Ministerie: zwaardere boete voor Miedema Houtindustrie na verlies vingertopje

Foto ter illustratie. FOTO PIXABAY

Staatssecretaris Tamara van Ark van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wil dat Miedema Houtindustrie in Leeuwarden een boete krijgt van 8100 euro voor een arbeidsongeval in de fabriek.

Vier jaar geleden verloor een medewerker van Miedema een vingertopje toen hij een schaafbank wilde afstellen terwijl de machine nog werkte. Hij kwam met zijn vinger tegen het beitelblok, waardoor het topje eraf ging.

De Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de voormalige Arbeidsinspectie, onderzocht de zaak en vond dat het ongeval niet had mogen gebeuren. Miedema kreeg een boete van 8100 euro omdat het bedrijf de veiligheid niet op orde had.

De rechtbank Noord-Nederland halveerde die boete. Volgens de rechtbank was de werkplek veilig en heeft de werknemer zelf gevaarlijk gedaan door de machine niet uit te zetten toen hij de schaafbank ging afstellen. De rechtbank bepaalde ook dat het blijvend verlies van een vingertopje licht lichamelijk letsel is. Daar hoort een lagere boete bij.

Hoger beroep

Woensdag ging de staatssecretaris van Sociale Zaken in hoger beroep de Raad van State. Het ministerie stelt dat het bij Miedema vaker voorkwam dat aan een draaiende machine aanpassingen werden gedaan terwijl dat niet mocht. Dat hoorden arbeidsinspecteurs van de voorman, die daarover een verklaring heeft afgelegd.

De voorman is later op zijn verklaring teruggekomen. Hem zouden woorden in de mond zijn gelegd. ,,Hij was gewend om Fries te praten en de inspecteurs spraken Nederlands’’, zei een woordvoerster van SWZ. Zij vindt de voorman niet geloofwaardig omdat in zijn tweede verklaring alles precies anders was dan in de eerste.

Miedema verscheen niet op de zitting. De uitspraak volgt over enkele weken.