zijn veel paarden en mensen bij omgekomen.’’

De Trakehners werden gered, maar omdat elke Duitse deelstaat al een eigen ras heeft werden ze als allochtoon gezien. Schuil: ,,Trak-ehners worden daarom altijd een beetje met de nek aangekeken. Je hebt de Holsteiners, de Rijnlanders, de Westfalers, maar toen kwamen de Duitsers uit Oost-Pruisen. In feite de concurrenten. Er zijn daarom twee kampen: pro- en anti-Trakehner. Het is een heel politiek verhaal.’’

De naam Totilas heeft de geschiedenis dus doorstaan. ,,De vader van Totilas heet Gribaldi. Die stamt dus weer af van een van die paarden die die bizarre vlucht naar West-Duitsland overleefd hebben. Maar goed, volgens de stamboom was in het jaar 2000 de voorletter T aan de beurt voor het vinden van een naam. Zo kwamen we uit bij Totilas. Die die ellendige tocht als jong paard dus ook heeft overleefd.’’

Waarom de dierenarts in ruste en zijn vrouw graag een dressuurpaard met Trakehner bloed ambieerden? Die ze bovendien wilden kruisen met de merrie Lominka, uit de Freiminka-stam die er in de fokkerij eveneens goed op staat? ,,Wij vinden dat een heel fijn ras om te veredelen. Trakehners zijn het oudste rijpaardenras van Duitsland. Ooit gefokt voor het leger. Wij wilden die eigenschappen graag hebben.’’

Terug naar dat allereerste juryoordeel uit 2003 in Ermelo. De leden waren nog niet gewend aan zo’n kruising, merkten de Broeksterwâldsters. Anna Schuil: ,,De jury rende toen nog gewoon achter de feiten aan. Wij hebben ons daar nooit wat aangetrokken. Zijn altijd onze eigen gang gegaan. Wij wisten wel beter en zeiden: Totilas’ tijd komt nog wel. Een kwestie van doorgaan. Vooral als je er zelf wel in gelooft. Doorzetten dus.’’

Anna en Jan Schuil zagen op 23 mei 2000 meteen dat ze iets bijzonders op stal hadden in Broeksterwâld. Jan: ,,Hij was een prachtig veulen. Meteen al uitstraling. Dat atletische vermogen, mooi om te zien.’’

Anna: ,,Als mensen medicijnen kwamen halen, wilden ze ook altijd even Totilas zien, die hier als veulen in het land liep. We hadden hem toen al goed kunnen verkopen. Hebben we het niet eens over gehad. Wij verkopen sowieso geen veulens.’’

Dat ze paardenfokkers werden, kwam omdat ze bij elkaar de liefde voor het edele dier versterkten. Als dierenarts had Jan Schuil in Morra Anna leren kennen, toen een van haar paarden hulp nodig had. Omdat ze bovendien beiden niet onverdienstelijke ruiters bleken in de Z-dressuur, wisten ze precies wat ze wilden. ,,Je weet inderdaad wat je zoekt’’, zegt Anna. ,,Dan kun je dus ook bewuster fokken. We gingen vroeger alle Duitse paardenkeuringen af, dat waren onze uitjes. Dan hebben we het over zo’n 30 jaar geleden. We zijn toen bij de Trakehners blijven hangen.’’

Met Totilas dus als hoofdprijs. Anna: ,,Wat wij zochten in een paard, deed hij. Elegantie, mooi van de vloer afkomen. Met een enorm atletisch vermogen.’’

Jan Schuil maakte Totilas wedstrijdklaar waarna hij Jiska van den Akker bereid vond de hengst te gaan berijden. Totilas was toen vier. Schuil kende Van den Akker als klant, uit Kootstertille. Maar nog steeds waren de meningen verdeeld als Totilas weer voor een jury verscheen, herinneren ze zich. ,,In de vierjarigencompetitie werd hij in de eerste ronde tweede, in de tweede ronde lag hij er alweer uit. Zijn carrière begon dus moeizaam, het was echt een strijd.’’

Hadden Anna en Jan Schuil als ruiters zelf nooit de ambitie om op de rug van Totilas het wedstrijdcircuit in te gaan? Anna: ,,We kwamen er al snel achter, hier moet een goeie ruiter op. Anders is het zonde. Totilas was te goed voor ons. Je moet wel reëel zijn.’’

Hij: ,,Vergelijk het met Max Verstappen. Als wij in een Formule 1-auto zouden gaan rijden, gaan we voor de helft zo hard.’’

Zij: ,,Na de eerste bocht crashen we al.’’

Jiska van den Akker bleef een combinatie met Totilas tot hij vijf werd. Het aantal telefoontjes van geïnteresseerde kopers begon op te lopen, maar de familie Schuil wilde Totilas nog niet kwijt. Anna: ,,We hadden er nog steeds lol aan.’’

Jan: ,,We dachten toen wel: het is goed, maar het kan nog beter. Wij hebben toen zelf Edward Gal benaderd. Die kenden we niet persoonlijk, maar we wisten wel: dit is de beste ruiter van Nederland. En zo’n goed paard hoort bij de beste ruiter van het land. Je moet de top nastreven. Totilas kwam steeds meer in de belangstelling te staan. Er meldden zich heel serieuze kopers. Toen zei Edward: ik wil Totilas zo graag houden.’’

Anna: ,,Hij was er ziek van dat wij Totilas gingen verkopen.’’

Jan: ,,Het was op een donderdag toen wij zeiden: als jij voor zaterdag een koper kan vinden, is hij voor jullie.’’

Dat lukte Gal. Het Gorsselse echtpaar Cees en Tosca Visser werd vervolgens de nieuwe eigenaar van de toen zesjarige hengst. Voor hoeveel wil de familie Schuil niet kwijt. ,,Dat is iets tussen koper en verkoper.’’

Feit was wel dat de dierenarts kort daarna kon stoppen met zijn vak. ,,Ik ben 30 jaar dierenarts geweest. Tropenjaren. Vooral het onverwachte maakt dit vak zwaar. Als je denkt dat je ’s avonds klaar bent, komt er weer een telefoontje. Het was vooral vaak na het late journaal. Kijken de mensen daarna nog even in de stal. Was er met een paard wat aan de hand. Of weer een koe die aan het kalveren was.’’

Het koppel reisde vervolgens Gal en Totilas overal ter wereld achterna. Zag dus alle triomfen van het wonderpaard met eigen ogen. Een kunstwerk op vier benen, zo werd de hengst gelauwerd. Op de Duitse tv constateerden ze een wereldwonder: ,,Een geschenk voor de sport, een geschenk voor de mensheid.’’ De commentator ging na de wereldtitel in Kentucky in 2010 nog verder: ,,Dat zo’n paard bestaat. En dat er zo’n partner voor hem is gevonden.’’

Dat moest dus wel olympisch goud worden, twee jaar later in Londen. Maar zoals bekend ging dat feest niet door. Totilas werd gekocht door de Duitse grootheid Paul Schockemöhle en daarna leek het gedaan met de aaneenrijging van successen. Met Mathias Alexander Rath als nieuwe ruiter werden Totilas’ palmares amper aangedikt. Ziekte en blessures zaten de combinatie voortdurend dwars. Als dekhengst daarentegen bracht de viervoeter wel voldoende geld in het laatje. Er werd voor het sperma van Totilas achtduizend euro betaald.

Hij: ,,Totilas heeft gewoon domme pech gehad. Die blessures waren echt vervelend.’’

Zij: ,,Totilas was opgeleid bij Edward, Matthias deed het anders. Het had tijd nodig. Ze wilden die twee trainingsmethoden samen laten gaan.’’

Jan: ,,Totilas werd toen weer echt goed. In de Grand Prix haalde hij boven de 85 procent. Dat heeft Edward nooit gered.’’

Anna: ,,Wat wij vonden van die verkoop? Het gaat zoals het gaat.’’

Jan: ,,Het ging om zoveel geld. 15 miljoen? Dat wordt gezegd ja. Maar nogmaals, dat is iets tussen koper en verkoper.’’

Een paard als Totilas was een gelukstreffer, zeggen Anna en Jan Schuil nu. Maar, zeggen ze ook: ,,Totilas is wel een beetje de maatstaf geworden. De lat ligt dus wel hoog.’’

Een nieuw paradepaard voor het echtpaar is Goldregen, een volle broer van Totilas, die nu 10 jaar is. ,,Dat begint er aardig op te lijken’’, aldus Jan Schuil. ,,Maar om Totilas te evenaren is heel moeilijk.’’

Het tweetal is overigens aan het afbouwen. ,,Ik heb altijd gezegd: oude mannetjes en paarden, dat gaat niet samen. Ik word toch wat trager. Ik moet toch een beetje een paard kunnen opvoeden.’’

Anna: ,,Nu wij zelf helemaal niet meer kunnen rijden, moet je alles uitbesteden. Je moet toch een keer stoppen. Op een gegeven moment is er ook wel wat anders.’’

Nog een keer, wat heeft Totilas jullie gebracht, uiteindelijk?

Anna: ,,We zijn in een wereld beland waar we anders nooit in terecht zouden zijn gekomen.’’

Jan: ,,Van een gewoon fokkertje kom je in de top van de paardenwereld terecht. Je komt bij Schockemöhle thuis. Die elk jaar 750 veulens vangt, de grootste paardenman van de wereld. Een Edward Gal, een Matthias Alexander Rath, een Ann Kathrin Linsenhoff, die we nu allemaal persoonlijk kennen. Het heeft ons leven verrijkt.’’

Anna: ,,We hebben hele leuke, aardige mensen leren kennen. Ook minder leuke. Maar daarin kun je kiezen, zeg maar. Totilas is echt een lifechanger geweest.’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct