Lieuwe Boonstra, hier poserend bij oude vliegtuigonderdelen in zijn woonkamer in De Knipe, heeft een boek geschreven over twee vliegcrashes bij Terwispel tijdens de Tweede Wereldoorlog.

'Eindstation Terwispel': 2 vliegcrashes, 19 jaar onderzoek, 1 boek

Lieuwe Boonstra, hier poserend bij oude vliegtuigonderdelen in zijn woonkamer in De Knipe, heeft een boek geschreven over twee vliegcrashes bij Terwispel tijdens de Tweede Wereldoorlog. FOTO'S LC/ROBERT JAN SPEERSTRA

Boven Terwispel schoten Duitse jachtvliegers in 1941 binnen een maand twee Britse bommenwerpers uit de lucht. Lieuwe Boonstra uit De Knipe deed negentien jaar onderzoek naar de nachtelijke crashes en schreef er een boek over.

Een boek schrijven over de oorlog is vooral veel geduld hebben, vertelt Lieuwe Boonstra (52) thuis aan de keukentafel. Hij beschrijft het proces droogjes, zonder te klagen. Het is wat het is. ,,Moatst gewoan net hastich wêze.’’ Degelijk spitwerk met af en toe unieke vondsten; pareltjes die al die uren, dagen en weken van moeizaam onderzoek in één klap doen vergeten.

Terwijl Boonstra koffie inschenkt en daarna trots zijn boek ‘Eindstation Terwispel’ op tafel legt, dist hij zo’n pareltje op. Het is een brief die een van de neergestorte vliegers - schutter Kenneth Lewis - vanuit krijgsgevangenschap in Duitsland aan zijn ouders schreef. Op 19 augustus 1941, slechts vier dagen nadat hij bij Terwispel de crash van zijn Whitley-bommenwerper had overleefd en na een ommelandse reis via Gorredijk, Leeuwarden, Lemmer, Amsterdam en Frankfurt in een kamp bij Berlijn was beland.

Boonstra geniet van de toon van Lewis, die net als de andere vier bemanningsleden net op tijd met zijn parachute het door een Duitse kogelregen getroffen toestel kon verlaten. ,,Lekker nuchter. Typysk Ingelsk.’’ De amateurhistoricus bladert naar de brief, op pagina 44 in zijn boek. Daar staat: ‘ Well, we do travel don’t we! I expect you have been worried to death but I am well! ’ Boonstra: ,,Moai no, sa nuchter en my humor. En hy hie dus gjin skram!’’

loading

‘Keep smiling’

Lewis bleef nog vier jaar vastzitten en schreef al die tijd brieven aan zijn ouders. Boonstra kreeg ze van zijn familie en gebruikte ze gretig voor het boek. De toon is meestal vrolijk (‘ keep smiling ’ en ‘ we’ll meet again some sunny day ’ schrijft Lewis), waarschijnlijk om het thuisfront niet extra ongerust te maken.

Naast Britse en Friese getuigen- en politieverslagen wist de Knypster ook van Duitse zijde officiële documenten te bemachtigen over de twee crashes. Zowel over het eerste ongeluk, in de nacht van 14 op 15 augustus, als over het tweede, in de nacht van 7 op 8 september, heeft hij gevechtsrapporten van de Duitse nachtjachtvliegers. Bij de tweede crash kwamen alle zes bemanningsleden van een Wellington-bommenwerper om het leven.

De Duitse jachtvliegers stegen op in Leeuwarden en werden met de informatie van radarstation ‘ L ö we ’ bij Trimunt in het donker naar Britse bommenwerpers geleid. Een ervan was op een vlieghoogte van 4200 meter op weg naar Duitsland, om daar Hannover te bombarderen. Over deze eerste crash berichtte Oberleutnant Ludwig Becker zakelijk: ‘Ik viel de Engelsman van onder en achter aan met één lang vuursalvo, waarbij het (vliegtuig) over het zijvlak omkiepte en naar beneden verdween’. Even later zag hij op de grond een grote brand, besluit hij.

Geen overlevenden

In tegenstelling tot de eerste crash kende de tweede crash bij Terwispel geen overlevenden. Sommige nabestaanden die Boonstra tijdens zijn onderzoek opspoorde en bezocht, tot in Nieuw-Zeeland, hadden geen idee waar en hoe precies hun vader of oom was omgekomen. Na een tweede bak koffie leest de amateurhistoricus een passage voor uit een brief die hij ontving. Hij begint in het Engels en gaat dan in het Nederlands verder: ‘ I could not believe my luck … toen ik je brief ontving. Al jaren heb ik me van alles afgevraagd over oom Budge.’ Boonstra: ,,Famylje wist somtiden net iens dat sy hjir begroeven binne.’’

‘Hjir’ is in Gorredijk. De zes vliegeniersgraven op de algemene begraafplaats aan de Hegedyk zijn de enige geallieerde oorlogsgraven in de gemeente Opsterland. Boonstra besteedt er in zijn boek veel aandacht aan.

Rest de vraag: wat nu? Wat te doen na negentien jaar onderzoek? Van een zwart gat is geen sprake, blijkt al snel. Boonstra pakt een bruin doosje van de keukenstoel. In de doos zitten oude foto’s en documenten en op de doos ligt een baret. De Knypster begint te glunderen. ,,Dit is fan in Kanadeeske offisier dy’t nei de oarloch in healjier yn Hearrenfean siet, oant desimber 1945. Hy wachte dêr op syn repatriaasje nei Kanada.’’ Boonstra opent de doos: ,,Sjoch, allegear orizjineel spul út syn tiid op It Fean. Ek unyk!’’ Het volgende project lonkt.

Het boek ‘Eindstation Terwispel’ (108 pagina’s) is onder meer verkrijgbaar bij de boekhandels Planteyn in Gorredijk en Binnert Overdiep in Heerenveen.

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct