Een Rotterdammer in Leeuwarden | Vakantie (1/2)

Daniël Coenen. FOTO JAN DE GROEN

Daniël Coenen verhuisde onlangs samen met zijn gezin van Rotterdam naar Leeuwarden. Hoe beleven zij de overstap van de Randstad naar Friesland? In een wekelijkse column vertelt hij de komende tijd over wat hij meemaakt. Vandaag deel 7: Vakantie (1/2).

Vrienden van ons verblijven dit voorjaar in Zuid-Afrika. Die willen we bezoeken. Met z’n tweeën - een cadeautje aan onszelf na de stichting van ons mooie gezin. Maar door corona gaat het niet door. Het alternatief blijkt een midweek Twente. Waar trouwens voor het eerst het woord ‘Leeuwarden’ valt.

Dit najaar willen we met z’n vieren naar Thailand. Mijn partner is na ruim vijftien jaar opleiding eindelijk klaar met haar specialisatie. Een intensieve loopbaan wacht. De oudste gaat in 2021 naar school. Een goed moment voor een mooie vakantie. Maar door corona gaat dit niet door.

Het alternatief: een midweek Appelscha en komende dagen Ameland. Een verkenningstocht in de nieuwe thuisprovincie.

’s Woensdags stappen we op de fiets. Kinderen naar de crèche (waar opa en oma ze zullen ophalen) en wij zuidoost richting een ‘wold’ bij Appelscha aan de Fries-Drentse grens. Toeristische route: pak ‘m beet 65 kilometer.

Het idee is met vakanties: je maakt je hoofd helemaal leeg en komt geestelijk opgeruimd thuis. Maar het idee is ook: de frisse lucht van een andere omgeving trekt dieper borrelende gedachten uit je binnenste omhoog. En zo gebeurde het dat dit helemaal geen vrijblijvend fietstochtje werd, om meerdere redenen.

We fietsen Leeuwarden uit via het oosten, langs de golfbaan. Passeren Tytsjerk en Burgum naar Drachten en zo verder. Het bekende beeld van weilanden, boerderijen en kerktorens. Ik betrap me erop dat ik mezelf voortdurend toejuich: ,,Wat is het toch fantastisch dat ik hier woon!” Ik bedoel, dat vind ik ook, maar dit is wel erg geforceerd. Waarom?

Bij zo ongeveer elk huis dat we passeren, stellen we de vraag: zouden we hier willen wonen? Mooi uitzicht. Oud huis. Groot huis. Veel stalruimte. Goede grond. Mest stinkt. Kop-hals-romp. Pastorie/notaris/dokterswoning. Alle smaken komen voorbij. Station niet ver weg. Goh, zelfs twee supermarkten. Zagen we deze niet op Funda? Om gek van te worden.

Donderdag de wandelschoenen aan. Met m’n telefoon maak ik foto’s, volgen we de route en check ik mijn mail. Vacatures? Netwerkreacties? Pffffff. ’s Avonds, na de thuisbezorgde pannenkoeken, lees ik een boek over samen carrière maken én gelukkig worden. Ik haak definitief af.

Zelfdiagnose: ik heb behoefte aan berusting. Op televisie treffen we een zoveelste herhaling van Friends. Hèhè, verlichting, dat scheelt.

Vrijdag huiswaarts. Wind in de rug. Na Beetsterzwaag en Earnewâld zien we in verte de Achmeatoren. Leeuwarden, nu ons thuis. De Schrans voelt al vertrouwd. Berusting dus. Aan de slag ermee. Of gaat dat vanzelf? Komende week uitwaaien op Ameland.

Reageren? daniel_coenen@hotmail.com

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
Column
Instagram