Bekijk de sporen die herinneren aan de Joodse gemeenschap van Franeker

Academiestraat in Franeker.

Vergeleken met steden zoals Leeuwarden of Sneek of met Gorredijk heeft Franeker door de eeuwen maar een kleine joodse gemeenschap gekend. In 1941 woonden er 24 Joden. Slechts een enkeling overleefde de oorlog.

De eerste joden verblijven er om te helpen met het drukken en uitgeven van Hebreeuwse boeken op een protestantse hogeschool. In 1658 verkrijgt de eerste jood in Franeker het poorterrecht, het recht om binnen de stadspoorten te mogen wonen. Er studeert ook een aantal joden geneeskunde aan de universiteit van Franeker, in 1747 krijgt de eerste joodse student zijn dokterstitel. Aan het begin van de negentiende eeuw ontstaat er een actieve joodse gemeente. Rond 1830 wordt de gemeente bij de gemeente van Harlingen gevoegd. Toch wonen er in 1869 38 joden in Franeker, het hoogste bekende aantal in de stad.

In het oorlogsjaar 1941 wonen volgens officiële bronnen 24 joden in de gemeente Franeker. Veel echte Franekers zitten daar niet tussen. Eén joods bedrijf is er dan bekend in de stad: een meubelzaak aan de Breedeplaats. Enkele tientallen jongens en meisjes volgen een agrarische opleiding aan een in 1935 gestichte Israëlitische Landbouwschool voor Palestina-pioniers. Niet alle studenten die er bij de bezetting van Nederland verblijven zijn meer te traceren, maar de meesten van hen zullen in korte tijd gedeporteerd worden. Slechts een enkeling weet te ontkomen door onder te duiken. Ook uit het Psychiatrisch Ziekenhuis in Franeker worden in de oorlog enkele malen joden naar Westerbork gedeporteerd. De meeste joden die tijdens de oorlog in Franeker woonden, overleven de oorlog niet. De meubelmaker Bernardus Leijdesdorff en zijn vrouw Ester Pais zitten in de oorlogsjaren ondergedoken in Grou, zij maken daar in 1945 de bevrijding mee.

Klik hier om de storymap op groot formaat te bekijken.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Waadhoeke