Als de trendwatchers het goed zien, krijgen we komende zomer een explosie van kooplust. Al die opgepotte centen van gevaccineerde mazzelaars met vaste inkomens moeten ergens landen.

Het gaat om veel geld. In het eerste coronajaar dikten de spaarrekeningen van Nederlandse consumenten met 41 miljard euro aan. Ter oriëntatie: een jaar eerder werd er ‘slechts’ 21 miljard euro achteruitgezet.

Wanneer Nederlanders dit jaar opnieuw niet of nauwelijks naar het buitenland op vakantie kunnen of durven, komt er zomaar 16 miljard euro bij die een bestemming zoekt. Een uitgelezen kans voor de binnensteden, die zwaar getroffen zijn door de lockdowns. Het binnenstedelijk toerisme was voor corona al in opmars en niets duidt op een kentering. Integendeel: in de sociaal schrale coronatijd lijkt de behoefte aan energieke ontmoetingsplaatsen alleen maar gegroeid.

Het is goed om te bedenken dat de Friese elf steden niet automatisch hoog op de reislijstjes staan. De elf zijn in concurrentie met al die andere beminnelijke stadjes in Nederland die óók grenzen aan prachtig buitenwater, bos- of duingebied.

De grote truc is gasten te verleiden tot overnachten. Dan geven ze veel meer uit dan wanneer ze een dagje op en neer gaan naar Dokkum, Sneek of Harlingen. Bij voorkeur moeten de slapers niet-Friezen zijn, want in dat geval stroomt er ‘vreemd’ geld de provincie in.

In 2018, toen Leeuwarden Culturele Hoofdstad van Europa was, lukte dat goed. Hotels en culturele instellingen maakten arrangementen, voerden goede campagnes (met het Fries Museum als absolute voortrekker) en wisten de bedden beter dan ooit beslapen te krijgen. Niemand sprak nog over overbewinkeling of een horeca-overschot in Leeuwarden. Er was dankzij de extra aanloop genoeg klandizie.

Punt is natuurlijk dat de belangrijkste smaakmakers van de binnensteden, winkels, horeca en cultuur, tot op het bot vermagerd zijn. Er staat een hoop op omvallen en de zomeragenda’s van de culturele instellingen zijn bijna leeg. De persconferentie van gisteravond bood voor de winkeliers een klein beetje perspectief (winkelen op afspraak), maar voor de horeca en de culturele sector absoluut niet.

,,Straks komen hier allemaal mensen die van vrienden hebben gehoord dat we zo’n leuke, vriendelijke stad zijn met leuke winkeltjes en lekker eten, en dan zien ze hier allemaal gaten… dan kunnen we de verwachtingen niet waarmaken’’, zei een winkelier vorige week toen deze krant een serie reportages maakte over de binnenstad van Leeuwarden.

Hier ligt de grote uitdaging. Op korte termijn is er behoefte aan een nieuw soort corona-verantwoord vertier dat gasten naar de Friese binnensteden trekt die wat uit te geven hebben. Hoe en wat? De jongste generatie is nu aan zet. Het is hopen op een zelfde soort creativiteit bij hen als bij de generatie die voor ‘Leeuwarden 2018’ de macht greep.

Op iets langere termijn moeten binnensteden nieuwe rollen zoeken en spelen. Door de eeuwen heen zijn er altijd rolwisselingen geweest, dat zou deze keer ook moeten lukken. Baukje de Vries, moeder van de Leeuwarder horeca, gaf zaterdag in deze krant waardevolle aanzetten.


Het commentaar is een dagelijkse rubriek waarin de Leeuwarder Courant reageert op actuele ontwikkelingen. Reageren? Gebruik de reactiemogelijkheid onder dit artikel of mail naar commentaar@lc.nl .

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
Commentaar
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct