De roek (roek) is een kolonievogel en komt elk jaar graag terug naar zijn vaste stek. In Joure is er al sinds 1956 zo’n kolonie.

Er broedden in Herema State toen zeker 90 paar en bij Ter Huivre 45. In de loop der jaren is het aantal broedparen in Joure flink toegenomen, ondanks de pogingen om de kolonies te laten verdwijnen of in te krimpen. Zo telde ik in Joure in 2008 al zeker 488 broedparen.

Vooral eind maart was het een drukte van belang en zitten de eersten al te broeden. Reden te meer om dit jaar rond eind maart maar eens alle broedparen in Joure te tellen. Op maar liefst acht plekken in Joure werden kleine of grote kolonies ontdekt met in totaal 672 broedparen. Joure heeft daarmee een van de grootste kolonies in ons land en mag dan ook met recht roeken City genoemd worden. Ook elders in Friesland komen meer kolonies voor zoals in Heerenveen in de omgeving van ziekenhuis De Tjongerschans, constateerde ik onlangs.

Volwassen roek

De volwassen roek, niet te verwarren met zwarte kraai (swarte krie), herken je meestal aan het naakte grijze voorhoofd en de wat grijszwarte snavel. Roeken nestelen vaak in kolonies, zwarte kraaien zijn meer solitair en hebben een wat zwaardere snavel zonder grijze keel en voorhoofd.

Rond half maart beginnen ze vaak al met het opbouwen van de nesten. Het vrouwtje legt drie tot zes eieren in verschillende kleurtinten van lichtblauw met vlekken en spikkels, streepjes en krabbeltjes tot meer bruinachtig groen en broedt alléén zo’n 18 à 20 dagen en wordt door het mannetje van voedsel voorzien. Roeken brengen per jaar maar één legsel groot. De jonge vogels worden door beide ouders zeker nog zo’n dertig dagen in en bij het nest gevoerd.

Boerenzwaluw

Van ringonderzoek in ons land weten we dat roeken zeker een leeftijd van 20 jaar kunnen bereiken. De oudste in Friesland werd zeker 15 jaar en werd op 20 maart 2003 te Drachten geringd en op 7 mei 2018 dood gevonden bij Nij Beets. In Friesland zijn sinds 1911 maar weinig roeken geringd (rond de 60). Toch weten we dat er in de wintermaanden hier roeken in ons land uit broedgebieden in Noordoost-Europa (Denemarken, Polen, Rusland, Finland) hierheen komen. Zelfs van ver ten noordoosten van Moskou.

De boerenzwaluw (boereswel) keerde dit jaar in Friesland vroeg terug in stallen en schuren. Zo kwamen er in maart al 17 meldingen binnen, terwijl er rond 5 april nog een flink kouperiode was met hagel en sneeuwbuien. Hopelijk redden ze het.

Gekraagde roodstaart

Ook andere soorten kwamen eind maart vroeg terug. Van de rietzanger (reidsjonger) kwamen van de IJsselmeerkust (Workumerwaard, Piaam, Mirns), Lauwersmeer en Sneekermeer op 30 en 31 maart meerdere meldingen binnen. Op 30 maart zelfs een vroege ringvangst op Ringstation Rohel aan het Tjeukemeer.

In Akkrum zag Hyltsje Hilverda op 30 maart al een vroeg teruggekeerde gekraagde roodstaart (readsturtsje) in de tuin. Begin april waren er aan de Griene Dyk ten westen de Snitser Marr nog een groep van zeker veertig wegtrekkende kramsvogels (fjildlysters) aanwezig. Bij Joure ontdekte Gauke Zijlstra eind maart nog een groep van 45 nijlgans (nylgoes) op de weilanden.

Voor vogel- en natuurnieuws: E.A. Borgerstraat 66, 8501 NG Joure. Tel. 0513-414788. E-mail-reacties graag voorzien van naam en adres: j.d.jonglc@home.nl

Je kunt deze onderwerpen volgen
De Fryske Marren
Dieren
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct