Joost van Bodegom kwam pas tientallen jaren later in het reine met Japan.

Tientallen jaren na zijn tijd in die 'passieve vernietigingskampen' kwam Joost van Bodegom in het reine met Japan

Joost van Bodegom kwam pas tientallen jaren later in het reine met Japan. FOTO NIELS DE VRIES

Joost van Bodegom (84) uit Beetsterzwaag bracht de Tweede Wereldoorlog door in jappenkampen. ,,Passieve vernietingskampen’’, zegt hij. ,,Ze lieten ons gewoon verrekken.’’

O, die vlag. Die zo gehate witte vlag met die dikke, rode bol in het midden.

Het was ergens begin jaren tachtig. Joost van Bodegom was burgemeester van Opsterland en woonde de opening van een Toyotagarage in Ureterp bij. Hij luisterde naar een speech toen zijn oog ineens viel op het dundoek dat over het spreekgestoelte hing. Hij werd boos. Kookte inwendig.

Die vlag stond voor al het kwaad dat hij maar kon bedenken: het jappenkamp, de urenlange appèls in de verzengende hitte, de honger. En wat al niet meer.

'Voor het eerst trad ik in zijn gevoelens.'

En toen dwaalden Van Bodegoms gedachten af naar zijn vader, die in oorlogstijd dezelfde leeftijd had als hij op dat moment. Vader Arie van Bodegom, houtvester, was 39 jaar toen hij van zijn gezin werd gescheiden en voor de Japanners moest werken aan de Birmaspoorlijn. ,,Voor het eerst trad ik in zijn gevoelens.’’

loading

Vier jaar lang zag vader Van Bodegom zijn vrouw en drie kinderen niet. Wist hij niet hoe het met ze ging. Of ze nog leefden. ,,Ik moet er niet aan denken dat ik Els en onze kinderen zo lang zou moeten missen.’’

H oe dat voor zijn vader geweest is, weet hij niet. Zijn vader heeft nooit over die tijd willen praten. ,,Als een gesprek ook maar enigszins in die richting ging, kapte hij het af.’’ Van Bodegom sloeg er later boeken over de Birmaspoorlijn op na om te proberen te begrijpen wat zijn vader moet hebben doorstaan.

Toestand in Galoehan was ‘redelijk’

Zes jaar was Joost van Bodegom toen hij eind 1942 met zijn moeder Lien, broer Wim en zusje Mieke in het kamp Galoehan op Oost-Java belandde. De toestand in Galoehan was redelijk te noemen in vergelijking met de kampen die nog zouden volgen. ,,We zaten er maar met drie moeders en negen kinderen in een kamer van zes bij zes. We hadden nog geen honger en mochten naar buiten.’’

loading

Dertien maanden later volgde overplaatsing naar Banjoebiroe 10: een gevangenis met hoge muren en eerst tweeduizend, later vijfduizend mensen. Toen de Jappen vrijwilligers vroegen om naar Banjoebiroe 11 te verkassen, stak zijn moeder haar vinger op. Veel erger kon het immers niet worden.

,,Mijn moeder is altijd optimistisch gebleven. Ooit komt hier een eind aan, hield ze ons alsmaar voor. En dan zouden we naar Nederland gaan. Naar opa en oma Zondervan. En die hadden een zolder met treinen. Toen wij in mei 1946 bij hen in Nederland aankwamen, begroetten mijn broer en ik hen snel om vervolgens meteen door te rennen naar boven.’’ Enkele weken later ging Van Bodegom, bijna tien jaar, voor het eerst naar school. ,,Mijn moeder had mij leren lezen en schrijven.’’

Er gaat een wolk langs onze berg/die als een baken ons helpt hopen/die onze ogen steeds nog open/blijft houden, daar we ons anders blind/hadden gestaard op hoge muren/vergeefs naar vrije verten turen.

Foto-albums en tafelzilver bleven behouden

M oeder Lien van Bodegom-Zondervan wist negen foto-albums en het tafelzilver de oorlog door te loodsen. Het bestek verstopte ze boven op de klamboe. ,,Terwijl wij op de appèlplaats stonden, doorzochten de Jappen de barakken. Maar niemand is blijkbaar ooit op het idee gekomen daar te gaan zoeken.’’

500 meter verderop, in Banjoebiroe 11, hadden ze uitzicht op een berg, de Gunung Butak, oftewel Kaalkop. Daar mist een ‘hap’uit. Van Bodegom pakt er een kunstwerk van Jan Loman bij, waarop een berg staat die de Merapi verbeeldt, de vulkaan waarvan de Kaalkop een voorgebergte is. De berg hield de gevangenen bezig. De een zag er een raceauto in, de ander een paardenzadel. En de berg gaf hen hoop.

loading

Hoe, dat blijkt uit het gedicht Uitzicht van Nel Adama van Scheltema, dat Van Bodegom twee dagen na het interview mailt: Er gaat een wolk langs onze berg/die als een baken ons helpt hopen/die onze ogen steeds nog open/blijft houden, daar we ons anders blind/hadden gestaard op hoge muren/vergeefs naar vrije verten turen.

,,Gevangenen. En niet geïnterneerden’’, benadrukt Van Bodegom. Dat de Indische kampen als interneringskampen te boek staan, is hem een gruwel. Hij strijdt ervoor die benaming uit alle publicaties te krijgen. ,,Dat zal een ‘poepetoer’ worden’’, realiseert hij zich. Maar het ziet er inmiddels naar uit dat de beschrijving in de toekomst uit wetenschappelijke literatuur verdwijnt.

,,Man, laat toch zitten, soedah, laat maar. Nee, dat doe ik dus niet’’ , schreef hij vorig jaar september in De Java Post , een Indische internetkrant.

,,Het waren volgens mij passieve vernietigingskampen’’, legt hij uit. ,,Er was genoeg te eten, maar wij kregen het niet. Er waren voldoende medicijnen, maar die gaven ze ons niet.’’ En dan, fel: ,,Ze lieten ons gewoon verrekken.’’

A ls kampomroepertje had hij mazzel. Kon hij in de keuken de aangebrande rijstkorsten loskrabben. Dan kreeg hij tenminste iets anders binnen dan blubberpap, het stijfsel dat ze meestal als ontbijt hadden. ,,Als er al eens koffie of suiker werd uitgedeeld, dan keerden wij de jutezakken binnenste buiten en schraapten er dan de resten af, met haren en al.’’

Getriggerd door die vlag

Die witte vlag met de dikke rode bol bleef hem triggeren. Zoals in 1983, toen het dundoek uit een kraakpand aan de Hoofdstraat in Beetsterzwaag hing.

,,Ik heb de politie gevraagd het onmiddellijk weg te halen.’’ En hij ontwaarde hem in de nieuwe trui van dochter Judith. Van Bodegom moest iets met zijn reacties, wist hij.

In 1986 ging hij voor het eerst terug naar Indonesië. Alleen. Hij kreeg de reis cadeau van zijn vrouw, op voorwaarde dat hij een dagboek zou schrijven, waarin naast observaties ook gevoelens zouden komen.

Hij boekte de trip speciaal in het regenseizoen. Want de regen, die was vroeger een verademing. Toen Van Bodegom boomkrekels hoorde en vuurvliegjes zag, kwam hij thuis.

Oorlogsgeschiedenis levend houden

E enmaal met pensioen wijdde hij zich onder meer aan het levend houden van de oorlogsgeschiedenis. Hij was onder andere voorzitter van de Stichting herdenking 15 augustus 1945 in Den Haag, voorzitter van het Verzetsmuseum in Leeuwarden en lid van het Nationaal Comité 4 en 5 mei in Amsterdam.

Van de capitulatie op 15 augustus 1945 kregen de gevangenen in Banjoebiroe 11 niets mee. Pas op 24 augustus meldde het kamphoofd dat de Japanse keizer had besloten de oorlog te beëindigen.

Een verwarrende en gevaarlijke tijd volgde. De Jappen moesten de Nederlanders nu ineens beschermen tegen de opstandige Indonesiërs, die zelfstandigheid eisten en Nederlanders weg wilden hebben.

Boek ‘De Terugkeer’

D e oorlog en de periode daarna staat mede op Van Bodegoms initiatief beschreven in het boek De Terugkeer . De strip gaat over de Tweede Wereldoorlog in Zuidoost-Azië en de Indonesische onafhankelijkheid.

Het boek werd in 2010 als Nationaal Geschenk aangeboden aan alle brugklassen in het voortgezet onderwijs om de geschiedenis levend te houden. ,,Want over de oorlog in Indië leert de jeugd vrijwel niets.’’

Met Japan kwam Van Bodegom uiteindelijk in het reine. Eerst was er die reis, in 2001, via een verzoeningsprogramma: op kosten van de staat nodigt Japan jaarlijks een aantal mensen uit die de oorlog in Indië hebben meegemaakt.

‘Wat een last hebt u van mijn schouders gehaald’

Van Bodegom hield er een toespraak, die in het Japans werd vertaald. ,,Ik besloot niet mijn verdriet te delen, maar alle positieve herinneringen aan humane Japanners te benoemen. Zoals aan de commandant die ons het papegaaitje dat we in het in het kamp hadden grootgebracht, liet houden.’’

Na afloop ontving hij dankbare reacties van Japanse toehoorders. ,,‘Wat een last hebt u van mijn schouders gehaald’, sprak een Japanse tolk. Dat was de mooiste feedback die ik kon krijgen.’’

Twee dagen daarvoor had hij aan de oostkust van het Kyusu-eiland ’s morgens vroeg de zon uit de Stille Oceaan zien opkomen. ,,En toen realiseerde ik me dat er niets mis is met de rijzende zon.’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct