Reizen door woorden

Anne-Goaitske Breteler. FOTO LC

Rond deze tijd van het jaar vier ik traditiegetrouw met een deel van mijn familie vakantie in Turkije. Beppe Janke gaat altijd mee.

Ze houdt van reizen, ver weg – Oezbekistan of India – en dichterbij. ’s Zomers toert ze bijvoorbeeld graag samen met haar man, mijn pake Sytze, door het Oostblok. De kampeerplannen in het buitenland zullen dit jaar niet doorgaan. Toch lijken ze op een andere manier invulling te kunnen geven aan hun reislust.

Als ze niet onderweg zijn, bewonen ze het oude schoolhuis in Driesum. En als zij thuis zijn, is er vaak familie te vinden. Voornamelijk om de gezelligheid, maar ook om bijles te krijgen van pake; het oud schoolhoofd, of om de populaire ‘riis mei saus’ te eten. Wie via de keuken naar binnen loopt, ziet direct de grote muur van boeken opdoemen. Met hun pensioen moeten ze financiële keuzes maken, maar op literatuur wordt vrijwel nooit bezuinigd. Het is dan ook niet zo gek dat de kasten in de woonkamer, slaapkamer en op de bovenverdieping jaarlijks door familie, maar ook door scholieren uit de buurt worden geraadpleegd.

Vroeger ging ik erheen om te ‘lezen voor de lijst’: Haasse, Mulisch, Multatuli. In stapels werd het me uitgeleend. Daarna voor mijn studie: Arendt, De Beauvoir, Foucault. Afgelopen zondag introduceerde ik mijn vriend tot de befaamde familiebibliotheek. Hij zocht iets over de Dokkumer wetenschapper Gemma Frisius en hoefde het trefwoord maar te noemen of pake viste zo twee exemplaren uit zijn ingeprente catalogus.

Ondanks de luxe positie die wij hebben met de voorraad boeken van pake en beppe, slaat de ‘ontlezing’ ook in onze familie toe. Bij de generatie van mijn ouders gaat het nog goed, maar die daarna wordt problematisch. Mijn broertje las voornamelijk samenvattingen om een voldoende voor het literatuuronderdeel van Nederlands te halen. En ook ikzelf legde regelmatig een boek opzij, om het in te ruilen voor een drankje in de stad, Netflix of een dergelijk excuus.

Toch ben ik de laatste tijd weer fanatiek aan het lezen en cijfers tonen aan dat ik niet de enige ben. Uit onderzoek van het CPNB (Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek) komt naar voren dat ruim de helft van de Nederlandse consumenten tijdens de coronacrisis boeken leest en luistert. Daarmee is lezen net zo populair geworden als serie- of filmstreamingsdiensten. In onze buurlanden gebeurt hetzelfde, volgens de Volkskrant . Misschien nog wel beter. Zo verkochten Duitse apothekers en slagers – die tijdens de lockdown wel open mochten blijven – op bestelling voor de boekhandelaren uit de buurt.

Misschien dat we zo met de ene crisis de andere nog enigszins bestrijden. We kunnen nu misschien niet naar andere plaatsen afreizen, maar boeken bieden ons evengoed een mogelijkheid tot inzicht en relativering. ‘Lezen is denken met andermans hoofd’, zei Schopenhauer. Nu we in het coronatijdperk leven, blijkt die behoefte groot te zijn. Helaas gaat de vakantie naar Turkije niet door dit jaar. Maar gelukkig kan ik in ieder geval nog wel met beppe naar de boekwinkel in Dokkum.

agbreteler@gmail.com