Vertraging met de afbouw van de nieuwe catamarans, pech met de bestaande vloot en dan ook nog de coronapandemie. Toch is 2020 voor scheidend Doeksen-directeur Paul Melles niet het vervelendste jaar uit zijn carrière geweest.

Hij vertrekt, maar toch ook niet helemaal. Paul Melles, sinds 2001 operationeel directeur van Rederij Doeksen, laat met ingang van 1 januari zijn kantoor achter zich. Maar definitief is het afscheid van de 60-jarige Sneker niet, die op 27-jarige leeftijd als hoofd technische dienst zijn intrede deed bij het bedrijf. Melles is door de directie van Koninklijke Doeksen gevraagd zich in de komende jaren met nieuwe, veelal duurzame initiatieven en projecten bezig te houden.

,,Voor mijzelf en voor het bedrijf is het goed om nieuwe impuls te krijgen. De nieuwe schepen zijn opgeleverd en daarmee is eigenlijk mijn missie volbracht. Ik denk dat het bedrijf met nieuwe energie de toekomst in kan. Ik heb in die twintig jaar heel veel meegemaakt en ook een paar zware dossiers gehad.’’

'Niet het moeilijkste jaar'

Op de drempel van 2021 zegt Melles dat het afgelopen jaar, waarin door de coronapandemie het leven wereldwijd op zijn kop is gezet, toch niet het moeilijkste uit zijn loopbaan is geweest. ,,We hebben heel veel operationele pech gehad. Het begon met de aanvaring van de Vlieland tegen de kade in Harlingen. Voor het eerst in de geschiedenis van de rederij hebben we zo lang een hoofdboot moeten missen. De Midsland heeft daardoor heel lang op Vlieland moeten varen, wat terecht tot veel chagrijn op het eiland heeft geleid.’’ Ook de snelboot Koelgelwieck werd diverse keren uit de vaart genomen wegens technische mankementen.

Toen vervolgens in het voorjaar grote paniek uitbrak door het coronavirus, leek de ellende bijna niet te overzien. De omzet, in het voorjaar zo broodnodig om de liquiditeit van het bedrijf na een stille winterperiode op peil te houden, viel nagenoeg volledig weg door de oproep van de eilander burgemeesters aan toeristen om thuis te blijven. ,,Dat viel iedereen rauw op het dak.’’

D oor het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (I&W) werd Doeksen als concessiehouder ingepast in het openbaarvervoerprotocol, waardoor de schepen met een derde van de bezetting mochten varen. ,,Maar dan heb je dus wel meer schepen nodig. We hebben toen adequaat gereageerd door het inschakelen van andere schepen die door corona ook voor de wal lagen, zoals de oude stoomboot Holland.’’

In de zomer mocht de rederij weer met volle schepen de oversteek maken. En hoewel op de eilanden enerzijds met bezorgdheid naar de komst van de vele tienduizenden toeristen werd gekeken, zorgden die er wel voor dat de lokale economie kon blijven draaien. ,,Ook voor ons is dat een groot geluk geweest.’’ Melles raamt het omzetverlies voor de rederij over 2020 op ongeveer 20 procent.

Nieuwe schepen

Tussen alle besognes door werd in Harlingen ook hard aan de ingebruikname van de nieuwe schepen Willem Barentsz en Willem de Vlamingh gewerkt, een ander ingewikkeld en door rampspoed omgeven dossier. De bouw van de schepen in Azië en de inzet op de routes naar de Vlieland en Terschelling liep in de afgelopen jaren herhaaldelijk vertraging op. Na aankomst in Nederland bleken de catamarans in 2019 ook nog eens zwaar beschadigd te zijn. Keer op keer moesten de plannen worden bijgesteld en op de valreep zorgde ook de coronacrisis voor het nodige oponthoud.

Geplande trainingen voor het personeel vielen in het water. Dat vanaf september uiteindelijk regelmatig met de Willem Barentsz kon worden gevaren, verzachtte de pijn. Vanaf half januari zal het schip daadwerkelijk als hoofdveerboot voor Terschelling worden opgenomen in de dienstregeling. De Willem de Vlamingh volgt in februari.

Met de ingebruikname beschikt Doeksen over twee schepen die varen op lng, vloeibaar gas – een noviteit in de scheepvaart. Voor Melles, die zich sinds 2000 heeft ingezet voor het gebruik van een duurzamere en schonere brandstof dan dieselolie waarop vracht- en passagiersschepen al decennia varen, is het duidelijk dat de scheepvaart in de toekomst door een mix van duurzame en fossiele brandstof zal worden voortgestuwd. ,,De ontwikkeling en implementatie van dergelijke systemen duurt al snel twintig jaar. Er is nu beslist geen holy grail . Zelf denken wij op termijn over te gaan op bio-lng.’’

W at de ontwikkeling bemoeilijkt, is de houding van de politiek. ,,In de scheepvaart worden enorme inspanningen verwacht om de vloot te verduurzamen. Scheepvaart is kapitaalsintensief. Als sector hebben we belang bij een langetermijnvisie, aan een stip op de horizon. Maar politiek in Nederland is doorgaans erg hijgerig, waardoor je niet gericht kunt investeren. Dat is killing.’’ In de discussie over duurzaamheid zal Melles in zijn nieuwe rol de komende jaren zeker een rol spelen, verwacht hij.

Eigen Veerdienst Terschelling

Terugblikkend noemt Melles het jarenlange gevecht met de Eigen Veerdienst Terschelling (EVT) als het moeilijkste dossier uit zijn periode. Een groep eilanders wilde een eigen veerdienst opzetten, die moest concurreren met Doeksen. ,,Een slepend en heel leerzaam dossier. Het duurde in mijn ogen ook te lang en leidde tot een schisma op de eilanden. Dat vond ik heel vervelend. Gelukkig is het gevoel nu wel verdwenen. Heel ongrijpbaar was dat de overheid niet helemaal wist wat ze ermee aan moest en het ook te lang heeft laten door-etteren. De EVT was als nieuwkomer de underdog en mocht op de sympathie van het publiek en media rekenen. Daardoor zijn in mijn ogen zaken ook niet altijd in het juiste perspectief geplaatst. Je kunt niet een partij aan afspraken binden en een andere aan soort van cherrypicking laten doen. Op een gegeven moment had je geen grip meer op de situatie, maar ik ben blij dat uiteindelijk door de overheid is ingegrepen en we uiteindelijk de concessie hebben kunnen verwerven.’’

De lessen die Melles er persoonlijk uit trok, was dat concurrentie niet altijd slecht is. ,,Je leert goed kijken naar je eigen organisatie. Los daarvan vind ik dat je geen gevecht in een markt, maar juist om een markt moet organiseren.’’

Met een goed gevoel legt Melles zijn functie nu neer. ,,Ik heb een geweldige tijd gehad en veel gedaan. Dat sommige dingen lastig waren, wil niet zeggen dat het niet leuk was. Ik heb ook voldoende hoogtepunten mogen meemaken, zoals bijvoorbeeld de introductie van het online reserveringssysteem, de transitie naar gastgerichte dienstverlening, de introductie van de catamarans als autoveerboot, en de lng-systemen en het moderne vrachtvervoerconcept dat we hebben ontwikkeld. Natuurlijk, 2020 was een rotjaar, maar ik ben er trots op wat we bereikt hebben en waar we nu staan.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Harlingen
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct