Opinie: Onzorgvuldigheid rond zonneparken

Het zonnepark bij Garyp. ‘Aan projecten in gebieden waar een combinatie mogelijk is met bijvoorbeeld bedrijventerreinen, snelwegen, of een voormalige vuilstort zoals in Garyp, geven wij de voorkeur.’ FOTO MARCEL VAN KAMMEN

Bij de aanleg van zonneparken in het Friese landschap wint snelheid het vaak van zorgvuldigheid.

Vanaf 2050 wil Fryslân onafhankelijk zijn van fossiele brandstoffen. Hiervoor is een overgang naar duurzame energie nodig. Deze overgang is een omvangrijk proces. De leefomgeving zal hierdoor zichtbaar veranderen.

Als Friese Milieu Federatie (FMF) zijn we van mening dat tijdens deze transitie zorgvuldig moet worden omgegaan met de belangen van de Friese inwoners, natuur en het Friese (cultuur)landschap. We merken echter dat de snelheid van realisatie vaak voorrang heeft boven een zorgvuldig proces. Reden hiervoor is dat er aan de realisatie deadlines zijn verbonden vanuit de subsidie Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE).

Binnen drie jaar na toekenning dient een park gerealiseerd te worden, terwijl een zorgvuldig proces vaak jaren duurt. Ook zien we dat door de vele projecten in voorbereiding het huidige elektriciteitsnetwerk begint vol te lopen. Gevolg is dat er een ratrace ontstaat wie het eerst een aansluiting mag krijgen op het net. Daar worden projecten die zorgvuldigheid verkiezen boven kortetermijnbelang de dupe van. We pleiten ervoor deze projecten hogere prioriteit te geven, onder meer bij het toekennen van de SDE.

Om te beoordelen welke projecten voorkeur genieten, hebben we De Friese ZonneWIJzer ontwikkeld. Voor alle duidelijkheid: het plaatsen van zonnepanelen op daken heeft bij ons altijd de voorkeur boven de realisatie van zon op land. We beseffen heel goed dat er uiteindelijk ook parken op land zullen moeten worden gerealiseerd.

Landschap

Wanneer nut en noodzaak aangetoond is voor zon op land, dan is voor ons het uitgangspunt dat de zonneparken meerwaarde bieden voor natuur, landschap en omwonenden. Daarbij hanteren we acht principes. Het eerste en leidende principe is dat het Friese landschap centraal staat bij de ontwikkeling van zonneparken. Een project in het coulisselandschap ziet er heel anders uit dan in een veenweidegebied of in open gebieden. Ook aan projecten in gebieden waar een combinatie mogelijk is met bijvoorbeeld bedrijventerreinen, snelwegen, of een voormalige vuilstort zoals in Garyp, geven wij de voorkeur.

Natuurgebieden en weidevogelkerngebieden zijn uit den boze. Er zijn genoeg voorbeelden waar de biodiversiteit profiteert van een zonnepark. Dat heeft te maken met de locatiekeuze, maar ook met de wijze waarop het park wordt ingericht en gecombineerd met nieuwe natuur.

Ook zien we mogelijkheden om zonne-energie te combineren met de veenweideopgave waarbij uitgangspunt is dat gebieden worden vernat door het verhogen van het (grond)waterpeil. Dat vereist wel een integrale ontwerpopgave waarbij alle facetten, zoals de impact op biodiversiteit en het veenweidelandschap, worden meegenomen.

Lokaal eigendom

Ook vinden wij lokaal eigendom van een park erg belangrijk. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat voor het grootschalige opwekken van duurzame elektriciteit op land gestreefd wordt naar 50 procent eigendom van de lokale omgeving. In de ZonneWIJzer wordt deze afspraak onderstreept. Zonneparken die voor tenminste 50 procent eigendom zijn van een lokale coöperatie of vereniging leveren lokale opbrengsten op. Deze opbrengsten kunnen vervolgens worden geïnvesteerd in de lokale economie, projecten van de Mienskip en het herstel van biodiversiteit en landschap.

We hebben de zonneWIJzer aangeboden aan provincie en gemeenten en hen gevraagd om de uitgangspunten te verankeren in het omgevingsbeleid. Momenteel wordt een Regionale Energie Strategie door deze overheden opgesteld. De eerste versie is over enkele maanden klaar . Dan zal blijken of en op welke wijze gemeenten en provincies sturing op zorgvuldigheid prefereren boven het kortetermijnbelang.

Een zorgvuldige en doordachte overgang van fossiele naar duurzame energiebronnen biedt Fryslân naar ons idee vele kansen. Als zonne-energie goed wordt ingepast in het landschap levert dit een plus op voor de Friese Mienskip. Het is van belang dat deze kans wordt gegrepen. De FMF doet graag mee.

Hans van der Werf is directeur van de Friese Milieu Federatie