Herman Bolhaar, De Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen pleit ervoor dat er meer aandacht komt voor het misbruik van jongeren.

Nationaal rapporteur over misbruik jongens: 'Bij heel veel gemeenten nog onvoldoende op de radar'

Herman Bolhaar, De Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen pleit ervoor dat er meer aandacht komt voor het misbruik van jongeren. FOTO ARENDA OOMEN

Het zicht op jongeren die slachtoffer zijn van seksuele uitbuiting verdwijnt steeds meer. En daarom moet er meer aandacht voor komen zegt Herman Bolhaar, Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen.

‘Weten we er voldoende van? Het antwoord op die vraag is nee. En moeten we er meer van willen weten? Ja!”

Herman Bolhaar is sinds februari 2018 Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. Vorige week presenteerde hij de Slachtoffermonitor mensenhandel. Een van de conclusies: het aandeel gemelde minderjarige slachtoffers van mensenhandel (waaronder seksueel misbruik en criminele uitbuiting vallen) blijft dalen. Maar dat betekent niet dat het minder voorkomt, stelt Bolhaar.

We zien het niet goed

,,Als je het niet weet omdat het je niet gemeld wordt, het dus niet op je bureau terecht komt en er geen aangifte wordt gedaan, dan moet je alles op alles zetten om het op te zoeken. En dan is de conclusie dat het er of niet is, of dat we het gewoon niet goed zien. Het is mijn stellige overtuiging dat het laatste aan de orde is. We zien het niet goed.”

Volgens Bolhaar zijn er jaarlijks in ieder geval zo’n vijftienhonderd minderjarige jongeren slachtoffer van seksuele uitbuiting. ,, Als je dan verder doorkijkt naar de vraag: wie zijn het, dan moet je naar de gemeenten toe. Dan valt op dat er een behoorlijke groep jongeren in situaties van uitbuiting is terechtgekomen. Als slachtoffer of dader. Daar waar we het boven water zien komen, moeten we er veel meer van willen weten. Er zal geen burgemeester zeggen dat ’ie niet geïnteresseerd is in de vraag of er binnen zijn gemeente jongeren het slachtoffer zijn van uitbuiting, hetzij crimineel, hetzij seksueel.”

Binnen het Veiligheidshuis in Leeuwarden wordt er al anderhalf jaar gesproken over het seksueel en crimineel misbruiken van kwetsbare jongens rondom zorginstellingen in Friesland. Een van de problemen waar tegenaan gelopen wordt, is het gebrek aan aangiften door de jongeren zelf.

,,Die aangifte komt niet naar je toegelopen hoor. Hoe raar het ook klinkt, deze jongeren zitten vaak in een positie dat ze er geen belang bij hebben om aangifte te doen. Omdat ze dan hun plek kwijt raken, hun verhaal op straat komt te liggen of dat ze problemen met familie krijgen. Je kunt er op korte termijn flink nadeel van hebben. Ook omdat je vaak hartstikke bang bent voor de dader.”

Investeren in een relatie, een vertrouwensband opbouwen met de slachtoffers is volgens Bolhaar een voorwaarde om uiteindelijk tot een aangifte te komen. Maar ook zonder aangifte kunnen hulpverlening, politie, het Openbaar Ministerie en gemeenten in actie komen.

We moeten allemaal voldoende doordrongen zijn van de noodzaak

,,Ik heb lang genoeg bij het Openbaar Ministerie gewerkt om een paar dingen te weten. De aanpak van misbruik begint bij goed weten en goed horen wat er aan de hand is. Luisteren naar de signalen die er zijn. En als er zich praktijken voordoen die zich niet verhouden tot wat wij in ons rechtsbestel als menswaardig zien, dan hebben we met elkaar de opdracht om het maximale te doen om in te grijpen. Om iemand te helpen en te redden. Dat hoeft lang niet altijd via het strafrecht. Het vraagt een goede gemeenschappelijke doelstelling van alle betrokken partijen. En je verantwoordelijk voelen om misstanden aan te pakken. En kijken wat je wel kunt doen in plaats van je te richten op wat niet mogelijk is. Het moet komen van een goede focus op de meest kwetsbaren en je moet misstanden echt willen afpellen anders blijf je aan de buitenkant. En daarvoor heb je een netwerk nodig van partijen die daar in mee kunnen gaan doen.”

Bolhaar pleit ervoor dat er meer aandacht komt voor het misbruik van jongeren. Meer dan nu het geval is. En de aanpak moet volgens hem meer prioriteit krijgen.

,,We moeten het veel meer langjarig doorontwikkelen, beter over het land verspreiden. Het moet meer body krijgen en op gemeentelijk niveau moet het worden opgepakt en verstevigd. Daar hoort ook bij dat je er middelen voor uit moet trekken. Zorg er ook voor dat de gemeenten daartoe in staat worden gesteld. We moeten allemaal voldoende doordrongen zijn van de noodzaak. En daarom moet het verhaal op tafel komen, in de schijnwerpers gezet worden waarbij media-aandacht een belangrijk element is. Het staat bij heel veel gemeenten nog onvoldoende op de radar. En als je je niet bewust genoeg bent van het probleem, is het makkelijker om weg te kijken en ga je het probleem later tegenkomen, in een andere gedaante. We weten uit onderzoek over seksueel misbruik, dat als je jong traumatische ervaringen opdoet, je daar de rest van je leven de gevolgen van moet dragen, ervaren. Je kunt niet blijven wachten op een melding of aangifte. Het vraagt een actieve overheid die op zoek gaat.”

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct