Terug naar Pasen vijftig jaar geleden. Willem Holleeder was nog een snotneus van dertien, Ridouan Taghi moest nog geboren worden. Op de Amsterdamse Wallen heerste Frits van de Wereld, opvolger van Haring Arie. En op het Reigerplein in Leeuwarden loerde Blonde Annie in haar spionnetje. Het ‘leven’ was nog gewoon ros, de misdaad te overzien.

Op paasmaandag 12 april, ’s avonds even na tienen, ontdekte een nachtwaker, met fiets en zaklantaarn op ronde langs zijn clientèle, dat het slot op de deur van het magazijn van V&D aan het Ruiterskwartier verbroken was. De filiaalchef, snel ter plaatse, kreeg de schrik van zijn leven. Op de tweede etage tuurde hij door een groot rechthoekig gat zo de kluis binnen: leeg. Op een bak met loonzakjes voor het personeel na. Daar hadden de inbrekers over nagedacht. Arbeiders besteel je niet.

De rest was weg, de eerste raming was dat er voor 3 ton (aan guldens) was buitgemaakt, voor een klein deel, zo’n 10.000 gulden, aan gouden sieraden, voor het grootste deel contanten: het kasgeld dat het warenhuis voor de paasdagen had gebeurd. Diefstallen waren bij V&D niet uitzonderlijk, maar de Leeuwarder Hermandad kende zijn pappenheimers en loste ze meestal snel op. Hier had hij geen antwoord op. Dit was vakwerk geweest, met grote precisie uitgevoerd. In de 30 centimeter dikke kluisdeur was een gat van 30 bij 55 centimeter gemaakt. Deze ‘ongehoorde kraak’ kende in heel Friesland zijn weerga niet.

De zestigplussers weten het nog: het bleek het werk van de metaalbewerker Aage M., die hier met succes zijn later befaamd (berucht) geworden thermische lans had beproefd. Het kasgeld dat hij achterover had gedrukt, bleek achteraf 160.000 gulden te zijn, aanmerkelijk minder dan de 7 ton die hij bij een bankfiliaal in Helmond meester maakte.

Samen met zijn makkers – alle drie net als hij Hagenezen en rond de dertig jaar oud – zou hij met dezelfde methode nog tientallen inbraken plegen, die hen ruim 1,2 miljoen gulden opleverden. Van de te bezoeken zakenpanden zoals die van V&D, C&A, Voss en Lampe, hadden ze zich verzekerd van valse sleutels.

Zijn makkers liepen in november 1971 tegen de lamp, één van hen zou Aage er later bij lappen. Grootmoedig bekende hij nog veel meer inbraken: ‘Maar ik stal alleen van de rijken, de armen besteel je niet’. Hij ging met opgeheven hoofd de ‘bak’ in, onze eigen Blokhuispoort, waar hij 4,5 jaar moest brommen. Maar al op 18 april 1974 brandde hij met een snijbrandertje de tralies door, de vrijheid tegemoet. Hij knoopte een relatie aan met een agente en ging als postbode over straat.

Na vier maanden werd hij toch weer opgepakt. Hij zat vervolgens braaf zijn straf uit, kwam wegens goed gedrag vervroegd vrij en voltooide zijn biografie Mijn nachten met de thermische lans . Aage M. werd Aage Meinesz alias de Haagse Robin Hood. Van de opbrengst kocht hij een seksclub in Goes. Hij kon de weelde niet dragen, vergokte zijn geld even hard als hij het had verdiend. Op 31 oktober 1985 is hij op 43-jarige leeftijd aan darmkanker gestorven. Zijn zoon Aage junior erfde naar verluidt twee vuilniszakken. Toch nog vol met dollars.

harje.lc@gmail.com

Je kunt deze onderwerpen volgen
Opinie
Column
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct