Jantien de Boer

Neusgaten

Jantien de Boer FOTO ANNET EVELEENS

Kappers moeten inderdaad op de lijst van vitale beroepen, dacht ik woensdagavond, toen ik Gerri Eickhof in het journaal zag. Geen idee waar hij het over had.

Ik keek alleen maar naar zijn weelderige pannenspons-haar. En naar de witte afdruk van wat een skibril moet zijn geweest, dwars over het bovenste deel van zijn gezicht.

Zou Gerri hebben gezeild, vroeg ik aan W. Maar W. luisterde wel naar Gerri. Die vroeg of ik alsjeblieft even stil wilde zijn.

Diezelfde avond las ik een stuk in de Volkskrant, over de video-vergader-etiquette. Ook achter onze eigen bureautjes dienen we ons zo professioneel en bezienswaardig mogelijk te presenteren, stelde een expert.

Voor je inlogt moet je tenminste je haar kammen, getinte dagcreme opsmeren en overtollige talg afdeppen met blotting paper , las ik.

(Geen paniek, een blotting paper is een matterend wegwerp-papiertje voor glim-noodgevallen.)

Ik herinnerde me mijn videovergaderingen van de afgelopen weken. Ik had niet de indruk dat ook maar iemand had nagedacht over zijn glimmende T-zone (Nee niet panikeren nu, de T-zone is gewoon het probleemgebied van je voorhoofd, neus en kin).

Vaak ook leek de camerahoek toevallig te zijn gekozen. Ik keek in neusgaten, ik zag poriën die me nooit eerder waren opgevallen en vlekjes die misschien tijdens de coronacrisis waren ontstaan.

Rechts in beeld, in het postzegeltje van mezelf, was het overigens ook een en al ongerief. Op het aanrecht achter me likte de poes een bord af, mijn wenkbrauwen waren verdwenen en mijn haar hing vuilgrijs langs mijn oren.

Daarom zei ik meestal maar niks om niet onnodig de aandacht op mijn particuliere wildernis te vestigen en ik denk dat ik de komende weken lekker blijf zwijgen omdat ik een beetje ibbel werd van de vergadertips in de Volkskrant.

Zwarte kleding kan ‘zompig’ ogen, las ik. En oorbellen en horloges geven een gekleed en verzorgd effect.

Een witte achtergrond kan blauwige vlekken in het gezicht veroorzaken, leerde ik, en een boekenkast is ongeschikt omdat kijkers dan onwillekeurig titels proberen te ontcijferen en het beschamend is als ze ‘En toen kwam jij, Annemarie!’ van de romantische schrijfster Leni Saris zien staan.

Ik raakte overprikkeld van alle wenken. En ineens herinnerde ik me een passage uit een boek van de Amerikaanse schrijfster Eve Ensler dat bij mij in de kast staat.

Ensler bezocht sportscholen in Mumbai, New York en Moskou en werkelijk overal klaagden vrouwen over hun lichaam en hun rimpels.

,,Ik heb botuline laten inspuiten, een gram daarvan kan miljoenen mensen doden’’, zei een botoxdame tegen Ensler. ,,Met mijn gezicht zou ik heel Manhattan kunnen uitmoorden.’’

Ik vermoed dat ze er perfect uitziet tijdens videovergaderingen. Zij wel. Maar stiekem koester ik de neusgaten van mijn collega’s en de pannenspons van Gerri. Niet alles is maakbaar. Fuck dat imago.

jantien.de . boer@lc.nl

menu