Robbert als Jelle Sixma in 1943.

Door Robberts ogen

Robbert als Jelle Sixma in 1943.

Enkele uren voordat Canadezen Ureterp bevrijdden, speelde zich in het dorp een drama af. Kort geleden dook een ooggetuigenverslag van een jonge joodse onderduiker, Robbert van Santen, op.

Diepdonkere dromerige ogen, geprononceerde lippen, het hoofd licht gekanteld – melancholisch, bijna.

Knappe jongen, die Robbert van Santen.

,,En in man fan bravoure’’, vertelt Berend Posthumus uit Ureterp, terwijl hij het portret van Van Santen, vermoedelijk kort na de oorlog gemaakt, terugneemt en in een mapje stopt.

Posthumus kan het weten. Samen met dorpsgenoot Roel van der Heide deed hij onderzoek naar de man van de afbeelding, Robbert van Santen - of moeten we Jelle Sjoerd Sixma schrijven?

Dat was althans de naam die Van Santen aannam toen hij in 1943, zestien jaar oud, vanuit het Joodse getto in Amsterdam op zijn onderduikadres in Ureterp arriveerde.

Een pientere knul, telg uit een gezin met vijf kinderen. Vader Van Santen dreef een florerende onderneming in elektrotechnische halffabricaten, onder meer voor radio’s.

Tot de bezetter de joodse gemeenschap steeds meer de duimschroeven aandraaide, zozeer dat de Van Santens met hulp van het verzet de hoofdstad ontvluchtten. Het huishouden sloeg uiteen – elk gezinslid vond elders in het land een schuilplaats.

Zo belandde Robbert – die onderweg zijn joodse uiterlijk met een doek om zijn hoofd verborg en zich voordeed als een verstandelijk beperkte jongen - in Ureterp.

Eerst bij de familie Tjoelker, een bescheiden veehouder, maar gauw daarna in het huishouden van Jan Lammert van der Broek, een strenge man met een groot rechtvaardigheidsgevoel, die actief was in het verzet.

Onbekend verhaal

Voor Berend Posthumus was het verhaal over de man die 77 jaar geleden als zonderlinge verstekeling naar zijn woonplaats kwam onbekend.

Tot hij er vorig jaar, na het overlijden van zijn moeder, mee geconfronteerd werd. Tussen haar spullen vond de Ureterper een geschrift met persoonlijke herinneringen van Van Santen, alias Sixma.

Waarom mem het document in bezit had, weet Posthumus niet. ,,Mar ús mem en hy wiene fan deselde leeftiid en se wennen allebeide yn Oerterp. Dus it kin net oars as se koene inoar.’’

Hoe meer Posthumus uit het document las, des te meer hij door de onderduiker geïntrigeerd raakte. Van Santen bleek over een lenige pen en een scherp observatievermogen te beschikken.

In de nadagen van de oorlog was de niet bang aangelegde jongen uit Amsterdam aan de hand van vader Van der Broek betrokken geraakt bij het verzet. Beide hadden zich aangesloten bij de Binnenlandse Strijdkrachten (BS).

De Ureterper BS-groep had postgevat in café Gorter, aan de Weibuorren. De Canadezen waren in aantocht - de bevrijding zou niet lang meer op zich laten wachten, de mannen moeten vol geestdrift hebben gezeten.

Was het bewijsdrang, dat hen ertoe bracht om de dagen voor de veertiende april van 1945 zo’n veertig vluchtende Duitse soldaten en landverraders op te pakken en in afwachting van de geallieerde tanks op te sluiten in de schuur van het café – veel meer dan zij eigenlijk konden bewaken?

loading

Onaangekondigd drama

Toen op de vroege ochtend van 14 april een onbekend konvooi het overvolle Ureterper BS-kwartier naderde, kondigde een drama zich aan: dit waren de Canadezen niet.

Een door paarden voortgetrokken wagen met daarachter zo’n 45 Duitsers trok het dorp in, vermoedelijk met de intentie om verder te trekken. Niettemin kwam het tot een confrontatie, toen de Ureterpers het vuur op de paarden openden.

Uit het onlangs weer boven water geraakte ooggetuigenverslag van Robbert/Jelle:

,, Nauwelijks is het gevecht begonnen of je kunt al horen dat het mis moet gaan. Er wordt gevuurd uit zoveel wapens dat je aan de overmacht van de Duitsers op ons niet kunt twijfelen (…) De ijzige stilte die ons eerst omringde, is ineens veranderd in een chaos van lawaai, geknal en brekende ruiten.’’

Er was geen houden aan. In de ochtendschemer slaagde Robbert van Santen erin om via de weilanden achter het café aan de kogelregen te ontsnappen. Ternauwernood. In zijn vlucht door het veld doodde hij een Duitse soldaat.

Toen Ureterp ontwaakte, openbaarde zich de volle omvang van de catastrofe. De vuurgevechten hadden aan vijf BS’ers het leven gekost, onder wie Jan Lammert van der Broek, Robberts onderduikvader. Ook vier Wehrmacht -soldaten waren dood. Café Gorter was verwoest.

Was dit nodig?

De gebeurtenissen wierpen een diepe schaduw over de bevrijding van Ureterp – nota bene nog dezelfde dag rolden Canadese tanks daadwerkelijk het geschokte dorp binnen.

Nog altijd rijst de vraag, zoals die ook op een plaquette bij de monumentale treurwilg op de plaats van Café Gorter staat: Wie it nedich of wie ’t in fersin?

Om dichterbij het antwoord te komen hadden Posthumus en Van der Heide dolgraag met Van Santen gesproken. ,,Mar wy binne te let. Hy is der net mear.’’

Robbert van Santen overleed in 2003 in Californië, waar hij in 1980 naartoe was geëmigreerd.

Ureterp zal het moeten doen met de geschreven getuigenissen die hij naliet.

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct