Vleugellamme zeearend bijt van zich af in Ureterp: 'Se is pittich'

De zeearend krijgt eendagskuikens, maar het vogelasiel moet spoedig overstappen op ganzen. FOTO MARCEL VAN KAMMEN

Vogelopvang De Fûgelhelling in Ureterp vangt een vleugellamme zeearend op. En dat is geen sinecure, want er zijn drie medewerkers nodig om het dier in bedwang te houden.

De zeearend, vanwege zijn spanwijdte van 2,3 meter ook wel ‘de vliegende deur’ genoemd, is naar schatting een jaar oud en werd zondag gevangen bij Den Helder.

Beheerder Hetty Sinnema denkt dat het een vrouwtje is. ,,Se byt! Se is pittich. Dat past wol by wyfkes, net? En as se lilk is giet se op har rêch lizzen en dan skopt se.’’

Breukje

De zeearend moet ergens tegenaan zijn gevlogen. Mogelijk tegen de kabel van een hoogspanningsmast. Op de rechtervleugel zit een klein wondje. Dinsdag heeft Sinnema er voor de zekerheid de veearts bijgehaald. Die vermoedt dat er een breukje zit ,,op it eintsje fan de flerk’’.

Een röntgenfoto was niet nodig. Met twee of drie weken heelt dat breukje vanzelf. In de tussentijd is het zaak om de vogel met rust te laten. Bezoek bij de patiënt is verboden.

loading

Via de zeearendenwerkgroep vogelde Sinnema uit dat het een vrouwtje moet zijn van een jaar oud. Dat was af te meten aan de lengte en de dikte van de poten. Vrouwtjes zijn in de roofvogelwereld groter en zwaarder dan mannetjes. Zo kunnen ze beter hun jongen beschermen.

Vliegoefeningen

Door het vliegongeluk is het exemplaar ,,oan de meagere kant’’. De Fûgelhelling voert deze week nog eendenkuikens maar moet, denkt Sinnema, spoedig overstappen op groter voer. ,,Wy geane al gau rjochting de guozzen.’’

In het Ureterper vogelasiel doet het dier wat roofvogels altijd doen als ze niet fit zijn; ,,Se rint. Krekt as in kalkoen. Dan fielt se har flerk net.’’

Na de verplichte rustperiode zullen vliegoefeningen volgen. Uiteindelijk mag de onfortuinlijke zeearend weer de wijde wereld in.