Dennis Veenker raast met piloot Ivo de Bruin door het ijskanaal tijdens een training in Altenberg.

Kracht en souplesse essentieel voor bobsleeër Dennis Veenker

Dennis Veenker raast met piloot Ivo de Bruin door het ijskanaal tijdens een training in Altenberg. Foto Viesturs Lacis/IBSF

Het WK in de tweemansbob vormt voor Dennis Veenker (27) uit Damwâld dit weekeinde het sluitstuk van een zwaar seizoen. Hij kan nu al niet wachten op het volgende.

Dennis Veenker was zondag als remmer met zijn piloot Ivo de Bruin net veertiende geworden bij de wereldbekerstrijd bobsleeën in het Letse Sigulda en twaalfde op het gelijktijdige EK, of hij zat met zijn kompaan alweer op het vliegveld in Riga.

Niemand van de medereizigers om hen heen had in de gaten dat ze een paar uur eerder nog met 120 kilometer per uur door een ijskanaal waren geraasd. Niemand wist dat ze, op een weekje rond kerst na, al bijna vier maanden van huis zijn. Ze waren volstrekt anoniem. Dat was, toen Veenker daar even bij stilstond, best een gekke gewaarwording.

Erkenning

Bobsleeër ben je duidelijk niet om het verkrijgen van een sterrenstatus, want dat lukt toch nooit. Zeker als Nederlander niet. Om het geld hoeft hij het ook niet te doen, vertelt Veenker. Het is dat TeamKPN Sportfonds nu sponsor is van de Nederlanders, anders was het helemaal schrapen geblazen.

Om de medailles gaat het Veenker evenmin. Daarvoor is het verschil in materiaal en budget met buitenlandse teams simpelweg te groot. De beste prestatie van dit seizoen: een knappe zevende plaats in het Zwitserse Sankt Moritz.

,,De basis is yntrinsike motivaasje”, vertelt de Damwâldster die in Heerenveen woont. ,,Ja, ik mis wolris de erkenning, mar wat oaren fine, makket my eins net safolle út. Ik fyn it moai om te dwaan. Om as Fries en Nederlanner myn lân te fertsjintwurdigjen op in ynternasjonaal poadium ferfeelt noait. De adrenaline dy’st fielst nei in ôfdaling is boppedat mei neat te fergelykjen. It is enoarm fet om te dwaan.”

Knallen

Een afdaling duurt ongeveer een minuut. In een bobsleeweekend staan er hooguit vier runs op het programma. Ofwel: alles in een week draait om slechts vier minuten knallen. ,,Mar op wedstryddagen bist oerenlang by de baan.” De ijzers moeten in een uurtje of drie zo goed mogelijk worden afgesteld, de warming-up neemt zo drie kwartier in beslag.

Het leven buiten de wedstrijden om is in de winter best eentonig, vertelt Veenker. Maandag is doorgaans reisdag. Op dinsdag wordt getraind, net als op woensdag en donderdag. ,,Wy geane bêst faak oer fysike grinzen hinne, sûn is it net.”

In het weekend zijn er de wedstrijden. Daarna begint alles op een andere plek opnieuw. ,,Mentaal is it swier. Konstant hast deselde minsken om dy hinne, alle wiken binne hast itselde. Mar de mentale en fysike útdaging bliuwt prachtich. Ik gean troch mei dizze sport salang as myn lichem it talit. En meidwaan oan de Olympyske Spelen yn 2022 is it doel.”

Hij doet zijn verhaal terwijl hij op zijn bed ligt in een hotel in Altenberg. Die Duitse plaats, niet ver van de Tsjechische grens, is de locatie van het wereldkampioenschap. Buiten regent het. De temperatuur komt net boven nul uit. ,,Rêst is hiel belangryk. In seizoen bobslydzjen is in oanslach op it lichem. De mominten dy’st foar dysels hast, moatst brûke om te herstellen. En dy mominten binne der net safolle.”

Rust

Rust was voor Veenker en De Bruin ook de reden om met het vliegtuig van Letland naar Duitsland te reizen en niet, zoals ze normaal wel doen als ze in Europa van baan naar baan reizen, per busje. Joost Dumas, collega-remmer van Veenker, en coach Tom de la Hunty reden het hele stuk wél. Met de bobslee achterin. Ze waren kapot na aankomst.

Dat voelde voor Veenker enigszins dubbel, vertelt hij. Als je een team bent, hoor je in principe alles als team te doen, vindt hij. Dus ook reizen. Vooral het feit dat Dumas zichzelf opofferde en vijftien uur onderweg was, dwong bij de geboren Damwâldster veel respect af.

Dumas is reserve. Normaal gesproken komt hij dit weekend dus niet in actie. En in de viermansbob doet Nederland op het WK niet mee. Dat kampioenschap is volgende week. De reden: Janko Franjic, net als Veenker een remmer, is al het hele seizoen niet fit genoeg. Een andere goede Nederlandse bobsleeër is er niet.

Overmacht

,,We skamje ús der hast in bytsje foar dat we der oare wike net by binne”, zegt Veenker. ,,It is gewoan kloaten.” Het WK voor viermansbobs is immers ultiem. Met z’n vieren een goede prestatie neerzetten is moeilijker dan als duo. Maar ja, overmacht.

,,Wy ha it begjin dit seizoen wol besocht mei nije jonges. Mar dat wurke net. Se hienen noait earder in bob sjoen. Seker yn de fjouwermansbob moatst elkoar blyn fertrouwe kinne. We hienen de tiid gewoan net om dat foar elkoar te krijen. En foardatst as nijkommer witst hoe’t it allegear wurket, bist seker in jier fierder. Eins ha wy alles mei syn trijen dien dit seizoen en dêr bin ik grutsk op.”

Het WK voor tweemansbobs vormt het sluitstuk. Beter presteren dan vorig jaar, toen Veenker en De Bruin als zestiende eindigden, zou al mooi zijn. ,,De baan fan Altenberg leit ús goed, mar it materiaal is noch net top. Dêr kinne wy net folle oan dwaan. It giet om lytse dinkjes yn de slide.”

Aan Veenker zaterdag en zondag de taak om slee zo snel mogelijk op gang te brengen. Als hij na enorme krachtsexplosie van een seconde of 5 en met een hartslag van zeker 180 per minuut in de bob springt, moet hij zich achter De Bruin zo stil mogelijk houden. Dan komt het juist aan op souplesse. ,,Elke beweging dy’t ik dan meitsje, is min foar it resultaat.”

Na het weekend zit het seizoen erop. En dan? ,,In pear dagen echt útrêste en dan myn suske helpe mei ferhûzjen. Se hat krekt in hûs kocht mei har freon. En dêrnei pak ik myn stúdzje sportkunde yn Grins wer op. Op nei de folgjende winter.”

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 4,99 per maand. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct