Ibrahim Dresevic in de achtervolging bij Donny van de Beek.

SC Heerenveen staat na tegentreffer weer in de realiteit

Ibrahim Dresevic in de achtervolging bij Donny van de Beek. FOTO ANP SPORT

Het verleden kwam even tot leven bij SC Heerenveen, dat het Ajax in een vol Abe Lenstra-stadion een tijdlang bijzonder lastig maakte. Juist daarom deed de 1-3 nederlaag pijn.

Vermaak en ergernis. Spektakel en onbegrijpelijke fouten. Een intense, meeslepende eerste helft, gevolgd een schouwspel na rust dat doodsloeg als bier in een vet glas.

SC Heerenveen tegen Ajax had het allemaal – en dat verklaarde meteen de collectieve verwarring op de tribunes, pal na afloop van het duel. Want wat moest je hier nu mee? Applaus was weliswaar gepast, maar tegelijk beklijfde het gevoel dat er zoveel meer had ingezeten tegen Ajax.

Voor de wat oudere Heerenveen-supporters was het duel met Ajax lange tijd een soort  trip down memory lane . Een uur lang was het alsof herinneringen tot leven werden gewekt in een welhaast ouderwets avondje Heerenveen.

Strijdbaar elftal

Een bomvol en sfeervol Abe Lenstra-stadion, met honderden vlaggen die voor de wedstrijd een enorm pompeblêd achter het doel vormden. Clubicoon Foppe de Haan, luidkeels toegezongen door supporters tijdens de rust, terwijl hij op het veld een paar jeugdvoetballers aanmoedigde tijdens een penaltyreeks. En het belangrijkste: een strijdbaar elftal dat het Ajax in de eerste helft bijzonder lastig maakte. 

Met een realistische speelwijze – compact verdedigen en voorin gokken op de grillen van Chidera Ejuke – had Heerenveen voor rust op voorsprong kunnen en eigenlijk ook móeten komen. Wat was de Nigeriaanse vleugelaanvaller een plaag voor de Amsterdammers, met name voor Daley Blind, de Oranje-international die geregeld niet wist waar hij het zoeken moest. Ejuke voetbalde geweldig.

Het grootste verschil met de gloriejaren van weleer? Heerenveen had destijds een paar aanvallers die wel raad wisten met de mogelijkheden, zoals de ploeg van Jansen die tegen Ajax creëerde. Heerenveen drukte Ajax nu bij vlagen achterover, maar door simpelweg niet te scoren werden de Amsterdammers nooit echt op de pijnbank gelegd.

Terug in hier en nu

Zoals dat omgekeerd wel met Heerenveen gebeurde. Een tijdsbestek van zo’n zes minuten was voldoende om alle romantici op de tribunes, hunkerend naar het roemrijke Heerenveen-verleden, ruw wakker te schudden. Pardoes stond iedereen in de Abe Lenstra-stadion weer in de realiteit van het hier en nu. Wat overbleef? Een jong elftal met een paar goede talenten, overlopend van enthousiasme, maar tegelijk nog zo onvoorstelbaar broos. 

Pats, de 0-1 van Dusan Tadic, in de 57ste minuut. Boem, de 0-2 van opnieuw Tadic, drie minuten later. Klets, het geluid van de onderkant van de lat, toen Quincy Promes kort daarop de derde Amsterdamse treffer binnen ramde. Drie mokerslagen op rij; wedstrijd gespeeld.

Dan kun je zeggen: zie hier de kwaliteiten van Ajax, een topclub die toeslaat op de juiste momenten. Of juist het gebrek aan kwaliteit bij Heerenveen, zelf niet scorend, naïef verdedigend en op die manier voor wonderdokter spelend voor de geplaagde Amsterdammers, die vier van hun laatste vijf officiële wedstrijden hadden verloren.

Voor beide opvattingen valt iets te zeggen. Wie zijn eigen waarheid verkondigt vindt altijd wel een paar aanknopingspunten.

Balancerend tussen trots en kritiek

Jansen hield vooral de kerk in het midden. Logischerwijs refereerde hij aan de enorme mogelijkheid van Alen Halilovic, aan de weergaloze solo van Ejuke die uitmondde in de knappe redding van Ajax-doelman André Onana. Maar ook aan de rush van Rodney Kongolo, waarna niet Halilovic maar Mitchell van Bergen aan het werk werd gezet.

,,Mitchell liep met al zijn enthousiasme het strafschopgebied in, terwijl Alen genoeg kwaliteiten heeft om zo’n bal binnen te schieten”, zei Jansen. ,,Dat zijn momenten waarop je bij onze ploeg het overzicht mist.” 

Het was voor Jansen overduidelijk zoeken naar de juiste woorden, balancerend tussen kritische noten en trots. ,,Enerzijds ben je teleurgesteld en baal je enorm van dit resultaat”, zei hij. ,,De 0-1 was voor ons een ‘knapmoment’. Vervolgens gaven we de wedstrijd gewoon weg. Tegelijk hoop ik dat dit gevoel, misschien vanavond al en anders morgen, overgaat en dat ik toch kan denken: we hebben ook veel dingen wél goed gedaan.”

,,Ik ben ook ongelooflijk trots dat ons stadion vol zat, al zaten er ongetwijfeld heel wat Ajax-supporters bij”, ging Jansen verder. ,,Natuurlijk is de conclusie uiteindelijk dat we hier met nul punten staan. Maar we hebben echt een aandeel gehad in deze wedstrijd, ons publiek vermaakt en zeker een helft goed gevoetbald.”

En vergeet een ding niet, zo vatte Jansen hoop, verwachtingen en realiteit bij zijn club in één zin samen, terwijl Oranje-internationals Blind, Promes en Donny van de Beek de Ajax-bus opzochten. ,,Heerenveen mag ook van Ajax verliezen hè?”

home
net-binnen
menu