Alle beenderen die werden aangetroffen in het graf. Alle foto’s MUG ingenieursbureau. Afkomstig uit rapoort Archeologische opgraving it Grien /Halbertsmaplein Grou.

Geheimen uit uniek graf in Grou

Alle beenderen die werden aangetroffen in het graf. Alle foto’s MUG ingenieursbureau. Afkomstig uit rapoort Archeologische opgraving it Grien /Halbertsmaplein Grou.

De ‘eerste vrouw van Grou’ had vreselijke kwalen. Haar rechterbeen was te kort en haar linkerarm deed pijn, terwijl gruwelijke ontstekingen haar mond verteerden. Ze werd begraven in de resten van een boomstamscheepje met een wandelstok die ooit een peddel moet zijn geweest.

Dat het een hoogst merkwaardige vondst betrof, was in januari 2018 onmiddellijk duidelijk. Een graf van 1250 jaar oud vind je niet zomaar. Dat zoiets pal onder het straatdek van het Grouster Halbertsma’s Plein zou opduiken, was al helemaal curieus. Dit kwam aan het licht toen de gemeente Leeuwarden de verouderde riolering en de inrichting van het plein liet vernieuwen.

Het skelet was begraven in hout, dat veel weg had van een uitgeholde boom. Was dit een boomkistgraf, zoals eerder in Hegebeintum opdook? De opgetrommelde archeologen hoopten op een groter grafveld, maar helaas: het bleef bij dit ene graf.

Vroege middeleeuwen

De vondst kreeg kortstondig aandacht in de krant en op tv. Daarna werkten archeologen van bureau MUG in stilte verder. In opdracht van de gemeente Leeuwarden onderzochten ze ook andere stukken van het plein. Ze analyseerden de kleinste details, bijvoorbeeld de botten en het hout, maar ook zaden en scherven uit de bodem. Het leidde tot een rapport met veel nieuwe inzichten.

Het skelet blijkt van een vrouw, die in de tweede helft van de achtste eeuw stierf. Dat er toen al mensen in Grou woonden, was tot nu toe onbekend. Het rapport onthult veel details over het zware leven in de vroege middeleeuwen.

D e vrouw van Grou overleed in de zelfde periode als bisschop Bonifatius. In die jaren kreeg het christendom langzaam vat op de heidense Friese bevolking. Als de oude verhalen kloppen, werd Bonifatius in 754 vermoord bij zijn poging om de Dokkumer bevolking te bekeren.

Graf in Grou

Predikers zoals hij werden gesteund door christelijke Frankische vorsten, van wie we Karel de Grote het beste kennen. Hij verbood het heidense gebruik om doden te cremeren. Begraven was echter ook bij heidenen al een tijdje in de mode, zo wordt duidelijk bij het graf in Grou.

De vrouw was namelijk in noord-zuidrichting begraven. Christelijke graven lagen meestal in oost-westrichting, weten de onderzoekers. Historici denken dat dit verband hield met het Bijbelse Laatste Oordeel. Bij de wederopstanding van Jezus zouden de doden namelijk opstaan uit hun graf, waarbij ze Christus in het oosten konden zien.

Het geraamte in Grou was bij de opgraving ,,zeer poreus en fragiel’’ en telde nog negentig herkenbare botten. Het gaat ,,zeer waarschijnlijk om een vrouw in de leeftijd van 23 tot 40 jaar’’, concluderen de onderzoekers op basis van verschillende nieuwe technieken. Ze stierf in de periode van 750 tot 775 na Christus.

H et botonderzoek onthult vele geheimen. De vrouw kreeg tijdens haar puberteit problemen met lopen. Dit kwam door overbelasting of een breuk in de kop van haar rechterdijbeen. Gevolg: haar benen waren niet even lang en ze liep scheef van de pijn. In haar graf lag een stok, die ze mogelijk heeft gebruikt bij het lopen.

Kaken en botten

Ze had ernstige slijtage aan de gewrichten van haar armen en vingers. Dit leidde tot pijnlijke verdikkingen, maar ook tot een opvallend dunne linkerarm, die waarschijnlijk erg zeer deed. ,,Ze zal haar linkerarm en -hand ontzien hebben in het gebruik.’’ Botafwijkingen vallen vaker op bij skeletten uit de vroege middeleeuwen. Voor een deel zullen ze zijn veroorzaakt door zwaar lichamelijk werk en vitaminegebrek.

In de onderkaak van de vrouw ontbrak de helft van de kiezen en tanden, waarschijnlijk als gevolg van ernstig tandbederf. Hierdoor moest ze haar eten vooral met haar voortanden kauwen, waarbij ze één kant zwaar belastte. Dat is goed te zien: ,,De nog aanwezige tanden zijn enorm versleten.’’

In het kaakbot zagen deskundigen kleine gaatjes, die zijn ontstaan door ernstige tandvleesontsteking. De vrouw had ook een abces en een ettergang in de wortel van een kies. ,,Vanwege alle mondproblemen zal kauwen een pijnlijk proces zijn geweest en heeft de vrouw waarschijnlijk de voorkeur gehad voor zacht eten. Hierdoor heeft zich een enorme hoeveelheid tandsteen gevormd over de tanden.’’ Mogelijk at ze vooral zoetwatervis, opperen de onderzoekers op basis van isotopenonderzoek.

Friese vrouwengraven

B ij haar voeten lagen verschillende stukjes leer. Dit waren de restanten van een primitief soort schoenen. Verder kreeg ze in haar graf een versierde kam mee. Die was gemaakt van verschillende stukjes bot en gewei. Zulke kammen waren in die periode gebruikelijk in Friese vrouwengraven.

De kist zelf maakte de onderzoekers erg nieuwsgierig. In eerste instantie dachten ze dat de vrouw in een uitgeholde boomstam was begraven. Dat kwam in de vroege middeleeuwen vaker voor. Het hout uit het Grouster graf bleek inderdaad afkomstig van een uitgeholde boomstam, maar die was in stukken gehakt, waarna de halfronde planken waren gebruikt om een scheepje te bouwen. Boomstamboten waren destijds vrij gebruikelijk. ,,De onderdelen verkrijgt men door een boomstam te klieven. Vervolgens werden deze gekliefde delen uitgehold.’’

,,De buitenrand kan dan gebruikt worden als een wat rond onderdeel.’’ Mogelijk hadden de Friezen destijds geen goede zagen en moesten ze dus wel hakken met een bijl. In de stukken hout telden de onderzoekers 21 gaatjes, die gebruikt zijn om de planken tot een scheepshuid te maken. Later werd het ontmantelde scheepje dus hergebruikt om een grafkist van te maken.

De stok in het graf, die vermoedelijk door de vrouw is gebruikt als ondersteuning bij het lopen, betreft een zorgvuldig bewerkt stuk essenhout. Het lijkt er sterk op dat de stok oorspronkelijk een steel van een peddel is geweest, schrijven de onderzoekers. Afgedankt hout uit de scheepvaart was blijkbaar ruim voorhanden.

Zorg

Aan het graf was veel zorg is besteed. Het lijkt dan ook ,,deel uit te maken van een grafveld’’, schrijven de onderzoekers. Ze baseren deze aanname op ervaringen elders in het terpengebied. Een solitair graf kwam wel eens voor, maar verzorgde graven worden vrijwel altijd op een begraafplaats aangetroffen. Mogelijk zijn andere skeletten in het verleden al stilletjes verwijderd bij eerder graafwerk.

Uiteindelijk zou de plek van de Sint-Pieterkerk het centrum van de Grouster begravingen worden. Mogelijk lag daar in de tiende eeuw al een kerkhof. Toen kreeg het dorp vermoedelijk zijn eerste houten kerk, zegt historicus Hans Mol. Later kwam hiervoor het huidige stenen gebouw in de plaats.

De schedel en de kam uit het graf bevinden zich op dit moment in het Grouster museum Hert fan Fryslân. Andere vondsten uit het graf krijgen binnenkort een plekje in de vernieuwde expositieruimtes van het Historisch Centrum Leeuwarden.

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 4,99 per maand. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct