Grijze luchten en drassige velden bij Oosterbierum.  Foto: Hoge Noorden/Jacob van Essen

Weeroverzicht: ‘Vijfde herfstmaand’ was zacht en grijs

Grijze luchten en drassige velden bij Oosterbierum. Foto: Hoge Noorden/Jacob van Essen Foto: Fotobureau Hoge Noorden

Soms leek het een vervroegde lente, meestal een verlengde herfst, maar winters werd het nooit in januari. De afgelopen honderd jaar was de louwmaand slechts twee keer zachter.

Bloeiende narcissen, kabbelende ijsbanen en zingende koolmezen: met een temperatuurgemiddelde van 6,0 graden tegen 2,7 normaal was januari in Friesland een uitgesproken milde maand. Sinds 1900 was het gemiddeld alleen in 1975 een tikkeltje zachter en de recordmaand van 2007 (6,8 graden) bleef ver buiten bereik. Toch vroor het toen vaker en meer dan in de afgelopen maand, die zo goed als vorstvrij verliep.

Niet tot nauwelijks vorst

Aan de kust werd helemaal geen vorst gemeten, net als in januari 1975. Normaal kent het kustgebied tien vorstdagen en dat aantal loopt op tot veertien in het binnenland. Nu had zelfs vliegbasis Leeuwarden maar één nacht met vorst (nieuwjaarsnacht) en dat betekende een aanscherping van het oude record van twee vorstdagen in 1983 en 1988. Bovendien lag de laagste temperatuur daar (-0,2 graden Celsius) nog nooit zo hoog in januari.

Ook in de Zuidoosthoek, waar plaatselijk vier vorstdagen werden gemeten, stelde de kou niets voor: meer dan 1 à 2 graden vroor het nergens. Ook sneeuw werd praktisch niet opgemerkt, een enkele lokale bui daargelaten. Er was dan ook sprake van een totaal ontbreken van enig wintergevoel, erger nog dan in recente zachte winters als 2014 en 2016.

Passaatachtige zuidwestenwind

Oorzaak van het bijzonder zachte weer was de niet aflatende, bijna passaatachtige zuidwestenwind. Die stroming werd in stand gehouden tussen hogedrukgebieden boven Zuid- of Midden-Europa en depressies die vanaf de oceaan naar Scandinavië trokken. Die laatste gaven het weer een veelal wisselvallig karakter, maar net als in december regende het wel vaak, maar zelden veel. De meeste regen trok noordelijk van ons langs, op afstand gehouden door het zoveelste hogedrukgebied boven de Alpen. Daardoor kwam het ook niet tot storm. Alleen op de 14de meldde Vlieland een windkracht 9.

Rond de 20ste bleef het dankzij zeer hoge druk boven onze omgeving een aantal dagen vrijwel droog. De barometers liepen op tot extreem hoge waarden (1047 hPa), maar het resultaat was slechts mist, nevel en laaghangende bewolking waaruit soms een motregentje viel. Aan het eind van de maand werd de (zuid)westelijke stroming in ere hersteld en liep het kwik net als rond de 10de en de 15de weer op tot boven 10 graden.

Somberste januari in dertig jaar

Op tien dagen liet de zon volledig verstek gaan en de meeste andere dagen verliepen ook overwegend grijs. Dit resulteerde in de somberste januarimaand in dertig jaar. Op de vliegbasis werden 34 uren zon gemeten tegen 60 normaal. In 1990 scheen de zon slechts 22 uur.

De neerslagverschillen in de provincie waren niet groot. Het droogst was het in Lemmer (50 mm) en Wytgaard (53), het natst in Sint Annaparochie (90 mm) en Hijum (82). Het provinciegemiddelde kwam uit op 68 millimeter, tegen 74 normaal. Vorig jaar was de louwmaand droger (57 mm), het jaar daarvoor natter (110 mm).

De winter 2019/20 ligt daarmee op koers om bij de drie warmste winters van de laatste driehonderd jaar te eindigen.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct