Dichter bij de held

Anne-Goaitske Breteler. FOTO LC

Terwijl ik laatst bij mijn ouders aan tafel zat te koffiedrinken, stormde mijn zeventienjarige broertje ineens de kamer binnen.

,,Jo, Martin Garrix is hjir yn Nes! Serieus wier!” Via een klasgenoot uit het dorp had hij een appje ontvangen, waarna ook hij direct de tamtam in werking zette. De wereldberoemde dj Martijn Garritsen bleek inderdaad in een van de luxe woonboerderijen vlak bij de zeedijk vakantie te vieren met zijn vrienden. Hij zou daar nog minstens twee weken verblijven.

De reactie van mijn broertje is antropologisch gezien interessant. Hij is absoluut geen fan van de muziekstijl die de dj maakt – luistert liever naar Pink Floyd of The Dire Straits – maar toch roept de aanwezigheid van de grote bekendheid een soort opwinding bij hem op. En heel eerlijk gezegd; toen ik later die week ging wandelen met mijn moeder, besloten we toch ,,efkes om it hoekje te sjen” bij de boerderij waar inmiddels ook kickbokser Rico Verhoeven was gespot.

Dat we niet de enigen waren, hoorden we al van ver. Groepjes pubers uit de buurt verzamelden zich aan weerskanten van de boerderij, boven op de zeedijk en langs het fietspad om een glimp van de bekende Nederlanders op te kunnen vangen. Af en toe lukte dat, want op Instagram verschenen al snel foto’s van de gelukkigen naast hun idool.

Beroemdheden en de relatie tot hun publiek zijn volgens journalist Rutger Bregman zelfs in de klassieke oudheid terug te vinden. Hij schrijft in de NRC dat Achilles ons bijvoorbeeld al leerde: ,,Liever roemvol sterven, dan roemloos leven’’. De toewijding van een groep voor een individu is binnen de antropologie een belangrijk thema. Zo werk ik momenteel aan een tentoonstelling in het Tropenmuseum waar de rol van sjamanen en andere heelmeesters aan bod komen. Ook daar zien we dat bijvoorbeeld een sjamaan een bijzondere status toegedicht krijgt door de gemeenschap waartoe hij behoort.

Vroeger werd een heldenstatus vooral op grond van religie toegekend, maar in de moderne tijd gebeurt dat op basis van andere criteria: de prestaties die iemand levert, hoe iemand eruitziet, het talent of juist de talentloosheid van een persoon. De mensen die wij rekenen tot ‘idolen’ geven ons een bepaalde seculiere zingeving: zij vertellen ons iets over onszelf en hoe wij in verhouding staan tot de beroemdheid. Juist de afstand daartussen geeft het contrast tussen beide levens weer.

Door de media veranderen onze idolen snel, de toevoer van nieuwe sterren aan het firmament is eindeloos. Volgens Bregman hebben we daardoor ook te maken met een ‘heldeninflatie’. We idoliseren er maar op los. Beroemdheid hoeft niet meer uit te gaan van kwaliteit, het kan ook bestaan bij de gratie van het beroemd zijn. In de groep rondom Martin Garrix in Nes zullen ongetwijfeld fans hebben gezeten, maar waarschijnlijk ook een ander soort publiek dat eindelijk de afstand tussen een wereldster en hunzelf verkleind ziet worden. In feite is er dan weinig veranderd tussen de Oude Grieken en nu. Een tribune: zeedijk of Colosseum en een held: Martin Garrix of Achilles.

agbreteler@gmail.com