Anne-Goaitske Breteler.

De sterke weakeling

Anne-Goaitske Breteler. FOTO LC

‘Tusken Starum en Warns is dit wier bard; frijdom of yn ’e frijdom stjerre, dat is hwat Fryslân oer him hat’, schreef D.A. Tamminga over de gebeurtenis die vandaag 675 jaar geleden plaatsvond. De Slach bij Warns.

Tijdens deze veldtocht in 1345 behaalden de Friezen hun zege op de strijdende Hollanders. Over het bloedbad is veel bekend. Bijvoorbeeld hoe de Hollanders met hun zware harnassen niet opgewassen bleken tegen de drassige route naar het Roode Klif. En dat de aanvoerder, graaf Willem IV van Holland, Friesland nooit meer levend zou verlaten.

Een minderheid die toch de meerderheid weet te verslaan, roept een gevoel van onoverwinnelijkheid op. Dat zien we in Asterix en Obelix, bij de Galliërs, maar dus ook bij de Friezen. Logisch dat de Slach bij Warns een gebeurtenis vormt die onthouden moet worden. Al eeuwenlang doen we dat door middel van herdenkingen, verhalen, gedichten of ballades, zoals die van Douwe Tamminga. Daarmee maken we het idee van Friese vrijheid, van ‘leaver dea as sleaf’, steeds een belangrijker onderdeel van de Friese identiteit.

Toch is het ook interessant om te kijken naar gebeurtenissen die minder belangrijk lijken op het eerste gezicht. Overwinningen die niet zo heroïsch zijn beschreven, die geen monument verdienen, maar die toch – hoe klein ook – een verovering laten zien. In de antropologie hebben we het dan over weapons of the weak .

Denk bijvoorbeeld aan het ondermijnen van het gezag van de baas door met collega’s over diegene te roddelen. Of door thuis met opzet ‘vergeten’ te stofzuigen, terwijl daar nadrukkelijk om werd gevraagd. Het zijn juist de dagelijkse vormen van verzet die op de lange termijn wel degelijk een bepaalde invloed kunnen hebben. Het roddelen over de baas kán resulteren in een staking van het personeel. Niet stofzuigen kán een fikse ruzie met de huisgenoten opleveren.

Als we zoeken naar die subtiele overwinningen met betrekking tot het Friese dan vind ik er eentje dichtbij huis. In de gemeenteraad van Noardeast-Fryslân is namelijk een besluit genomen: voortaan mogen alle plaatsnaamborden in het Fries vermeld worden. We krijgen waarschijnlijk ‘Ie’ in plaats van ‘Ee’ en ‘Lytse Jouwer’ in plaats van ‘Hiaure’.

Het mag duidelijk zijn dat er tijdens het raadoverleg in Kollum geen doden zijn gevallen. We hoeven dan misschien ook geen monument op te richten voor A.J. Soepboer, de indiener van het amendement. Maar toch heeft er die avond een kleine machtsverschuiving plaatsgevonden. Van de gemeente, die in eerste instantie bepaalt, naar de dorpsbewoners zelf. Want zij mogen voortaan beslissen over hun plaatsnaambord. Een stukje vrijheid voor de minderheid.

Eigenlijk zijn die weapons of the weak een iets humanere manier om een verandering door te zetten. Soms duurt het alleen wat langer om het doel te bewerkstelligen. Dat geldt ook voor de Friese plaatsnamen, want in de kleine letters van het raadsvoorstel staat dat er pas aangepast gaat worden als de huidige borden aan vervanging toe zijn. Nu wil ik verder niet oproepen tot vandalisme, maar misschien hebben de huidige borden op korte termijn toch nog een Slachje nodig…

agbreteler@gmail.com

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct