Tachtig appartementen voor topsporters naast ijsstadion Thialf

Het Thialf-complex in Heerenveen gezien vanaf de achterkant. Op deze foto staat het oude Vesta-gebouw boven de grote 400-meterhal, nabij het spoor. FOTO LC/ARODI BUITENWERF

In de voormalige meubelzaak van Vesta in Heerenveen, naast ijsstadion Thialf, worden zeker tachtig appartementen gebouwd voor topsporters.

Het oude Vesta-gebouw aan de Heremaweg stond jarenlang leeg. Eind vorig jaar kocht de Heerenveense ontwikkelaar Zwanenburg Projecten het pand. Een sportschool (Balans) kon er vervolgens tijdelijk terecht. In de nieuwe plannen krijgt deze sportschool een vaste plek.

Bovenal is er ruimte voor minimaal tachtig studio’s: compacte appartementen met een oppervlakte van 28 vierkante meter. De woonruimten zijn bedoeld voor topsporters, zoals schaatsers, shorttrackers, turners en judoka’s. Zwanenburg heeft een overeenkomst gesloten met het Centrum voor Topsport en Onderwijs (CTO), dat de huisvesting regelt van de sporters.

Ook met de gemeente is al uitgebreid over het plan gesproken. Sportstad en Thialf zijn op de hoogte. Wel moet de gemeenteraad nog over het initiatief vergaderen.

Verbouw begint over een jaar

Het grootste deel van het Vesta-pand zal blijven staan, zegt projectleider Bastiaan Dijk van Zwanenburg. Als de overleggen en het papierwerk vlotten, kan de verbouw eind volgend jaar beginnen. ,,Mogelijk nemen we een hap uit het pand en bouwen we er een nieuw gedeelte bij. Of we bouwen iets over het bestaande gebouw heen.’’

Zwanenburg en het CTO willen de topsporters samenbrengen op één plek. ,,Zo krijg je veel meer een topsportklimaat’’, zegt Dijk. Nu wonen de sporters nog verspreid over Heerenveen. Volgens CTO-directeur Evert Jorritsma moet een topsporter volledig met zijn of haar sportcarrière bezig kunnen zijn en ,,geen tijd verspillen aan reizen’’.

Naast de tachtig studio’s en de sportschool blijft er ruimte over voor andere bedrijfjes. Zwanenburg staat open voor nieuwe initiatieven. Dijk: ,,Dat kunnen bedrijven zijn op sportief gebied of in de gezondheidssector, maar ook in de verzorging of de horeca. Het moet elkaar versterken.’’