Bokser Farshid Bos (19) veranderde in zijn puberteit van een gekwetst jochie in een zelfverzekerde vent. Op zoek naar innerlijke rust gaat Frieslands grootste bokstalent voor een jaar naar een boeddhistisch klooster in Duitsland.

Farshid Bos heeft zichtbaar een metamorfose ondergaan, vertelt zijn bokstrainer Piet Rozendaal ter inleiding. Hij laat een filmpje zien van Frieslands meest getalenteerde pugilist, een kleine vier jaar geleden uitgezonden door de Leeuwarder lokale omroep LEO Middelsé. In die reportage wordt een verlegen en uiterst fatsoenlijk ventje geportretteerd.

Bos zag er toen uit als een technisch, net boksertje. Geen opscheppertje. En al helemaal niet het straatschoffie dat zijn leermeester Rozendaal (76) als kind wel was. Nu, ruim drie jaar later, groeit er een stoppelbaardje op zijn kaken, is het kindervet verdwenen en oogt Bos zelfverzekerd.

Er zit deze middag een volwassen knaap aan tafel boven in de bar van de Leeuwarder boksvereniging Frisia. Bos komt van ver, was een gekwetst kind. Een klassiek verhaal in het kort: ,,Ik werd erg gepest op de basisschool. Ik was nieuw. We hadden het een tijdje niet ruim thuis. Soms droeg ik te kleine kleren. Dan ben je aan de beurt. Ik ging elke dag met een rotgevoel naar school.’’

Boksen ontdekte hij op televisie, vertelt hij. ,,Dat leek me wel wat.’’ Op een avond – Bos was twaalf jaar – stapte hij bij Frisia naar binnen, hoorde de heldere stem van Rozendaal, kreeg een warm onthaal, voelde zich welkom. ,,Een jonkje. De bokshandschoenen gleden hem zowat van de handen. Zo iel was hij’’, zegt Rozendaal, die ook is aangeschoven.

Decennia

Farshid was voor Rozendaal dat ene grote talent, dat eens in een paar decennia plotseling een boksschool binnen komt wandelen. Zo een waar iedereen jaren op heeft gewacht. ,,Een gelukstreffer’’, weet Rozendaal. ,,De laatste gelukstreffer was Reino van der Hoek.’’ Van der Hoek maakte furore in de jaren tachtig van de vorige eeuw en werd liefst acht keer Nederlands kampioen.

Het klikte meteen tussen Bos en Rozendaal. ,,Hij was netjes, gedisciplineerd en pakte het boksen heel snel op. Een groot talent. Een keurige bokser, een echte bokser. Je kunt de beste trainer van de wereld zijn, maar als je de mensen met dat ultieme talent niet hebt, maak je als trainer weinig klaar.’’.

Bos voelde zich geborgen bij zijn trainer. ,,Piet is er altijd voor mij. Hij is familie. Familie kun je ook zelf uitzoeken. Die verre neef die ik niet ken, is familie, en Piet niet? Dat zou nergens op slaan.’’

Vleugels

Zijn ontwikkeling als bokser ging bijna vanzelf, vindt hij. ,,Ik wilde wedstrijden boksen. Dan moet je meer trainen. Op een gegeven moment merk je dat je jouw eigen leermeesters goed partij kan bieden. Dat ga je nog meer trainen.’’

Het Leeuwarder bokstalent veranderde onder Rozendaals vleugels van een gekwetst kereltje in een zelfverzekerde vent. Ineens tikte hij als bokser voorzichtig tegen de nationale top aan. In februari van dit coronajaar stond hij in de finale van het NK tegenover oud-olympiër Enrico Lacruz. Bos verloor de finale, doch bood Lacruz prima partij.

Zijn naam was gevestigd als bokser. Hij voelde zich mentaal sterker dan ooit. Andere jonge boksers binnen de vereniging trokken zich aan hem op. Toch bleef er diep van binnen iets knagen. ,,Ik heb veel onrust beleefd. Eigenlijk is het nog steeds een beetje onrustig om me heen.’’

Meer wil hij daar niet over kwijt. ,,Ik train, ik werk, heb vrienden, en een fijne basis thuis. Toch voel ik altijd druk.’’ Zijn vader haalde Farshid afgelopen juni over om voor een week mee te gaan naar de Shaolin tempel in Duitsland. ,,Ik geloofde er niet echt in. Zweverig gedoe.’’

Chinese krijgskunst

Toch ging hij mee naar Shaolin Tempel Europe in Otterberg, een klein dorpje vlakbij Kaiserslautern. Bos: ,,Mijn vader beoefende kung fu in Leeuwarden. Daarin miste hij een stukje verdieping, en toen ontdekte hij deze tempel. Het is eigenlijk een boeddhistisch klooster. Het ligt op een afgelegen plek in de bossen. Daar word je onderwezen in Qi Gong (werken aan levensenergie, red.), meditatie en Shaolin Kung Fu, een Chinese krijgskunst.’’

Als gasten vertoefden Farshid en zijn vader een week in juni in het klooster. ,,Een plek met heel veel rust. Dat merkte je meteen. Daar heb je niet de neiging je telefoon te pakken. Een heel ander gevoel dan in de buitenwereld. Een heel fijn gevoel.’’

Bos wilde meer. Dus ging hij er in september opnieuw naar toe. Voor een selectieweek die moest resulteren in een verblijf van een jaar. Het werd al met al een heftige week. ,,Elke dag vroeg op. Mediteren, trainen, eten, en werken op het land. En weer trainen. Zware trainingen. ’s Avonds een vers opzeggen, knielen voor Boeddha. Alles om te zien of je het aankan, of je er tussen past, of je de hiërarchie goed aanvoelt.’’

Er zaten dagen tussen dat Bos dacht dat hij niet verder kon. ,,De spierpijn was soms niet te harden. Maar dan toch moeten hardlopen. Helling op, helling af. En ik ben geen hardloper. Ik heb het gedaan. Niet voor hen, maar voor mezelf.’’

Geselecteerd

Bos’ missie slaagde. Hij werd geselecteerd. Begin januari gaat Frieslands grootste bokstalent voor een jaar naar het klooster in Otterberg. Waarom? ,,Mijn lichaam omvormen. Hier in Nederland gaat het om het fysieke, daar in het klooster om het innerlijke. Daar moet ik mijn kracht uithalen. Ik zou niet weten waar anders ik zo’n rust kan ervaren.’’

Rozendaal gaat zijn pupil verschrikkelijk missen, zegt hij. ,,Met groot respect, hoor.’’ Hij denkt dat zijn jonge pupil ook gaat uit zelfbescherming. ,,Onbewust. Omdat hij anders verdwaalt in zijn omgeving.’’

,,Zelfbescherming? Misschien’’, reageert Bos. Op de middelbare school geraakte hij voor korte duur op het verkeerde pad. Toen rolde hij daar bijna ongemerkt in. ,,Nu zou dat een keuze van mezelf zijn. Die keuze ga ik niet meer maken.’’

Later die middag, tijdens een fotosessie bij de tempel op de dijk boven Marrum, toont Bos zijn zelfcontrole. Ondanks de snijdende kou poseert hij tijdenlang onbewogen in blote bast. ,,Ademhaling onder controle. Toen voelde ik het niet meer.’’

Op de terugweg in de auto vertelt Bos over zijn toekomstplannen als bokser. ,,Ik wil op de Olympische Spelen van 2024 uitkomen en daarna met boksen mijn geld verdienen.’’ Hoe ver hij ook mag komen, als persoon zal hij altijd bescheiden blijven, bezweert Bos. ,,Ik blijf dat jongetje dat vroeger op de basisschool werd gepest.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Sport
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct