Jantien de Boer.

Tandarts

Jantien de Boer. FOTO ANNET EVELEENS

Uit de verte zag ik hem aankomen. Hij trok mijn aandacht omdat hij een geweldige, witte fluim in een strakke straal op de tegels liet landen. Knap, vond ik.

Samen stopten we bij de deur van de tandartspraktijk. ,,Ga jij maar eerst’’, zei ik. De twintiger knikte vanonder zijn capuchon en mompelde tegen de receptioniste, die middenin het gangpad achter een geïmproviseerd corona-loket zat, dat hij een afspraak wilde maken.

Oei, antwoordde ze. Dan moest hij bellen. ,,Dat lukt niet’’, zei de jongen die er bij nader inzien nogal haveloos uitzag. ,,O maar u kunt ook mailen’’, tipte de receptioniste. De knaap liep geknakt naar buiten.

Pas toen ik dertig seconden later verplicht mijn mond stond te spoelen, de balie-dame hield de tijd bij, daalde het besef in. De jongen was natuurlijk al jaren niet geweest. Die had zijn eindelijk zijn angst overwonnen en nu was het de vraag of hij terug zou komen.

Ik zond een schietgebedje naar het hagelwitte systeemplafond en hoppekee daar kwam de verdoving

Ik spuugde in de wasbak en nam plaats naast een oudere meneer. Zijn telefoon ging, hij had een beltoon met snerpende elektrische gitaren. Het duurde best lang voor hij het apparaat uit zijn broekzak had opgediept.

,,Joooaaaaah’’, zei hij. Hij had de tandartsassistent aan de lijn die wilde weten waar hij bleef. Met slepende tred ging hij richting bekkenbeul. En hee ik was ook al aan de beurt.

,,Ik heb al afscheid genomen van mijn kies hoor’’, zei ik tegen de tandarts. ,,Nou, ik hoop de kies ook van jou’’, antwoordde ze.

Ik zond een schietgebedje naar het hagelwitte systeemplafond en hoppekee daar kwam de verdoving. Of zoiets. Ik voelde niks.

,,Jullie hebben nu zeker veel dunnere naalden dan vijfentwintig jaar geleden’’, wilde ik weten. ,,Nee hoor, ik neem gewoon de tijd’’, zei de tandarts. Ze gaf het weefsel de tijd om te wijken, legde ze uit, en spoot lekker langzaam de vloeistof naar binnen.

Ik lag met mijn wang tegen haar witte jas. Net toen ik me afvroeg of het wel goed kwam, vroeg ze om een pincet. Het was volbracht.

En ja hoor, ik mocht mijn ouwe kies, waarvan de helft eerder in een karamel was blijven hangen, best in een plastic zakje mee naar huis nemen, maar eerst borduurde ze nog even het gat in mijn mond dicht. Ze hield een lange draad boven mijn hoofd, binnenin voelde ik het vlees strak trekken.

Ik was een beetje euforisch. ,,Ik ga overal reclame voor je maken’’, beloofde ik. ,,Blaas eens en knijp eens in je neus?’’, vroeg ze onverstoorbaar. Daarna kreeg ik een gaasje op de wond en moest ik een half uur lang mijn tanden op elkaar houden. ,,Haal het straks maar niet in het openbaar uit je bakkes’’, tipte ze.

Thuis vroeg W. of ik ook een kanjer-diploma had gekregen. Hij had er een tijdje geleden, bij zijn eigen tandarts, zelf om gevraagd. Het diploma, met een foto van een lachende aap erop, hing boven zijn bureau. Hij was er nog steeds trots op. Ik zei van niet en voelde aan de kies in mijn jaszak. ,,Ga je hem in zilver laten zetten en aan een ketting om je nek doen?’’, vroeg A. die ik via de app op de hoogte had gebracht.

Mmmm. Als sexy amulet tegen karamels. Misschien wel.

Jantien.de.boer@lc.nl

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct