Herman Jongbloed op een elftalfoto van Olympia: achterste rij, derde van rechts.

Speuren naar Herman, genoemd op het KNVB-monument maar onbekend in geboortedorp Joure

Herman Jongbloed op een elftalfoto van Olympia: achterste rij, derde van rechts.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog kwamen 28 KNVB-leden uit Friesland om het leven. De meesten van hen kwamen uit Leeuwarden, maar ook in Sneek, Harlingen, Huizen, Wolvega, Bolsward en Joure vielen slachtoffers te betreuren. Jouster Herman Jongbloed kwam wreed aan zijn einde in Nederlands-Indië.

Hoe komt een in Nederlands-Indië overleden inwoner van Joure terecht op een in 1949 opgericht monument met 2212 KNVB-leden die in de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen. Het is een curieus verhaal over het erelid en een van de oprichters van de plaatselijke voetbalclub Olympia.

Sporthistoricus Jurryt van de Vooren is bezig te achterhalen wat er gebeurd is met alle KNVB-leden die in de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen. Hij baseert zich daarbij op het monument in Zeist. Daar staan van de slachtoffers alleen initiaal, achternaam en voetbalclub vermeld. Over H. Jongbloed; De Kooi was bar weinig te vinden. Hij wordt ook nergens herdacht in Joure, de plaats waar het voormalige De Kooi speelde.

Uiteindelijk zorgt Anke Jongbloed voor antwoorden op de vragen. Anke is de jongste dochter van Herman en Rika Jongbloed. Ze woont in Bennekom en reageert verrast als ze hoort dat er een onderzoek loopt naar haar vader. Anke is onmiddellijk bereid om haar herinneringen te delen. Ze weet echter niks van een KNVB-monument met de naam van haar vader en ook van De Kooi heeft ze nog nooit gehoord.

Surakarta en Sukabumi

Hermanus (Herman) Jongbloed wordt op 13 maart 1905 in Joure geboren als jongste kind van Pieter en Aaltje Jongbloed-Langenberg. Zijn broer is Jacob Jongbloed, die later uit zal groeien tot een bekende fysioloog en hoogleraar in Utrecht. De sportieve Herman richt in zijn jeugd, samen met een aantal plaatsgenoten, de voetbalclub Olympia (1920) op. Hij wordt bestuurslid en bij zijn afscheid in 1924 benoemd tot erelid. Na een studie Indologie in Leiden vertrekt Herman in 1928, samen met zijn vrouw Rika Schaper, naar Nederlands-Indië.

In Nederlands-Indië maakt Herman carrière als controleur bij het binnenlands bestuur. Zijn werkzaamheden voeren het gezin van Surakarta naar het eiland Borneo en uiteindelijk naar Sukabumi. In 1932 wordt dochter Wietske geboren en in 1940 volgt Anke. Datzelfde jaar mag het gezin eindelijk weer met verlof naar Nederland, maar dan breekt de Tweede Wereldoorlog uit.

De familie in Joure zucht al twee jaar onder de Duitse bezetting als er in 1942 ook een einde komt aan de vrijheid van het jonge gezin van Herman. In maart 1942 vallen de Japanners Java binnen en bezetten ze ook Sukabumi. Als hoge ambtenaar krijgt Herman het al na een aantal dagen aan de stok met de Japanners. Zij willen dat hij vrouwen voor hen ronselt, maar hier wil Jongbloed niet aan meewerken.

Over de exacte toedracht van Hermans dood bestaan verschillende verhalen. Lou de Jong schrijft in zijn boek Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog dat hij in koelen bloede is vermoord . Wat wel duidelijk is, is dat Herman Jongbloed postuum de hoge onderscheiding Verzetsster Oost-Azië 1942-1945 heeft gekregen.

Enkele maanden na Hermans dood worden Rika, Wietske en Anke geïnterneerd. Het drietal verblijft in verschillende kampen, voordat ze in 1944 in het beruchte kamp Tjideng belanden. In Tjideng zwaait de brute commandant Kenichi Sonei de scepter. Gebrek is er aan alles en daarnaast zijn collectieve en individuele straffen aan de orde van de dag, zo moeten de vrouwen en kinderen vaak uren in de brandende hitte op appèl staan. Rika is op dat moment al enige maanden ziek en overlijdt op 18 juli 1945.

loading

Terug in Nederland

Wietske en Anke worden na de bevrijding van het kamp overgebracht naar een weeshuis. Maar de kinderen zitten eigenlijk nog steeds gevangen vertelt Anke ,,Samen met twee andere kinderen sliepen we in een kippenhuis in het oude kamp Tjiding.’’ Daar vindt in oktober het weerzien met hun oom Heye Schaper plaats, die op zoek naar het gezin van zijn zus alleen nog zijn twee nichtjes aantreft. Anke herinnert zich niets van de kampen, maar weet nog goed hoe zij uit Nederlands-Indië vertrok.

,,Mijn oudste herinnering is het moment ik over de loopbrug van een boot liep naar het schip dat ons uiteindelijk naar Nederlands-Indië zou brengen. Ze zeiden dat ik niet naar beneden moest kijken als we aan boord van het schip zouden gaan, maar dat deed ik toch, en oh wat was dat hoog!’’

Bij terugkomst in Nederland worden de zussen van elkaar gescheiden. Wietske groeit op bij familie van haar vader en Anke belandt bij familie van haar moeder. De vrouwen trekken later de wereld in. Wietske woont met haar gezin jarenlang in Afrika en Anke in Zwitserland en verschillende Zuid-Amerikaanse landen. Uiteindelijk vinden de zussen hun weg weer terug naar Nederland.

Ze gaan dichtbij elkaar wonen, maar praten over hun kampverleden wil Wietske niet. Anke vertelt: ,,Ik heb haar vaak gevraagd hoe bepaalde dingen gingen, of ze bijvoorbeeld vliegen moest vangen voor Sonei, maar ze zei altijd dat ze het niet wist. En op een gegeven moment werd ze te ziek om er over te praten. Ik denk dat ze mij als grote zus wilde beschermen.’’ Wietske overleed in 2018.

Via een andere weg kreeg Anke wel meer duidelijkheid over haar verleden. Zo’n twintig jaar geleden kreeg ze tot haar verrassing de inhoud van twee reiskisten met spullen van haar ouders, die jarenlang bij familie op zolder stonden. ,,Ineens had ik fotoboeken, brieven en zelfs mijn geboorteakte in handen’’, vertelt Anke. ,,Bijna alle Nederlanders verloren hun bezittingen toen zij werden geïnterneerd, maar mijn moeder heeft deze reiskisten bij bevriende Chinezen ondergebracht. Zij hebben de spullen na de oorlog opgestuurd naar Nederland.’’ Door alle brieven en foto’s heeft Anke haar ouders toch nog een beetje leren kennen.

loading

Voetbalclub

Dankzij het boek 60 jaar voetbal en een vleugje korfbal in de Vlecke Joure van P.R. van der Zee, wordt meer duidelijk over hoe Herman Jongbloed op het KNVB-monument terecht is gekomen. Van erelid van Olympia werd hij erelid van De Kooi, toen zijn oude club van naam veranderde. Zo kon het gebeuren dat Herman Jongbloeds naam, die in 1942 al veertien jaar in Nederlands-Indië zat, als erelid van De Kooi op het KNVB-monument staat. Zonder ooit voor die club te hebben gespeeld.

Bij SC Joure, ontstaan uit een fusie van De Kooi met Friso in 1965, blijkt de naam van Jongbloed onbekend. Er is geen gedenksteen en ook geen vermelding op de lijst met ereleden. Als voormalig inwoner van Haskerland ontbreekt Jongbloed ook op het monument bij de Nederlands Hervormde Kerk in de Midstraat in Joure. Misschien is 75 jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog en 100 jaar na de oprichting van Olympia een goed moment om daar iets aan te doen.

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct