Na wederopstanding ligt het chagrijn bij Oranje opeens op de loer

Na wederopstanding ligt het chagrijn bij Oranje opeens op de loer ANP

Nee, de magie bij Oranje was na een paar mindere duels nog niet verdwenen, zei middenvelder Frenkie de Jong met een zelfverzekerde lach in aanloop naar de uitwedstrijd tegen Bosnië en Herzegovina in de Nations League. Maar na de nederlagen tegen Italië (0-1) en Mexico (0-1) wist Oranje in Zenica opnieuw niet te imponeren: 0-0. Na de indrukwekkende wederopstanding onder leiding van Ronald Koeman ligt het chagrijn bij Oranje, zeker met de zware uitwedstrijd tegen Italië komende woensdag, opeens op de loer.

De aanstelling van Frank de Boer was vorige maand niet onomstreden. Lang niet iedereen kon begrijpen dat de KNVB uitkwam bij de trainer die achtereenvolgens niet wist te slagen bij Internazionale, Crystal Palace en Atlanta United. En als de vier landstitels die De Boer met Ajax behaalde ter sprake kwamen, ging het vaak over de wat saaie manier van voetballen.

De Boer pareerde de kritiek tijdens zijn eerste persconferentie na zijn aanstelling vrij overtuigend en tekende uiteen hoe hij de lijn van Koeman wilde doortrekken. Een beter instapmoment was niet denkbaar, zei hij. En De Boer dekte zich niet in. Gevraagd naar een vergelijking met de selectie die de finale van het wereldkampioenschap van 2010 haalde, zei hij: "In de breedte hebben we een talentvollere groep dan toen." En ook: "Het is niet zo dat we fluitend Europees kampioen of wereldkampioen worden, maar we hoeven denk ik voor niemand bang te zijn."

Onherkenbaar

De eerste wedstrijden onder de leiding van de 112-voudig international hadden de twijfels moeten wegnemen, maar juist het omgekeerde gebeurde. Tegen Mexico had De Boer nog als excuus dat hij veel van zijn sterkste spelers aan de kant hield of slechts een deel van de wedstrijd liet spelen met het oog op de Nations League. Ook Koeman, Guus Hiddink en Louis van Gaal (in zijn tweede periode bij de KNVB) debuteerden met een nederlaag, wist de 50-jarige De Boer te melden. Maar ook toen het er zondag echt om ging, oogde Oranje onherkenbaar.

Nederland speelde in een laag tempo en voetbalde slordig. In het eerste uur wist de formatie van De Boer nauwelijks een kans te creëren, en dat tegen een ploeg die niet eens in zijn beste formatie speelde. Er was niemand die opstond en Oranje bij de hand meenam. Ook onder Koeman was de eerste helft van een wedstrijd vaak minder goed dan de tweede. De huidige trainer van FC Barcelona wist de zaak vaak om te draaien met omzettingen en wissels. Dat leek De Boer zondag ook te helpen. Steven Berghuis zorgde voor dreiging en gevaar en misschien had hij wel met de aanvoerder van Feyenoord in de basis moeten beginnen, erkende de bondscoach na afloop.

Reden tot paniek is er niet, zei De Boer. En dat is na twee interlands inderdaad ook wat vroeg. Maar na ruim twee jaar van veelal hoop, euforie en lof, is er voor het eerst na het mislopen van het EK 2016 en het WK 2018 voorzichtig weer wat chagrijn en kritiek merkbaar. Aan De Boer en zijn spelers om dat te kop in te drukken, te beginnen woensdag in Bergamo. Een duel dat opeens van grotere waarde is dan De Boer drie weken geleden tijdens zijn aanstelling had kunnen bedenken.