Peter Koomen fotografeert de bijen in zijn tuin. Inzetje (links): een honingbij.

Bijen tellen in de achtertuin: 'Steden zijn steeds belangrijker voor het overleven van bijen'

Peter Koomen fotografeert de bijen in zijn tuin. Inzetje (links): een honingbij. FOTO HOGE NOORDEN/JACOB VAN ESSEN

De nationale bijentelling leverde dit weekend het recordaantal van bijna 128.000 bijen op tegen 54.000 vorig jaar. In totaal 9888 mensen deden mee, onder wie ruim 300 Friezen.

Een half uur lang bijen tellen in je eigen tuin of buurtpark, met hulp van telformulier en bijenplaatjes, en het aantal doorgeven via de site nationalebijentelling.nl . Dat is het idee van de Nationale Bijentelling die voor de derde keer werd gehouden. Doel is om meer zicht te krijgen op de bijenstand in Nederland.

Peter Koomen uit Leeuwarden deed maar liefst vier keer mee; zaterdag en zondag, in voor- en achtertuin van zijn huis aan de Uiterdijksterweg. Hij telde in totaal zeven bijen. ,,Een akkerhommel, ik denk een koningin, twee losse metselbijen die in mijn bijenhotel zaten, een roodgatje en een paar honingbijen’’, vertelt Koomen, in het dagelijks leven conservator bij Natuurmuseum Fryslân.

Niet zo heel veel, vond hij. ,,Het was wel zonnig, maar het waaide ontzettend, dus het was vrij koud voor de bijen.’’

Steden steeds belangrijker

Wat hem verder opviel: de echte wilde bijen zaten in zijn achtertuin, de honingbijen in de voortuin. ,,Die doken voortdurend op de bloeiende buxusstruik. Ze komen waarschijnlijk uit de bijenkast in de vlindertuin hier in de buurt.’’

Koomen deed mee voor de lol en een beetje beroepsmatig; hij is ook voorzitter van de Nederlandse entomologische vereniging (die zich bezighoudt met de studie van insecten, red.). ,,Het is belangrijk om de belangstelling te vestigen op de bijenstand, en je kunt dit gewoon in je achtertuin doen.’’

Volgens de insectenliefhebber is de bijentelling vooral waardevol omdat die op termijn een goed beeld kan geven van de bijenstand in stedelijke gebieden. ,,Steden worden steeds belangrijker voor het overleven van bijen. In de omgeving van Leeuwarden bijvoorbeeld heb je allemaal akkerbouw met één soort gras, dat is voor bijen niet zo interessant. In de stad is meer variatie aan groen.’’

Trends

Van de bijna 360 bijensoorten in Nederland wordt ruim de helft bedreigd. Dat kan grote gevolgen hebben, omdat 80 procent van de eetbare gewassen afhankelijk is van bestuiving door bijen. Onderzoekers gebruiken de resultaten van de nationale telling om te zien waar de verschillende bijensoorten voorkomen en of die aantallen toe- of afnemen.

Dat het aantal getelde bijen veel hoger is dan vorig jaar (54.000), is hoopvol, vindt Koomen. ,,Maar je kunt er nog geen conclusies aan verbinden. Pas over een jaar of vijf, zes kun je trends in bijenpopulaties vaststellen, zien hoe het met de verschillende soorten gaat.’’

Henk Koers, imker uit Drachten, moest dit weekend even bij zijn bijen ‘op het fruit’ kijken in Engwierum. En passant telde hij de andere soorten. ,,Ik zag drie verschillende: een steenhommeltje en twee wilde bijen.’’

Koers, die al veertig jaar imkert, noemt de telling een leuk initiatief. ,,Aandacht voor bijen is altijd goed. Maar de temperatuur is nog wat laag. Ze hadden dit beter in mei kunnen doen, dan is er meer bijenactiviteit.’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 4,99 per maand. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct