Het Elfstedengevoel: elke dag het weerbericht checken

De belangstelling voor de eerste ‘Dag van de Elfstedentocht’ was zo groot, dat het Fries Scheepvaartmuseum in Sneek er moeiteloos twee dagen van had kunnen maken. Over oude verhalen en een taak voor de Elfstedentochtloze jeugd. ,,Iets met een podcast of vlogs.’’

Op de hielen gezeten door een legertje pers en bezoekers (,,Verdomd, het is ’m echt, ongelooflijk!’’) stapt de kleine gestalte die in 1963 de zwaarste Elfstedentocht ooit wint, langs het publiek naar de stoelen op de voorste rij. Reinier Paping – volgende maand wordt hij 89 – is woensdag één van de eregasten op de eerste Dag van de Elfstedentocht. Het Fries Scheepvaartmuseum in Sneek is vandaag het decor van een middag vol sterke verhalen, oude filmbeelden en interviews met schaatsenrijders van formaat.

Op 15 januari 1909 is de Koninklijke Vereniging De Friesche Elf Steden opgericht. Dit is de 111de verjaardag van de ijsbond. Sporthistoricus Jurryt van de Vooren is (samen met het Fries Film Archief en Tresoar) de initiatiefnemer van deze samenkomst voor It moaiste fan Fryslân : de Elfstedentocht. Hij hoopt dat hiermee een nieuwe, jaarlijkse traditie geboren is. Nu de winters immers zo zorgelijk zacht blijven, komt het aan op de ,,vergeten verteltraditie’’ in Friesland om de historie overeind te houden.

loading

Geschiedenis

Zo op de helft van de winter-die-er-niet-is concludeert de sporthistoricus dat scholen, (schaats)verenigingen en musea hun kansen moeten grijpen om de jeugd alles te vertellen over dit stuk sport- en cultuurgeschiedenis. ,,Het hoeft niet meteen met een boek of een film. Het kan ook een podcast worden. Of iets met vlogs. En dat we dan volgend jaar op de volgende Dag van de Elfstedentocht ontdekken hoe de Elfstedentochtloze generatie eigenlijk tegen de Tocht aankijkt.’’

Die geschiedenis heeft ook zwarte bladzijden. De tocht van 1947 is de boeken in gegaan als de meest duistere, die vriendschappen verscheurd heeft. Sommige wonden zijn nooit helemaal genezen, zegt historicus en schaatsanalist Marnix Koolhaas. Zijn lezing over de Elfstedentocht in een periode dat Nederland nog met de puinhopen van de oorlog worstelt, is onthutsend. ,,Van die tocht zal wel nooit een reünie gehouden worden.’’

Jongens die opgegroeid zijn in de oorlog schaatsen die dag, geteisterd door een striemende wind, langs de Elf Steden. Joop Bosman en Klaas Schipper komen als winnaar uit de bus. Ze staan samen in één lauwerkrans op de foto. Maar al snel breekt er een venijnige strijd uit. Er gaat een beerput open: veel van de deelnemers hebben kennelijk ‘gezogen’ (in de slipstream van een toerrijder) of ‘opgelegd’ (in een treintje, met het handje vast) gereden. En dat mag niet.

Op een foto is vastgelegd hoe Bosman en Schipper in een handkar door Parrega gereden worden. De nummers één en twee worden na onderzoek uiteindelijk gediskwalificeerd. Maar het vertrouwen is weg. Het regent nog maandenlange ingezonden stukken in kranten van kwaaie koppen. En wie er nu echt goed of fout was, is nooit helemaal duidelijk geworden. Koolhaas gunt de twee mannen eerherstel. ,,Zou de Elfsteden-vereniging hen die erkenning nog kunnen geven? Dat zou mooi zijn.’’

Cameraploegen

Camera’s draaien in het museum in Sneek. Het Jeugdjournaal is er, Hart van Nederland ook. Kleine en grote omroepen en bladen duiken begerig op de mythe die de Elfstedentocht is. ,,Er is veel veranderd met de media hoor’’, zegt Jan van der Hoorn om zich heen kijkend. De zeventiger, in tweedkostuum, scharrelt geduldig achter zijn echtgenote aan. Veel bezoekers willen op de foto met zijn Lenie. In de Elfstedentocht van 1985 was Lenie van der Hoorn de snelste vrouw, 47 minuten achter Evert van Benthem.

loading

De Elfstedenwinnares staat centraal in een documentaire van Andere Tijden Sport die vorige week uitgezonden is. ‘De onzichtbare winnares’ heet ze in het programma, dat ook vandaag in het Sneker museum vertoond wordt. Maar nu? De aandacht is haast overweldigend. Ze vliegen van hot naar her, zegt Jan van der Hoorn. ,,Ze is al bij RTL geweest. De Wereld Draait Door heeft gebeld en nu moet Lenie misschien ook naar Jinek .’’ -,,Uw vrouw is nu beroemder dan vroeger!’’, knikt een museumgast.

In feite is iedereen hier een beetje eregast – niet alleen Paping. Winnaressen Klasina Seinstra (1997) en Tineke Dijkshoorn (1986) zijn er ook. Dit complete publiek, op alle 111 stoelen, voelt een diepe connectie met de tocht der tochten. De een omdat-ie zelf eens de benen kapot gereden heeft op kistwerken op de grote meren. De ander omdat-ie in Dokkum gestrand is met bevroren ogen. Maar dan nóg blijft het een buitengewoon gebeuren. De ontberingen, de triomf op de Bonke: veel groter wordt het niet.

Voormalig schaatstopper en skûtsjereporter Sippie Tigchelaar interviewt ook skûtsjesiler, schilder en schaatser Anne Tjerkstra (die gek is van natuurijs) over die magie. Tjerkstra, in de zeventig maar ‘op de tekst’ met een jongensachtig enthousiasme, is beroemd en berucht om zijn wilde Elfstedentochten. Acht keer ging-ie er met zijn maten illegaal op uit. Dit meestal zéér tegen de zin van de Vereniging. Met een grijns: ,,Gelukkig regende het vaak een dag later en kregen we geen navolging.’’

Over de betovering zegt hij: ,,Dan rij je daar dus ’s morgens in het donker van het FEC (nu WTC Expo) en laat je dat veilige Leeuwarden achter je. Met een volle maan had je goed zicht, met een nieuwe maan zag je niks. Dan rijd je die Zwette op naar Sneek en dan kan er eigenlijk niks gebeuren. Je hebt de route verkend, je weet waar de wakken liggen. En dan is dat zó’n gevoel van binnen hè. Dat voel je in je spieren. In je alles. Dan voel je je 100, nee 200 procent Fries. Daar krijg ik tranen van in de ogen.’’

Nu nog elke dag bestudeert Anne Tjerkstra het veertiendaagse weerbericht. Berustend: ,,Maar het helpt niks.’’


Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 4,99 per maand. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct