Hessel de Walle (l) bij de deuren waar de overvallers destijds binnenkwamen in het cellencomplex van de Blokhuispoort, tegenover hem links Gerk Koopmans en rechts Jan Pieter Visser. Naast De Walle zit Margriet Bakker.

Overval van 1944 in kleine kring herdacht

Hessel de Walle (l) bij de deuren waar de overvallers destijds binnenkwamen in het cellencomplex van de Blokhuispoort, tegenover hem links Gerk Koopmans en rechts Jan Pieter Visser. Naast De Walle zit Margriet Bakker. FOTO HOGE NOORDEN/JAAP SCHAAF

In uiterst kleine kring is dinsdag n het cellencomplex van de Leeuwarder Blokhuispoort stilgestaan bij de overval van 8 december 1944. Vorig jaar waren er 200 genodigden.

Eigenlijk vierden vier betrokkenen gisteren dat het vorig jaar, op 8 december 2019, mogelijk is geweest de toen 75-jarige herdenking van de overval uitgebreid te vieren. Precies voor de deuren waar de 26 overvallers destijds binnenvielen om 51 gevangenen uit Duitse handen te bevrijden, kwamen ze samen. Dat was rond half zes, het tijdstip dat de daadwerkelijke overval plaatsvond.

Onthulling kunstwerk

Hessel de Walle, wiens boek De Mannen van de Overval vorig jaar uitkwam, zijn partner Margriet Bakker, Gerk Koopmans, voorzitter van de Stichting Friesland 1940-1945 en Jan Pieter Visser, zoon van een van de overvallers Jelle Visser, constateerden dat de grootse herdenking vorig jaar achteraf gezien de enige activiteit was die door kon gaan. Terwijl het de voorloper had moeten zijn van vele activiteiten dit jaar in het kader van 75 jaar bevrijding. Corona maakte alles anders. ,,Doodzonde’’, vindt het viertal. 

Alleen voor de Stichting Friesland 1940-1945 is de ‘pijn’ iets minder, lichtte Koopmans toe. De stichting werd op 6 mei 1946 opgericht en kan dus met recht volgend jaar het 75-jarig bestaan vieren. Dat gebeurt met de onthulling van een gedenkraam in de Blokhuispoort. Een kunstwerk van drie gebrandschilderde ramen van het kunstenaarsduo Tilly Buij en Gerard Groenewoud.

Noodvraag

Het viertal ging ervan uit dat na de grote reünie van vorig jaar, waarbij veel nabestaanden van gevangenen en overvallers elkaar voor het eerst troffen, grote nood zou ontstaan onder de tweede en derde generatie. De kinderen en kleinkinderen van de verzetshelden en van de gevangenen zouden vast met veel vragen zitten over het handelen van hun ouders en grootouders tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Visser en Bakker zetten een project op om aan de noodvraag te voldoen. Er meldde zich niemand. ,,Terwijl we weten dat er nabestaanden zijn die met hun ziel onder de arm lopen.’’

Nieuwe tips naar aanleiding van het boek kwamen wel. Zo werd De Walle benaderd door een broer van een vrouwelijke gevangene van destijds. Zij had een boekje bijgehouden over haar oorlogservaringen.

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct