Het brein heeft grote impact op je gezondheid. Dat inzicht is meer en meer geland in de ruim veertig jaar dat Gerdien Schuitemaker ziekenhuispsycholoog was in Antonius in Sneek en MCL in Leeuwarden. Dinsdag zwaait ze af.

Medicijnen geven bijwerkingen en artsen zijn verplicht daar melding van te doen, maar hóe je dat vertelt heeft directe invloed. ,,Als een arts zegt: ‘u kunt bijwerkingen krijgen’, dan maakt dat de kans groter dat je die bijwerkingen ook krijgt dan als de arts zegt: ‘Er zijn mensen die bijwerkingen krijgen.’ Dat is bewezen. Met taal kun je daar rekening mee houden.”

‘Positieve communicatie’ is het centrale thema op een online afscheidssymposium dat maandag voor Gerdien Schuitemaker gehouden wordt in het Medisch Centrum Leeuwarden. Hoogleraar gezondheidspsychologie Andrea Evers spreekt er, evenals twee Deventer collega’s van Schuitemaker, die andere zorgverleners comfortgericht leren communiceren.

‘Uitleggen hoe lichaam en geest op elkaar inwerken’

,,Onze vakgroep medische psychologie wil dat graag ook doen”, zegt Schuitemaker (66). Ze kwam als Brabantse begin jaren zeventig in Groningen studeren en is in het Noorden blijven hangen. Eerst als klinisch psycholoog in het Triotel (een voorloper van MCL), vervolgens 35 jaar in Antonius en de laatste vijf jaar weer bij MCL. Ze woonde lang in Leeuwarden en Sneek en sinds twee jaar in Roden.

,,De kunst is uit te leggen hoe lichaam en geest op elkaar inwerken”, zegt Schuitemaker. Daar valt nog wel wat te winnen. Heel veel patiënten beginnen nog altijd te protesteren als ze ‘het is psychisch’ te horen krijgen. ,,Dan zoeken ze het hogerop, dat is heel vaak de reflex, want ze willen van hun klachten af. Dat kan, maar dan moeten ze dus ook aan hun hoofd werken.”

,,Veel is communicatie”, vervolgt Schuitemaker. Neem een patiënt die een CVA heeft doorgemaakt. Gevolg van zo’n beroerte kan zijn dat je karakter verandert, dat je impulsiever of juist passiever wordt. ,,Leg dat uit, dan krijg je er begrip voor als je partner alweer op de bank zit. Het kan bij het ziektebeeld horen dat je initiatieflozer wordt.”

Ziek door stress

Bij ieder specialisme speelt het psychisch aspect - veelal veroorzaakt door stress - een belangrijke rol bij de klachten, variërend van 30 tot 50 procent. Als eerste voorbeeld noemt Schuitemaker het prikkelbare darmsyndroom, waarmee naar schatting twee miljoen Nederlanders rondlopen. ,,De darm is niet ziek, maar functioneert niet goed. Dat is veroorzaakt door stress, het stress-systeem moet gereset worden”, legt ze uit.

Pds kan mensen ernstig belemmeren in het leven, weet ze. Hypnotherapie kan soms helpen, een paar jaar geleden is dat wetenschappelijk aangetoond, zegt ze. ,,De darmen wil je weer in een rustige ontspannen stand brengen. We gebruiken veel metaforen, zoals de golven op de zee. De darmen bewegen op hetzelfde ritme als de golven.”

Chronische stress kan veel soorten lichamelijke klachten veroorzaken, tot aan invaliderende klachten aan toe. Spanningshoofdpijn is er ook zo één. Patiënten melden zich in eerste instantie bij een neuroloog, maar ook kaakchirurgen en tandartsen herkennen die klachten. ,,Door stress of angst spannen alle spieren van het lichaam zich. Ook spieren van het hoofd, je gaat fronzen, zet je kaken op elkaar, vaak zonder dat je het door hebt, die spieren kunnen pijn gaan doen.”

Beter imago van psychologen

In ruim veertig jaar is haar beroepsgroep aanzienlijk serieuzer genomen. ,,Vroeger was het: de patiënt heeft al een aandoening, moet je die ook nog een psycholoog aandoen? Dat hoor je niet meer. Het imago van de geitenwollensok met een luisterend oor zijn we wel vanaf, we denken gelijkwaardig vanuit verschillende perspectieven en kennisgebieden over hetzelfde probleem, we zoeken samen naar de juiste zorg voor de patiënt.”

Als ziekenhuispsycholoog was Schuitemaker veel betrokken bij de behandeling van pds- en hoofdpijnpatiënten, maar ook bij hart- en kankerpatiënten. Die patiënten worden bovenop hun aandoening geconfronteerd met angsten. ,,Iemand die een keer een hartaanval heeft gehad, kan zichzelf onnodig beperken. Lichamelijke klachten door angst kunnen erg lijken op hartklachten. Als je dat weet, durf je weer meer.”

Onder kankerpatiënten dook het fenomeen ‘chemobrein’ op. Chemotherapie zou invloed hebben op je hersenen, je zou er geheugen en concentratie door verliezen. Maar nieuw onderzoek onder borstkankerpatiënten die radiotherapie of hormoontherapie hadden gekregen wees uit, dat zij in dezelfde mate dat soort klachten erbij kregen.

,,Het cognitief slechter functioneren was dus niet een bijwerking van de chemo, maar is waarschijnlijk een gevolg van alle onzekerheid die op je afkomt als je te horen krijgt dat je kanker hebt. Er is eigenlijk geen relatie met de chemo, maar met de ingrijpende diagnose. Dat is een veel hoopvollere boodschap, want dat geeft aan dat je geheugen- en concentratieverlies iets tijdelijks is.”

Superactief brein

Chronische pijn is ook zo’n ,,enorm veel voorkomende” moeilijke grijpbare klacht. ,,Hoe langer een klacht duurt, hoe meer psychische invloed. Als je heel erg op je lichaam let, staat je brein open voor alle pijnsensaties die kunnen binnenkomen, dat breingedeelte wordt superactief. Andere sensaties, zoals minder pijn, merk je dan niet.”

De laatste vijftien jaar is er veel meer aandacht voor positieve psychologie, signaleert Schuitemaker. Hoe kan het dat sommige mensen geen grote restproblemen ontwikkelen, hoe komen anderen aan die veerkracht? ,,Mensen met een somberder inslag zien eerder de moeilijke kant van alles. Je kunt je steeds concentreren op de problemen en de pijnen die je ervaart, maar ook op wat eigenlijk wél goed gaat in je leven, wat je níet zou willen veranderen. Een dankbaarheidsdagboek bijhouden kan daarbij enorm helpen.”

Zo’n dankbaarheidsdagboek houdt Schuitemaker zelf niet bij. ,,Ik zit anders in elkaar, ben dankbaar met alles”, zegt ze. ,,Ik heb ook een heel dankbaar beroep.” Dat ze dat beroep vanaf dinsdag moet missen, kan haar niet van slag brengen. ,,Dan ga ik piano spelen, schilderen, zeilen, tuinieren, koken en tijd doorbrengen met mijn man, twee kinderen en twee kleinkinderen. Ik blijf supervisor van de opleiding, zit nog in het tuchtcollege en in de ledenraad van de beroepsgroep. En ik schrijf nog mee aan een boek over wet- en regelgeving in de gezondheidszorg. Ik houd nog wel even een band met de psychologie.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland
Zorg
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct