Pieter de Groot.

Harje | Alles komt goed

Pieter de Groot. FOTO LC

Deze week voor het eerst sinds de Covid-19-uitbraak weer in De Harmonie geweest, die voortaan geen stadsschouwburg meer mag heten, maar theater- en muziekcentrum, omdat de nieuwe directie meer aan muziek wil doen. ,,Als je het beestje een naam geeft, ga je er ook naar handelen’’, zei directeur Marijke van der Woude bij de aanvang van wat normaal een nieuw theaterseizoen zou zijn geweest ( LC 10 september). Ik heb nog niemand gehoord of gelezen die bezwaar maakte tegen de nieuwe omschrijving. Vindt iedereen het wel prima of moeten we het wijten aan coronamoeheid? Ik vind het nog net geen gevalletje ‘Zeesluis IJmuiden’, maar het scheelt niet veel. Weer een centrum, hoe verzin je het?

Maar laten we de directeur, die volgens de nieuwste stroming feministen weer directrice moet heten, niet te zwaar vallen. Er wordt toch al veel gevraagd van haar improvisatiekunst in deze cultureel rampzalige tijd, die voor de gemeente op den duur één probleem zal oplossen. Nu De Harmonie meer dan een programmeur aantrekt, waaronder een muziekprogrammeur, lijkt een directionele fusie met overbuur Neushoorn, exclusief gebouwd voor (pop)muziek, onontkoombaar geworden. Overigens, als het toneelaanbod niet onder de muziek hoeft te lijden, is mij de naam om het even.

Deze week vonden theater en muziek elkaar in de prachtige voorstelling Alles komt goed van het muziektheatergezelschap Orkater, die, om toch zoveel mogelijk liefhebbers te kunnen bedienen, vier maal werd gespeeld. Dinsdagavond om 7 uur en om half 10 en woensdagavond opnieuw. De spelers annex muzikanten was maar een korte pauze gegund, maar daar was niets van te merken. Het plezier eindelijk weer te kunnen spelen spatte ervan af. Het stuk, een bewerking van Albert Camus’ roman De pest uit 1947 kon niet actueler, al waren de schrijvers Geert Lageveen en Leopold Witte oorspronkelijk wat anders van plan geweest. Geïnspireerd door Rutger Bregman, die op zijn beurt geïnspireerd door Peter Kropotkin het boek De meeste mensen deugen schreef, wilden zij een voorstelling maken over het gedrag van mensen in crisis. Toen die crisis zich plotseling als corona openbaarde, dienden zich allerlei nieuwe vragen aan en vonden zij in het meesterwerk van Camus de antwoorden.

De overeenkomsten blijken treffend. De reacties, nadat de stad na de uitbraak hermetisch is afgesloten en in complete lockdown gaat, gaan van ongeloof en paniek geleidelijk naar berusting en saamhorigheid. Toch, als de vijand is verslagen, oftewel het serum/vaccin is gevonden, is het misschien weer ieder voor zich. We putten hoop uit de conclusie van de hoofdpersoon in het stuk: ‘Er valt in de mens meer te bewonderen dan te verachten’.

De volgende dag mailde De Harmonie ons haar enquête: hoe hadden wij haar RIVM-maatregelen ervaren? Wel, voorbeeldig! Uitgerust met de ons al vertrouwde mondkapjes waren wij keurig een voor een dan wel paar voor paar naar onze stoelen begeleid, waar we de mondkapjes mochten afdoen en moesten blijven zitten tot we na afloop van de voorstelling met mondkapje weer uitgeleide werden gedaan. Staand applaudisseren was er niet bij en dat zou met dertig man ook tamelijk potsierlijk zijn geweest. Kortom, het absurdistisch theater voltrok zich ditmaal niet op het podium, maar daarbuiten. Hopelijk komt alles snel weer goed.

harje.lc@gmail.com

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct