De coronafeestjes zeggen veel over de tijdgeest. Veel mensen verwarren het recht om te feesten met vrijheid.

Met de voorjaarskriebels bloeien de coronafeesten op. Rijke elites in Frankrijk vermaken zich achter gesloten deuren, uit het zicht van het volk. Zij hebben de middelen om discretie te verzekeren in een web van wederkerige diensten. Alleen vervelend voor hen dat smartphones een camera hebben en slechts één click van dat dekselse internet verwijderd zijn.

Die private middelen hebben de meeste jongeren niet. Feesten lukt niet in veel te kleine woningen, buurthuizen zijn dicht en festivals afgelast. Het moet dus in publieke en voor iedereen zichtbare ruimtes, zoals parken, pleinen of de trein.

Wortels van verbondenheid

De coronafeestjes geven een inkijk in ons moderne onbehagen en schetsen een verhelderend beeld van de tijdgeest.

Feesten zijn natuurlijk van alle tijden, maar vroeger waren ze ingebed in het sociale weefsel en aan een groter geheel of hoger goed verbonden. Ze waren inclusief: voor alle generaties, levensfasen en culturen. Oogstfeesten, feesten voor bezwering en verering van geesten, overgangsrituelen en religieuze vieringen. Nog steeds vieren diverse volkeren overal ter wereld dat soort feesten.

In het Westen zijn feesten die wortels van verbondenheid en gezamenlijkheid kwijt. Ze zijn individueel vertier, consumptie en commercie geworden. Persoonlijk genot en je kunnen uitleven staan voorop, de rest is bijzaak. Al een jaar zien we de afvalbergen die feestvierders achterlaten in parken en natuurgebieden.

Feesten als continue consumptie

In podcasts van de Duitse radiozender Deutschlandfunk waren er vorig najaar boeiende gesprekken met dj’s, nachtclubuitbaters en organisatoren en bezoekers van rave parties en festivals. Opvallend was dat fervente feestgangers constateerden dat ze verslaafd zijn aan feesten.

Het is eerder een vlucht, dan dat het vervult – feesten als continue consumptie. De lockdown en het stilgevallen nachtleven waren voor hen een ware cold turkey : ineens moesten ze afkicken.

Dat consumptiemodel van snelle bevrediging, dat alle domeinen van ons leven is binnengedrongen, speelt in op de beloningssystemen in onze hersenen. We kunnen niet meer zonder de kick. Dat gaat zover dat mensen dat internaliseren in hun levenshouding: ‘Ik wil en doe waar ik nu zin in heb en niemand vertelt mij wat ik moet doen’.

Ze beschouwen dat als normaal en zelfs als een persoonlijk recht. Dat verwarren ze met claims over vrijheid. Solidariteit en geduld zijn ineens ver weg.

Verwonderen over het onvoorspelbare

De Duitse socioloog en filosoof Hartmut Rosa spreekt over de beschikbaarheid ( Verfügbarkeit ) van alles in ons leven. Overal en onbeperkt, zonder uitstel of belemmering. Hij stelt dat het neoliberale en wetenschappelijk-technologische maatschappijmodel alles op deze aarde exploiteerbaar, meetbaar, maakbaar, beheersbaar en voorspelbaar maken.

Rosa pleit voor meer onbeschikbaarheid in de wereld. Zodat we ons weer verwonderen en laten verrassen door het onvoorspelbare in een affectieve relatie met de ander (in de breedste zin). Hij spreekt over de nood aan Resonanz , het vermogen ons diepgaand met de omringende wereld te verbinden, te resoneren.

Veel jongeren, die alleen deze wereld van instant gratification , gemak en vermaak kennen, lijken niet in staat om andere actieve vormen van tijdverdrijf, zingeving en plezier te vinden. Vaak hebben ze dat niet geleerd, niet thuis en evenmin op school. Hun veerkracht, creativiteit, scheppend en oplossend vermogen worden in het onderwijs nauwelijks geprikkeld.

Nieuwe hobby's ontdekken

Toekomstvaardig worden vraagt meervoudige intelligentie, creativiteit om nieuwe ideeën te ontwikkelen, analytisch vermogen voor een juiste inschatting, praktische vaardigheden om ze om te zetten en wijsheid om te zorgen dat die ideeën de gemeenschap dienen. Buitenschools leren in uitwisseling met de echte wereld en met diverse rolmodellen en levensbreed en informeel leren verdienen meer aandacht.

De media-aandacht voor de coronafeestjes doet onrecht aan de vele jongeren en ouderen die wél van de nood een deugd maken en op creatieve, andere manieren plezier maken. Jongeren die vrijwillig actief worden, nieuwe hobby’s en vaardigheden ontwikkelen, kunst en natuur ontdekken, maaltijden bezorgen bij coronapatiënten, repareren en maken, bij de boer werken, scholieren bijles geven of activiteiten voor sport, spel, dans opzetten.

Weg van de slachtofferrol

Laten we wegkomen van die slachtofferrol (de lockdown treft ons allemaal, niet alleen jongeren) en samen de werkelijke uitdagingen aanpakken. Mensen van alle leeftijden moeten samen actief hun schouders zetten onder initiatieven voor positieve verandering en maatschappelijk engagement.

Dat vraagt echt leiderschap en politici die verder kijken dan het managen van de coronacrisis en niet krampachtig een economisch model in stand willen houden dat de houdbaarheidsdatum al ruim voorbij is.

Laten we de mouwen opstropen en samen aan de slag gaan. Zo kunnen we de komende seizoenen de vruchten plukken en hebben we genoeg te vieren.

Ans Rossy is pedagogisch ecoloog, verbonden aan een centrum voor ecologische educatie in Brussel.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
Opinie
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct