BOA's Smallingerland krijgen vanaf september bodycam

Foto Jilmer Postma

De proef in Smallingerland waarbij gemeentelijke handhavers (BOA’s) worden uitgerust met bodycams start op 4 september.

Drie maanden lang wordt bekeken of de draagbare camera’s bijdragen aan de veiligheid en het veiligheidsgevoel van de opsporingsambtenaren. Na afloop van de pilot besluit de gemeente of de bodycams definitief blijven.

Smallingerland maakte al in mei bekend met de proef mee te willen doen. Burgemeester Jan Rijpstra zei toen dat alleen al in 2018 in zeven gevallen boa’s te maken kregen met fysiek geweld.

Uit proeven in andere gemeenten zou blijken dat bodycams hierbij werken als afschrikmiddel. Het vermoeden bestaat dat mensen zich geremd voelen wanneer zij gefilmd worden en hun gedrag aanpassen.

Stand-by

De camera’s staan volgens de gemeente standaard op stand-by. Beelden worden dan wel geregistreerd maar niet opgeslagen, en telkens overgeschreven. Als de handhaver zich onveilig voelt, kan hij de camera aanzetten. Dat meldt hij van tevoren.

Wie gefilmd is, kan binnen een termijn van drie weken bij de gemeente inzage vragen van de beelden. Na een maand worden het materiaal automatisch gewist.