Wetsus 'grutsk': rijk waarborgt voortbestaan en geeft miljoenen

De Watercampus in Leeuwarden. FOTO ARCHIEF LC

Na maandenlang lobbyen in Den Haag waarborgt het rijk het voortbestaan van het Leeuwarder watertechnologisch instituut Wetsus. Directeur Johannes Boonstra is ,,grutsk’’.

Het ministerie van Economische Zaken stopt in de jaren 2021 en 2022 1,9 miljoen euro toe. Daarbij wordt Wetsus erkend als wetenschappelijk instituut. Dat maakt het mogelijk om zich te kwalificeren voor tienjaars aanvragen bij de nationale wetenschapsfinancier NWO.

Op de langere termijn hoopt Wetsus voorts aan te kloppen bij de Europese Unie voor structuurgelden uit het EFRO-fonds.

Wetsus worstelde. Het instituut bestaat al zeventien jaar maar kan niet, zoals universiteiten, bogen op een basisfinanciering vanuit het rijk. ,,Ze kunnen ons geen universitaire middelen geven, maar zo opereren we feitelijk wel’’, legt Boonstra uit. Hij en zijn collega Jantina van der Meij praatten zich de afgelopen vier jaar de blaren op de tong in Den Haag. Ook bestuurders als Sander de Rouwe (gedeputeerde) en Friso Douwstra (wethouder Leeuwarden) staken hun nek flink uit.

Het instituut krijgt nu een jaarlijks bedrag uit de Zuiderzeelijngelden, maar die stroom droogt op. Zonder rijksfinanciering dreigde vanaf 2021 een gat van 2 miljoen euro.

Een expertcommissie stelde in opdracht van het ministerie een lijvig rapport op van 45 kantjes over het belang van het Leeuwarder instituut. Het ministerie van Economische Zaken neemt de conclusies één voor één over. Staatssecretaris Mona Keijzer (EZ) heeft de Tweede Kamer per brief op de hoogte gebracht. Boonstra spreekt van ,,een soort apotheose’’. ,,Wetsus hoort écht bij de Nederlandse kennisinfrastructuur.’’

'Ontzettend blij'

Boonstra is ,,ontzettend blij’’ met de constatering van de experts dat Wetsus een belangrijke aanvulling vormt op het Nederlandse wetenschapsveld, en dat de continuïteit van het instituut moet worden gewaarborgd.

Het watertechnologisch instituut draait een omzet van zo’n 15 miljoen euro. De helft van het onderzoeksgeld komt binnen via bedrijven en universiteiten, de andere helft via subsidies. De nu door het ministerie gegeven erkenning is even belangrijk als de keiharde centen, stelt Boonstra. ,,Zonder die centen bestaan we niet. En zonder die erkenning krijgen we geen centen.’’

Wetsus hoopt op dezelfde voet voort te gaan. Groter groeien hoeft niet per se. ,,15 miljoen is een goeie omvang. Uiteindelijk doen we dit allemaal om impact te maken. Voor de BV Nederland, maar ook mondiaal.’’