Wieberen Elverdink.

Ook heit Wieberen kan nu hachee maken

Wieberen Elverdink.

Soms beland je in een situatie waarin je denkt: als ik dit thuis vertel, geloven ze me nooit.

Welnu, dat had ik gisteren, toen ik mezelf pardoes terugvond aan een kolossaal aanrecht in Stiens, terwijl ik lustig en frivool fijngesneden tijmblaadjes sprenkelde over een vriendelijk pruttelende pan uienstoof.

Ik, de fornuismijder. De culifoob. De absolute anti-kok, die opgewarmde bruine bonen met spek en appelmoes tot zijn pièce de résistance rekende en de telefoonnummers van alle snackbars en afhaalchinezen binnen een straal van 15 kilometer uit zijn hoofd kende.

Diezelfde persoon - ze zouden me nu eens moeten zien, zo zwierend met tijm, dartel doch beheerst, alsof ik nooit anders had geda...

,,Ja, hooo mar!’’

Na de tijm voegde ik op Yvonnes aanwijzingen gedwee kruidnagelpoeder, laurierblaadjes en bruine suiker toe aan de kruidig dampende uienmassa voor me

Daar greep Yvonne in, vanachter het gasstel tegenover mij, aan de andere kant van een groot plexiglazen scherm. ,,Sa is it wol genôch­­. Of jim moatte thús sljocht op tijm wêze.’’

Yvonne is eigenaresse van De Slinerij, een kookstudio die vernoemd is naar het geweldige Friese woord voor ondeugend snoepen uit de pan, ‘ sline ’ - niet te verwarren met het Nederlandse ‘snaaien’. ,,Want dat is wat negativer.’’

Toen ik een paar weken geleden op deze plek de hachee van mijn moeder bezong en uiteenzette over mijn voornemen om dat gerecht – met al mijn culinaire beperkingen - ook onder de knie te krijgen, werd ik door u, ui-minnende lezer, overladen met recepten en adviezen, waarvoor veel dank.

Yvonne reageerde ook, met een uitnodiging om me te leren die suddersymfonie van ui en riblap zelf te componeren, in haar rijk geoutilleerde kookuniversum aan de Langebuorren.

Alle coronaprotocollen die ze had opgesteld ten spijt: de activiteiten in de studio stonden al lange tijd gedwongen op een laag pitje, vertelde ze. Yvonne miste de bedrijfsuitjes, de vrijgezellenfeestjes, de buurtborrels in De Slinerij. Ze miste hoe die gezelschappen zich daarbij eerst met lichte schroom aan het fornuis zetten, maar gaandeweg vertrouwen tankten, waarna zo’n sessie eindigde in een uitbundig bourgondisch samenzijn aan een lange tafel, met klinkende glazen, gloeiende wangen en afgewaaide praat.

Ze miste haar rol daarin, als gastvrouw en gangmaker.

Maar wat moest ze dan?

Yvonne besloot zich als kookvrijwilliger aan te melden bij een hospice in de stad. Ze schotelde de oudere bewoners hachee voor, en boerenkool en snert – de nostalgische pot. Met die keuze legde ze de lat voor zichzelf hoog. ,,Want by eltsenien makke mem dat froeger ek. En altyd wie dat fan mem fansels it alderlekkerst.’’

Toch schatten de hospicebewoners haar hachee op waarde. Lachend: ,,Mines kaam yn ’e buurt. Ik mocht bliuwe.’’

Na de tijm voegde ik op Yvonnes aanwijzingen gedwee kruidnagelpoeder, laurierblaadjes en bruine suiker toe aan de kruidig dampende uienmassa voor me. Daarna lieten we het gerecht verder over aan het samenspel van tijd en temperatuur. Het resultaat nam ik mee, als verrassing, in een emmertje waarin eerst boerenyoghurt had gezeten.

Die avond schepte mijn oudste (12) als eerste op. Hij nam een klein lepeltje, liet het hapje even rusten in zijn mond en zette zijn meest kritische Robèrt van Beckhoven-gezicht op.

,,Heel anders dan de hachee van beppe’’, zei hij bedachtzaam.

,,Maar bíjna net zo lekker.’’

wieberen.elverdink@lc.nl

Twitter: @WElverdink

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
Column
Instagram
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct