Moordzaak Oppenhuizen in april voor de rechter

FOTO DE VRIES MEDIA

De 36-jarige man uit Oppenhuizen die op 23 april zijn eigen vrouw zou hebben gedood, moet op 2 april voor de rechtbank verschijnen op verdenking van moord dan wel doodslag. Dat werd vrijdag bekendgemaakt op een pro-formazitting bij de Leeuwarder rechtbank.

De man zou zijn vrouw met een mes hebben doodgestoken. Zijn advocaat Paul Logemann vertelde op een eerdere pro-formazitting dat het steekincident na een ruzie heeft plaatsgevonden. De verdachte heeft goed meegewerkt aan het politieonderzoek. Hij was vrijdag zelf niet naar de rechtbank gekomen.

Hij werd ook niet via een videoverbinding gehoord, de videoruimte in het Penitentiair Psychiatrisch Centrum (PPC) in Vught, waar hij momenteel verblijft, was niet beschikbaar. Behalve de zittingsdatum viel er ook niets te bespreken. Het politieonderzoek is afgerond, het wachten is op de psychologische rapporten. De rechtbank heeft de voorlopige hechtenis van de verdachte verlengd.

De man woonde al zo’n vier jaar in Oppenhuizen. Zijn vrouw (31) en twee kinderen, 9 en 7 jaar oud, kwamen in december 2019 vanuit Eritrea bij hem wonen. Volgens Logemann blijkt uit verklaringen van bekenden dat het „eigenlijk een heel normaal gezin” was. De man ontvluchtte Eritrea omdat hij als dienstplichtige het leger had verlaten. Hij zou gemarteld zijn.

In augustus diende er ook al een pro-formazitting, toen was de man wel via een videoverbinding ‘aanwezig’. Hij zei toen zijn lot zo snel mogelijk te willen horen. De zaak zou vervolgens in november inhoudelijk behandeld worden, dat schuift nu dus door naar april.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Súdwest-Fryslân
Rechtbank