FOTO

Oordeel niet te makkelijk over gedrag van de bestuurders in de oorlog

FOTO ANP/ROOS KOOLE

‘Goed dat de PKN schuld belijdt’, kopte deze krant vandaag (vrijdag) een week geleden op de voorpagina. Het was een citaat van dominee Wim Beekman. Hij reageerde op het nieuws dat de Protestantse Kerk in Nederland (de PKN) een hard oordeel velt over de houding van de leiders van de kerk tijdens de Duitse bezetting. Ze hadden zich veel sterker tegen de vervolging van de Joden moeten uitspreken. ‘Het had beter gekund en gemoeten,’ vindt Beekman.

René de Reuver, secretaris van de PKN, oordeelt dat de leiding van toen ‘onvoldoende is opgestaan tegen het kwaad’. Daarom zal de kerk ‘schuld belijden’.

Mooi, die kerkelijke taal. De dominee die afgelopen zomer in een Fries dorp weg moest na een hoog opgelopen conflict met zijn kerkenraad, werd ook niet ontslagen, ‘maar van zijn gemeente losgemaakt’.

Eerlijk gezegd was het mij ontgaan dat de Gereformeerde Kerk fout was in de oorlog. In de gereformeerde zuil lazen we boeken van Anne de Vries en K. Norel over mensen die juist door hun geloof in verzet kwamen tegen de nazi’s. Mijn eerste echte baas (zo noemden we hem ook) was Pieter Wijbenga, chefredacteur bij het Friesch Dagblad . Verzetsman van het eerste uur en zeer gereformeerd. Bij het netwerk in Friesland voor de hulp aan Joden speelden de kerken met hun vertakkingen in de samenleving een sleutelrol. In de familie waren er ooms en tantes die Joodse onderduikers onderdak hadden gegeven. Ze gaven gehoor aan de oproep vanuit de kerk. Moedige, principiële mensen die het diepste respect verdienen. Maar, zo begrijp ik nu, ze zaten in een kerk waarvan de leiding die niet deugde.

De reacties uit de Joodse gemeenschap op de schuldbekentenis waren positief. Toch wringt het, zo’n oordeel van kerkleiders van nu over wat hun voorgangers ruim 75 jaar geleden deden of juist nalieten. Kunnen de generaties van na de oorlog bestuurders van toen wel de maat nemen? De omstandigheden waren immers totaal anders. Zo’n vijftien jaar geleden bezocht ik met twee collega’s het Holocaust Museum in Washington. Je stapt naar binnen met het idee dat je wel weet wat je te wachten staat. Genoeg over de Jodenvervolging gezien en gelezen. Maar het museum bleek een keiharde confrontatie met wat er toen in Europa gebeurde. We waren alle drie kapot toen we weer buiten stonden.

Bij de reflectie op wat we hadden gezien, kwam het gesprek ook op de vraag wat we zelf in zo’n situatie hadden gedaan. Zouden we met onze stevige opvattingen over de functie van de journalistiek vanzelf bij de illegale pers terecht zijn gekomen? Daar kun je niets zinnigs over zeggen.

Je kunt je onmogelijk voorstellen hoe het is om te werken onder een ijzingwekkend wrede dictatuur. Wat doet het met je als je met ‘principiële keuzes’ martelingen, concentratiekampen en vuurpelotons riskeert.

loading

De schuldbelijdenis van de protestantse kerken is goed voor de landgenoten die nu nog lijden onder wat er toen is aangericht in hun gemeenschap, hun families. Dat waren ook de excuses die premier Rutte begin dit jaar bij de Auschwitzherdenking uitsprak. Wat kan er dan op tegen zijn? Niets, maar hou het wel bescheiden. Probeer er geen goede sier mee te maken. Moed is er niet voor nodig om in alle vrijheid over de bezettingsjaren te vergaderen. Straks gaan wij van na de oorlog nog denken dat we toch van een betere soort zijn dan de verantwoordelijken van toen. In meerderheid deugdzame Nederlanders die in de donkerste jaren uit onze geschiedenis tastend in het duister tastend een weg moesten vinden.

Rimmer Mulder, oud-hoofdredacteur Leeuwarder Courant

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct