Johannes van der Wal in zijn bovenwoning aan de Verlengde Schrans.

Johan van der Wal blijft tot de laatste snik tussen zijn 60.000 platen wonen: 'Al kruip ik erover, dan nog ga ik niet naar zo’n tehuis'

Johannes van der Wal in zijn bovenwoning aan de Verlengde Schrans. FOTO CATRINUS VAN DER VEEN

Johan van der Wal woont boven de doe-het-zelfwinkel aan de Verlengde Schrans in Leeuwarden, die naar zijn vader heet. Met hond Bo en 60.000 platen.

Zo zit het, volgens Johan van der Wal: ,,Negentig procent van je leven is al klaar. Daar doe je niks aan. Er is maar tien procent die je kunt bijsturen, die je zelf in de hand hebt, de rest overkomt je. Schrijf dat maar op en zet er maar een dikke streep onder.’’

Johan van der Wal is 72. Zijn voeten zijn versleten, zegt hij, hij loopt moeilijk. Wat lastig is, want hij woont boven de de ijzerwarenhandel/doe-het-zelfzaak aan de Verlengde Schrans in Leeuwarden, waar hij tot 2016 de baas van was. Die zaak heet Hoyte van der Wal, naar zijn vader, die schilder was en in 1947 met een winkel was begonnen. Zijn zoon stond er tot 2016 in en verkocht de zaak toen aan het bedrijf van Auke Rauwerda. Even woonde Van der Wal aan de Westerplantage in Leeuwarden, al snel keerde hij terug naar de bovenwoning aan de Verlengde Schrans.

Op blote voeten gaat hij ons voor de trap op, hond Bo (,,van Bo Derek’’) scharrelt met hem mee, de verbazingwekkende wereld in die daarboven is. Want de gang en twee bijkamers zijn tot het plafond gevuld met langspeelplaten, singeltjes, bandjes, cd’s. Hij heeft zo’n 60.000 platen, zegt Van der Wal. Na de verhuizing terug hierheen heeft het hem twee jaar gekost om alles alfabetisch te zetten.

Geregeld ontdekt hij iets nieuws in zijn verzameling. Pas nog: Als je wilt weten wie ik ben van Vader Abraham. Hij zet het op, steekt genoeglijk een sigaar op, leunt achterover en zingt de rijmwoorden mee: ‘Verwijt toch nooit een ander wat je bij je eigen ziet / De zon die schijnt voor jou maar ook voor mij /Het leven is een lange weg, op ‘t einde staan we quitte / Dan is het onherroepelijk voorbij.’

loading

loading

Kerkgangers en gelovigen

Johan van der Wal werd in 1948 geboren, als nakomertje in het gezin. Hij heeft twee zussen en een broer, tussen hem en zijn jongste zus zit vijf jaar. Hij ziet ze niet heel vaak, maar erg is dat niet. ,,Een familie moet afstand houden’’, vindt hij.

Het gezin was katholiek en ging daar flexibel mee om. ,,Je hebt kerkgangers en gelovigen, zei mijn vader altijd. Wij gingen niet vaak naar de kerk.’’ Omdat Johan slechte ogen had, werd hij als jongetje naar een rooms blindeninstituut gestuurd in het Noord-Brabantse Grave. Daar bleef hij tot hij zeventien was. Alleen in de vakanties kwam hij thuis, de rest van het jaar zat hij op een klassiek katholiek internaat.

Hij sliep op een slaapzaal met andere jongens, vanaf de zesde klas (nu: groep acht) kregen de leerlingen een eigen kamer. ,,Nou ja, meer een hokje op de zolder.’’ Zijn broer zegt wel eens: ,,In Brabant hebben ze jou verpest’’, maar zelf vond hij het er prachtig. ,,Die fraters hebben goed op ons gepast. Elke zaterdag kregen we allemaal een pilsje.’’ Hij voegt toe: ,,Er zal daar wel eens wat gebeurd wezen, maar ik heb daar nooit wat van vernomen. Dat gezeur van die mensen – zodra ze geld krijgen hebben ze geen trauma meer, dan hoor je ze niet meer.’’ Hij schudt zijn hoofd en gaat naar de cd-speler.

,,Ik zal je nog iets moois laten horen, van De Vrijbuiters. Hou je van Nederlandstalig?’’, zegt hij. Zonder op antwoord te wachten zet hij een lied op over iemand die alles kwijt is: ‘Hij kon de weelde niet verdragen / hij wilde steeds maar meer en meer’. Van der Wal heeft de tranen in de ogen. ,,Dat gaat ook over mij’’, zegt hij. ,,Er zit een heleboel in de muziek, je moet goed luisteren. De meeste mensen luisteren niet.’’ Later draait hij Paul Boey’s Ik heb de mot in mijn lijf . ,,Prachtig, prachtig’’, zegt Van der Wal. ,,Hier herken ik mezelf in.’’

loading

loading

‘Gek van die wieven’

Terug in Leeuwarden ging hij aan de gang als machinebankwerker, maar werken voor een baas lag hem niet dus nam hij ontslag. ,,Mijn moeke vond het prachtig. Dan kon ik mooi in de winkel.’’ Daar was toen nog enkel behang en verf te koop, maar de jongen wilde meer en anders. ,,Het behang heb ik er meteen uitgesodemieterd. Mensen waren elk jaar aan het behangen, je werd gek van die wieven, dat gezeur met die stalenboeken. Ik vond er niks aan, ik zei tegen mijn vader we moeten in de ijzerhandel. Veel beter.’’ Vader vond het goed, ,,als je het niet te gek maakt’’.

Johan begon ook met hout, en bouwde verder uit, want hij had aanleg voor de handel. ,,Kijk, als je hout verkoopt hebben de mensen ook spijkers nodig, zo gaat de handel, als je graszaad verkoopt moet je ook grasmaaiers leveren.’’

Hij werkte hard, er kwam veel geld binnen. ,,Toen ik veertig was, had ik 1,4 ton op de bank’’, zegt hij. Dat kwam van pas toen het huidige pand aan de Verlengde Schrans te koop kwam, waar voorheen Luxen in zat. Op 8 december 1988 ging Hoyte van der Wal daar open.

Het liep als een trein, vertelt Van der Wal. Het eerste jaar was de omzet al verdubbeld. Vader kon zich de grote, snelle en veilige auto’s veroorloven waar hij van hield (,,se mutte niet dadelijk bij je wezen’’, zei hij, waarmee hij op mogelijke aanrijdingen doelde). En zoon kreeg de handel steeds beter onder de knie. ,,Als ik drie klanten tegelijk in de winkel had, gaf ik ze alle drie wat in handen’’, zegt hij. ,,Dan blijven ze staan, nou. Ik was altijd benauwd dat ze weer naar buiten zouden lopen.’’ Twee keer maar heeft hij mensen de deur gewezen, eentje kwam klagen dat hij te weinig petroleum had gekregen voor zijn 90 cent, de ander kwam keer op keer advies vragen zonder iets te kopen. Dat is tot daaraan toe, tot de man vertelde dat hij alles elders kocht, want dat was goedkoper. ,,Dan ga je daar ook maar advies vragen’’, zei Van der Wal. ,,Zoiets doe je niet toch? Het zal wel een ambtenaar zijn geweest.’’

loading

loading

Snijbloemen en vaste planten

Trouwen – dat kwam er niet van. De vrouwen wilden hem wel, zegt Van der Wal, maar hij had het er te druk voor. Altijd werken en na een drukke week gezellig naar het café. Vroeger ging hij er ook op uit met zijn vader naar Harlingen, of een keer zelfs naar het Oktoberfest in München, zaterdag heen, zondag terug. Al treft hij nu en dan een vriendin, hij is een man alleen gebleven. Een van zijn klanten van vroeger, een zeekapitein die twee keer per jaar thuis in Leeuwarden was, zei altijd: ,,Johan, denk eraan, zo lang er snijbloemen zijn moet je geen vaste planten kopen.’’ Aan de andere kant denkt hij wel eens: als hij getrouwd was, had hij nu misschien een zoon die het bedrijf had kunnen overnemen.

Van gezelligheid houdt hij wel. Dat bleek ook toen hij na de verkoop van de zaak naar een appartement aan de Westerplantage verhuisde en er een tweede appartement bij kocht, waar hij een bar in bouwde. Een keer per week was hij ‘open’ en iedereen kwam langs. Er stond een pot voor vrijwillige bijdragen, maar daar kwam nooit wat in, zodat Van der Wal besloot voortaan een euro voor de drankjes te vragen. ,,Toen was het gauw leeg.’’ Hij heeft alles weer verkocht, de bar staat nu ergens in Duitsland en Van der Wal ging terug naar de Verlengde Schrans. ,,Ik zit hier mooi, ik ga hier niet meer weg.’’

De CD van Vader Abraham draait verder en ineens klinkt In de C-klasse , een klaaglied over een verzorgingshuis: ‘Als je oud bent moet je in een heel groot huis / Want je kinderen die willen je niet thuis / Je bent arm, daarom zit je in klasse C / In de voorkant in klas A daar tel je mee.’ Dat gaat Van der Wal dus nooit doen. ,,Al kruip ik erover, dan nog ga ik niet naar zo’n tehuis. Echt hoor, dat verdom ik, dan schiet ik liever een kogel door mijn harses.’’

Zijn vader is 82 geworden. ,,Toen hij al op bed lag zei ik: ‘Pa, we roken er nog een’. Dat hebben we gedaan en een half uur later was hij dood. Een prachtkerel was het, een schat van een man. Wat heb ik daar een lol mee gehad.’’

Zelf denkt hij dat hij 87 wordt. En dan? Is alles dan voorbij?

,,Er is iets na de dood, maar geen hemel’’, zegt Van der Wal stellig. Wat dan? ,,Dat weet ik niet. Daarom heet het ook geloven.’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct