Leonard Nienhuis.

Eerst was hij keeper bij Cambuur, nu bewaakt Leonard Nienhuis gevangenen

Leonard Nienhuis. Foto: Geert Job Sevink

Leonard Nienhuis stopte vorig jaar als profkeeper. Tegenwoordig werkt hij als cipier in de gevangenis van Veenhuizen. ,,Het gevangeniswereldje is eerlijker dan het voetbalwereldje.’’

Met een kop koffie zit Leonard Nienhuis naast zijn vrouw Cheyenne op een bankje voor zijn huis in Aduard. Hij heeft twee uurtjes geslapen. Een collega-cipier was ziek en Nienhuis heeft de nachtdienst overgenomen. Hij had het interview kunnen verplaatsen, maar de oud-doelman van onder meer SC Cambuur heeft dat niet overwogen. Afspraak is afspraak.

De fotosessie vindt plaats op het veld van derdeklasser Aduard 2000, op een doeltrap afstand van zijn huis. Sinds het beëindigen van zijn profloopbaan speelt hij daar in een vriendenteam en dit seizoen maakt hij zijn opwachting in het eerste. ,,Niet als keeper, maar in de verdediging. Ik ben geen loopwonder.’’

Punt achter loopbaan

Nienhuis groeide op in Aduard en keerde, na enkele jaren in de stad Groningen te hebben gewoond, terug naar zijn geboortegrond. Hij is blij met die keuze. ,,Het dorpsgevoel, hoe hier geleefd wordt, vind ik veel prettiger. Voor de kinderen is het ook beter.’’

Nienhuis is nu 30 jaar. Als doelman had hij nog wel enige seizoenen mee gekund in het betaalde voetbal, maar hij besloot er begin 2019 een punt achter te zetten. ,,Na mijn tijd bij Sparta heb ik nog een half jaar doorgetraind. In de winterstop was ik dicht bij een transfer naar NEC, maar mijn gevoel zei ‘nee’. Dat had niets met NEC te maken, dat is een mooie club en ik zou er ook speeltijd krijgen, maar ik wilde de maatschappij in. Het was gewoon klaar.’’

H ij heeft er geen moment spijt van gehad. Ook niet als hij de drie jaar oudere Dennis Telgenkamp, van wie hij bij Cambuur de concurrentiestrijd won, nu in de eredivisie bij Emmen ziet spelen. ,,Ach... Soms denk ik wel eens: ‘wat als?’. Zo was ik in mijn tijd bij FC Groningen dicht bij een overstap naar PSV, maar ik bleef. Toen koos PSV voor Jeroen Zoet. Wat als ik een andere keuze had gemaakt? Waar had ik dan gestaan? Ik zal het nooit weten.’’

Cambuur

Nienhuis kijkt met een goed gevoel terug op zijn profcarrière. De mooiste tijd beleefde hij in Leeuwarden. ,,Het kampioenschap was het hoogtepunt. Zeker vanwege de manier waarop wij het deden. De trainer, Alfons Arts, werd ontslagen en Henk de Jong kwam voor de groep. We verloren het eerste duel nog van Almere en toen kreeg ik de voorkeur boven Telgenkamp. We wonnen daarna zeven keer op rij en werden op de slotdag kampioen.’’

Nienhuis speelde met Cambuur drie seizoenen in de eredivisie. Aan de derby’s tegen SC Heerenveen bewaart hij de fijnste herinneringen. ,,Thuis wonnen we twee keer en uit speelden we eens met 2-2 gelijk. Ik veroorzaakte in die wedstrijd de snelste strafschop ooit in de eredivisie. Ik heb dan wel niet het hoogste niveau gehaald, maar dat record staat toch maar mooi op mijn naam, ha ha.’’

H oewel De Jong hem de kans gaf en hij mooie momenten met de trainer beleefde, noemt hij Dwight Lodeweges als zijn beste trainer. ,,Hij was fantastisch, de beste trainer in alle opzichten. Meneer Lodeweges is zó rustig, wordt nooit boos, maar is wel duidelijk. Tactisch is hij geweldig. Bij Oranje zijn ze op zoek naar een vervanger voor Ronald Koeman, maar ik vind dat meneer Lodeweges het moet doen. Maar de media en het publiek willen vast weer een trainer met een bepaald verleden.’’

Lodeweges

Vanwege zijn bewondering voor Lodeweges doet het Nienhuis pijn om terug te denken aan de laatste dag van de oefenmeester bij Cambuur. ,,Er is toen een vies spelletje gespeeld. Lodeweges was rond met SC Heerenveen en er was een afspraak dat het pas na het seizoen bekend zou worden. Heerenveen maakte het al eerder bekend en ineens kwamen er die dag twintig boze, emotionele en doorgesnoven lui met bivakmutsen het veld op. Het is de enige keer dat ik Lodeweges heb zien rennen.’’

'Soms zeg ik tegen een boef dat ik Jelle ten Rouwelaar ben'

De invasie van het groepje ‘supporters’ was Nienhuis’ eerste ervaring met beveiliging, het vakgebied waar hij nu in werkt. Via zijn schoonvader kwam hij als cipier in de gevangenis van Veenhuizen terecht. ,,Ik vind het echt heerlijk om er te werken en met boeven om te gaan. Ik ben nu bewaker, maar ik wil ooit met die jongens iets met sport doen. Dat is toch iets waar ze zich voor inzetten en wat ze echt leuk vinden.’’

S oms zijn er gedetineerden die Nienhuis herkennen. ‘Ben jij niet die keeper?’ Meestal ontwijkt hij de vraag. ,,Of ik maak een geintje. Dan zeg ik tegen een boef dat ik Jelle ten Rouwelaar ben. Ik lijk wel een beetje op hem vind ik. ‘Oh, die van NAC’, zeggen ze dan. Weet je? Het blijven gevangenen, dus je wilt niet dat ze alles van je weten, al komen ze er vaak toch wel achter.’’

Leonard Nienhuis hoopt het cipierswerk tot zijn pensioen te kunnen doen. In het profvoetbal zullen ze hem in elk geval nooit meer zien. ,,Ik heb een mooie tijd gehad, maar het heeft ook zijn nadelen. Er wordt veel achter elkaars rug om gesproken. Eigenlijk is het gevangeniswereldje eerlijker dan het voetbalwereldje.’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct