Werk bij Leeuwarder stadsvilla gestopt om monumentale beuken

Bomenridder Gonneke van Hoesen Korndorffer maakt zich zorgen over twee rode beuken op de hoek van de Willemskade. FOTO HOGE NOORDEN/JACOB VAN ESSEN

Het werk rondom twee monumentale beuken in Leeuwarden is stilgelegd. De ‘bomenridders’ maken zich zorgen over de bomen.

Het gaat om twee rode beuken die rond 1874 zijn aangeplant op het terrein van een markante stadsvilla, op de hoek van de Willemskade. De villa wordt op het ogenblik verbouwd tot woon- en kantoorruimte. Ook de tuin, in de achttiende eeuw ontworpen door tuinarchitect Gerrit Vlaskamp, wordt onder handen genomen, om er deels een parkeerplaats van te maken.

,,Ik ben er vanmorgen naartoe geweest en heb me onder de boom geposteerd’’, zei Gonneke van Hoesen Korndorffer van de Leeuwarder Bomenridders gistermiddag. De stichting Bomenridders zetten zich in voor het behoud van en de zorg voor bomen in de stad. Deze twee beuken staan weliswaar op particulier terrein, maar een ervan staat ook op de lijst van beschermde monumentale bomen.

Van Hoesen Korndorffer kreeg daarmee voor elkaar dat het werk voorlopig is stopgezet, ook al stellen eigenaar en hoveniersbedrijf dat het met zorg voor de bomen gebeurt. ,,Eerst moet bepaald worden of voor deze werkzaamheden een omgevingsvergunning nodig is. Hierin is de bescherming van deze monumentale bomen ook opgenomen’’, laat een woordvoerder van de gemeente weten.

De gemeente zoekt ook uit of er verdere maatregelen nodig zijn om de grote beuken te beschermen, en of ze al schade hebben geleden van het tot nu uitgevoerde werk op het terrein. Voor Van Hoesen Korndorffer staat dat wel vast: ,,Het kwaad is alweer geschied’’, stelt ze. Ze wijst erop dat er met in haar ogen te zware machines is gewerkt, en dat beuken kwetsbaarder zijn dan veel andere boomsoorten. Ze hebben al eerder te lijden gehad van bouwwerkzaamheden, onder meer van de Achmeatoren, die er pal tegenover staat.

Het onderstreept volgens haar het pleidooi van de bomenridders om zulke bomen beter te beschermen door ze in de APV (Algemeen Plaatselijke Verordening) op te nemen.