Jellie van den Berg.

Nieuwe fase voor Zurich

Jellie van den Berg. FOTO SIMON BLEEKER

Zurich, de toegangspoort van Friesland, staat voor een nieuwe fase. Jongeren kunnen er nog een betaalbare woning kopen, maar lukt ook om hen te betrekken bij het dorpsleven?

Stipjes op de dijk, die langzaam groter worden. Man, vrouw, twee kinderen, helm op, vlaggetjes op de bagagedrager. Net als veel andere (buitenlandse) fietstoeristen op deze middag rollen ze het dorpsplein op, stoppen misschien even bij de winkel van Johan Pollema. Hengels zijn daar te koop, zelfgekweekt levend zee-aas, en natuurlijk de Zuricher ansichtkaarten om het thuisfront op het verkeerde been te zetten.

Iets verderop staat het witgepleisterde pand van De Steenen Man, maar daar stoppen hoeft niet meer. Sinds 2018 is de herberg dicht. Op het dak staan nog de letters ‘HOT L’, de E is al verdwenen. Achter de ramen kweekt iemand tomatenplanten. Werklui die emplooi vinden in de havens van Makkum of Harlingen, huren er nu een ‘losse kamer’.

Bezoekerscentrum

Het was een optelsom om te stoppen, verklaart eigenaar Tjerk Bootsma over de telefoon. ,,Mar it giet mei pine yn it hert, dat wol.” Een klein hotel exploiteren is lastig, zegt hij. Op de Afsluitdijk kwam een nieuw bezoekerscentrum, in Zurich werd het dorpshuis (met vergunning) vernieuwd. Dat de dijk bovendien drie jaar dicht zou gaan voor fietsers, speelde ook een rol. De basis voor het hotel werd te smal.

,,Untsettend spitich foar it doarp. Sa ferskriklik sûnde.” Jellie van den Berg zit in de luwte van haar tuin, aan de noordrand van het dorp. Toeristen die een bakje koffie willen, worden nu doorverwezen naar het wegrestaurant van Hajé even verderop. Het hotel was een beetje de dorpshuiskamer, zegt ze. ,,Eartiids hielendal. Mar ik kin it harren net kwea-ôf nimme. It moat allegearre wol kinne. Neat is for altyd.”

Dingen veranderen. De jongste zoon van Jellie en Douwe van den Berg kon nog in Zurich naar school, tot die in 1996 wegens te weinig leerlingen dicht moest. Op de plek van de school werden nieuwe huizen gebouwd, maar er kwamen niet altijd kinderrijke gezinnen in wonen. ,,It is in ‘hard gelag’ as in doarpsskoalle tichtgiet. Dat rekket net allinnich de leefberens, mar ek de libbenens.”

loading

Eenlingen

Zelf kochten ze als jong stel hun Surcher huis voor 17.000 gulden. Zet er een nul bij en voor dat bedrag in euro’s kunnen kopers nog steeds in het dorp terecht. Of het door die bescheiden huizenprijzen komt, weet ze niet, maar er zijn best wat eenpersoonshuishoudens in Zurich, weet Van den Berg.

Dat is niet nieuw: de lijnen van en naar het dorp zijn kort. ,,Dit is in plak wêr’t frijheid is. Wy wurde miskien oan alle kanten ynsluten troch de sneldyk, mar we kinne oaral komme. De bus nei Harns en fandêr mei de trein, nei Snits, nei de Ofslútdyk...” Dijkwerkers, marinemensen uit Den Helder, arbeidsmigranten, andere eenlingen: ze zijn altijd gekomen, gebleven en gegaan. ,,Surchers hawwe in maklike ynslach. Ast wolst, komst er hjir as nijeling sa tusken.”

Pal tegen de oude zuivelfabriek, midden in het dorp, is een intiem stenen pleintje opgefleurd met houten bloembakken. Tussen de klinkers staan bloeiende stokrozen, er zijn zitbankjes. Dit is de ‘dorpstuin’ van Zurich, een paar jaar geleden opgezet door Van den Berg en andere dorpsbewoners. Een laagdrempelige ontmoetingsplek. ,,Fan de bewenners is der in bepaalde kategory dy’t in soad yn it doarpshûs komt, mar ek in bepaalde kategory mei oare behoeftes.”

Mensen hebben niet altijd meer tijd of zin om lid te worden van een vereniging, maar willen best op los-vaste basis bij dingen in het dorp betrokken worden, zegt ze. Zonder langetermijnverplichting. ,,Mear projektmatich, om it sa te sizzen.” Een koffieochtend in de buitenlucht bijvoorbeeld, voor wie wil. Of een barbecue.

Vooral de nieuwe generatie, met kinderen en drukke banen, staat er wellicht zo in. Er heeft zich de laatste paar jaar een kleine verschuiving in het dorp afgespeeld, merkt Van den Berg. Er zijn relatief veel oudere bewoners verhuisd of overleden, en in hun huizen kwam weer nieuwe aanwas. Zurch staat op een kruispunt: leiden de nieuwe bewoners liever hun eigen leven of willen ze ook een rol spelen in het dorpsgebeuren?

,,We hawwe dêr eins noch net in goed byld fan”. Dit was juist een jaar waarin het de bedoeling was om die balans op te maken, maar corona maakt spontane ontmoetingen moeilijk.

Buurteplicht

,,Ik heb zo een afspraak, kijk zelf maar even.” Tjeerd Brouwer stopt de sleutel toe van de dorpskerk. Die is inmiddels eigendom van de Stichting Alde Fryske Tsjerken, maar het is een commissie van dorpsbewoners die het gebouw nog een bestemming geeft. Piepend draait de steutel in het slot. Direct om de hoek staat de lijkbaar van de Buurteplicht: nog altijd begraven de Surchers hun dorpsgenoten zelf.

Het kerkje ligt er fris bij. Orgel, preekstoel en de muren zijn zeeblauw geschilderd. Op een tafel liggen posters van de muziekoptredens die hier vorig jaar zijn gehouden, op initatief van de bewoners. ,,Een dichte kerk was zonde voor het dorp geweest”, zegt Brouwer.

Hij en zijn vrouw werkten allebei in Noord-Holland, maar hun bejaarde ouders woonden in Friesland en Groningen. In 2008 streken ze hier neer. ,,We houden van wad en water. Dus we dachten: we gaan op een plek zitten in de oksel van de Afsluitdijk, zodat we overal binnen een uur kunnen zijn. De Afsluitdijk noemen we ironisch wel onze oprit.”

Ze werden na de verhuizing meteen gevraagd voor Plaatselijk Belang. Eerst was zijn vrouw voorzitter, nu hij. Ze zijn van alle verenigingen lid. Er wordt ook al voorzichtig nagedacht of het niet een idee is om de verenigingen in Zurich aan de bovenkant wat te vervlechten. ,,Het speelt op meer plekken: besturen zijn steeds lastiger te bemensen, elke vereniging heeft een of meer bankrekeningen die ook weer geld kosten. Een overkoepelend bestuur is dan misschien een oplossing. Iemand die verstand heeft van financiën, doet dat dan voor alle clubs of commissies. Ik heb al een gesprek gevoerd met Dorpsbelang in Ferwert, daar zijn ze hier al mee bezig.”

Vanaf zijn keukentafel kijkt Brouwer uit op de leegstaande zuivelfabriek. Het is een rotte kies in het dorpshart, maar daar komt binnenkort verandering in, weet hij. ,,Twee broers hebben het gekocht.”

Het blijkt te gaan om Kees en Pieter van der Schoot, bekende namen in de kaatswereld. Na een grondige verbouwing willen beide twintigers er zelf gaan wonen, licht Pieter telefonisch toe. ,,En dan is der ek noch romte foar twa apparteminten, dy soene we wol ferhiere wolle.” De Surchers zijn vriendelijk, is zijn eerste indruk. ,,Doe’t ik pas by it fabryk wie, waard ik fuortendaliks útnoege foar in barbecue.” Nog een kaatser erbij en het dorp heeft straks op het kaatsveld weer een mooi partuur staan, voorspelt hij.

Reuring

In de royale loods naast zijn huis werkt Rick Band aan een transportsysteem voor een sierteeltbedrijf. ,,Toevallig doe ik het nu hier, maar normaal zit ik op locatie.” De loods gebruikte hij eerst vooral voor zijn hobby, autocross. Maar we hebben nu een kleintje, dus daar is weinig tijd meer voor.”

Hun zoontje is nu anderhalf en werd hier geboren. Moeder Wendy, opleiding voor longarts in het Leeuwarder MCL, haalt hem straks op weg naar huis op uit de kinderopvang in Harlingen. Kinderen – de tweede is op komst – speelden nog geen rol in het besluit om vanuit Noord-Holland een starterswoning in Zurich te kopen. Voor dertigers kan het er wel eens stil zijn, zegt Band. ,,Je merkt wel dat er weinig reuring is, ook vanuit de verenigingen.”

Een jong werkend gezin heeft het ook gewoon druk, zegt Band er meteen bij, maar de bereidheid om ‘mee te doen’ in het dorp is er zeker. Zelf nam hij op verzoek plaats in het bestuur van de ijsclub. ,,Al heb ik hier helaas nog geen ijs meegemaakt.”

Als de oude en nieuwe Surchers elkaar kunnen vinden, ziet het er rooskleurig uit voor het dorp. Want, benadrukt Jellie van den Berg, al met al is het toch prachtig wonen zo aan de zee. ,,Ik moat alle dagen eefkes omheech, de dyk op.” Tjeerd Brouwer: ,,Aan het eind van het dorp kun je vanuit de auto bij een klein trapje omhoog. Dat moet ik toch elke keer doen. Even over de zee kijken: is er wat te zien, gebeurt er nog wat?”

loading

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct