Piet Prins (links) luistert naar het gedicht dat Nyk de Vries voordraagt over de vuilnisman.

Leeuwarder gemeentereiniging bestaat 150 jaar en krijgt gedicht: 'Een mooi eerbetoon voor deze hardwerkende mensen'

Piet Prins (links) luistert naar het gedicht dat Nyk de Vries voordraagt over de vuilnisman. FOTO HOGE NOORDEN/JACOB VAN ESSEN

Waar zouden we zijn zonder de vuilnisman? Dit jaar bestaat de Leeuwarder gemeentereiniging 150 jaar. Als eerbetoon aan deze hardwerkende mensen werd woensdag een gedicht over hen onthuld.

Anderhalve eeuw geleden belandde huisvuil nog vaak in de gracht, die dus behoorlijk kon stinken. En nu, als vuilnismannen staken en prullenbakken op straat uitpuilen, dan merken we pas hoe belangrijk de functie van gemeentereiniging is. Alle reden dus om stil te staan bij het jubileum, vond de stichting Poëzietableaus Leeuwarden.

Die vatte daarom het idee op om in de poëzieroute een gedicht op te nemen met een ode aan de vuilnisman. Nyk de Vries, Dichter fan Fryslân, ging ermee aan de slag en het resultaat is het vers Asman , Liwwadders voor vuilnisman.

Het is te lezen op het nieuwe poëzietableau op de Schrans. Hier, voor de Mariënburg Academie, stond vroeger het pand van de gemeentereiniging en was het dus decennialang een komen en gaan van ‘tonnetjesmannen’ en andere werknemers van de afvaldienst.

Tonnenman die poepdozen leegde

Piet Prins weet er alles van. Als werknemer bij Omrin, en vijfde generatie van zijn familie in het reinigingswezen, mocht hij de steen onthullen. Zijn vader was zo’n tonnenman die poepdozen leegde in de tijd dat de meeste mensen nog geen toilet hadden. ,,En straatveger. Hierachter was een vaart, en dan ging het veegafval op een praam naar de Greuns’’, herinnert Prins zich.

Aandachtig luistert hij in zijn werkkleding, samen met enkele collega’s, naar De Vries, die zijn gedicht voordraagt in de vrieskou. Anne Feddema vertaalde het in het Liwwadders, de spreektaal die bij de gemeentereiniging gebruikelijk was. Seit wat ik futsmiet niet feul meer as wat ik bang bewaar? Ast prate súst sú ik stil wurde , reciteert de dichter, waarna ze samen de poëziesteen, geheel in stijl bedekt met zwerfafval, schoonvegen en zo letterlijk onthullen.

'Tegenwoordig zit je in een wagentje achter het stuur, lekker warm, wat wil je nog meer?’

,,Een mooi eerbetoon voor deze hardwerkende mensen’’, vindt de 65-jarige Prins, die sinds 1983 bij de gemeentereiniging werkt en opklom tot ‘projectleider ondergrondse containers’. In mei gaat hij met pensioen. Ook in de afgelopen decennia is het werk enorm veranderd, vertelt hij. ,,In de tijd van mijn vader was het mensonterend werk. In de winter stond-ie achter op een auto zout te strooien. Zelf heb ik nog met vuilniszakken gelopen om zwerfafval op te ruimen. Tegenwoordig zit je in een wagentje achter het stuur, lekker warm, wat wil je nog meer?’’

Peter van Dijk, voorzitter van de stichting, vertelde dat het om het 55ste poëzietableau gaat in de stad. ,,En er zijn nog een paar nieuwe in voorbereiding. Enkele beschadigde en onleesbare worden binnenkort hersteld, zodat ze klaar zijn voor Leeuwarden City of Literature.’’

Gedicht op veegwagens

Volgens Van Dijk zou oud-burgemeester John te Loo, voor wie de poëzieroute het afscheidscadeau was, ingenomen zijn met de nieuwe steen. ,,Hij was voorzitter van de raad van toezicht van Afvalsturing Friesland, dus hij had wel wat met gemeentereiniging.’’

Historisch Centrum Leeuwarden zal ook stilstaan bij 150 jaar gemeentereiniging en historisch tijdschrift Leovardia besteedt in het kerstnummer aandacht aan het onderwerp.

Omrin vond het gedicht zo treffend dat het besloot de tekst op een van de veegwagens te plaatsen.

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct