Rolien Tolsma, voorzitter van het MDA++.

Wat als je thuis niet veilig bent?

Rolien Tolsma, voorzitter van het MDA++. FOTO NIELS WESTRA

Corona verandert de wereld, mensen trekken zich noodgedwongen terug op hun eigen eiland. Maar hoe gaat het achter de dichte voordeuren? Rolien Tolsma (55) is voorzitter van het MDA++, een multidisciplinair team dat kindermishandeling, verwaarlozing en huiselijk geweld in Friesland aanpakt. ,,Wij leren strijdende ouders dat ze hun kinderen beschadigen.’’

‘We hebben betrekkelijk weinig grip op de zaak en dat zijn we niet gewend. Dat is wel een dingetje. Het is heel spannend, voor heel veel mensen. En ik ben heel benieuwd wat dit doet met de samenleving’.

(Peter van der Voort, LC 21-3-2020)

We zitten in een park vlakbij het Regiecentrum Bescherming en Veiligheid in Leeuwarden. Eenden en meerkoeten scharrelen aan onze voeten. Rolien, bril, tenger, jurkje, begon 29 jaar geleden als groepsleider in de jeugdzorg. Grinnikend: ,,Och joh, ik was zo groen als gras.’’ Geregeld hoorde ze ouders zeggen: ,,Wie ben jij dat je ons komt vertellen hoe het moet; heb je zelf eigenlijk wel kinderen?’’

Vol zelfspot: ,,Dat vond ik zo stom altijd. Ik weet nog de eerste keer dat het me overkwam. Ik was bij een stel mensen, dat was alleen maar ruzie, en geldproblemen, de kinderen werden echt verwaarloosd. Ik zat op de bank, keek naar het kleine meiske dat rondscharrelde en zag de luizen over haar hoofd lopen. En dan die vraag krijgen hè?’’

,,Ik snap hem nu hoor, want wie was ik, snotneus van een jaar of 28, 29 die het allemaal wel even zou vertellen. Die moeder was jonger dan ik, die had al twee kindjes. Het was een totaal andere wereld. En ik zat daar, en ik zag die luizen lopen en ik dacht: shiiiit, straks heb ik ze ook.’’

Later werd ze zelf moeder van een dochter, een zoon en pleegkinderen. Ze ging bij het Advies en Meldpunt Kindermishandeling werken en in 2011 stond ze aan de wieg van het Multi Disciplinair Centrum Kindermishandeling, dat nu, in een nieuwere versie, de Multi Disciplinaire Aanpak++ Friesland heet.

De nationale ombudsman noemde het team bij de start een voorbeeld voor Nederland. Slachtoffers van kindermishandeling worden vaak als een pakketje van de ene naar de andere instantie overgedragen. Maar in het MDA++, en in een soortgelijk team in Kennemerland, bundelen alle organisaties die met kindermishandeling te maken krijgen, hun krachten. En anno 2020, krijgt de werkwijze navolging in de rest van het land, onder meer in Drenthe.

De problemen die Rolien en haar collega’s aanpakken zijn nog steeds immens. Naast haar werk als voorzitter van het MDA++ geeft ze sinds 2004 ook leiding aan aan verschillende teams binnen het regiecentrum.

Voogden en jeugdbeschermers doen het in de publieke opinie niet snel goed hè?

,,Ik heb diep respect voor ze gekregen. Als je een kind niet uit huis haalt is het niet goed. En als je het snel uit huis haalt is het ook niet goed.’’

Peinzend: ,,En ja, hoe houd je dat dan vol ... Door samen te werken. Ik houd ervan om teams goed te laten functioneren, om allerlei disciplines samen te laten werken en tegelijkertijd met ouders en kinderen in gesprek te blijven.’’

Hoe komen zaken bij het MDA++ op tafel?

,,Hulpverleners, politiemensen of andere professionals doen een melding bij Veilig Thuis als ze zich zorgen maken over fors huiselijk geweld, seksueel misbruik of kindermishandeling. Vervolgens kan een Veilig Thuis-onderzoeker besluiten om zo’n gezin aan te melden bij het MDA++.’’

Wat is huiselijk geweld eigenlijk precies?

,,Ja dat is ruzie, schelden, ellende, vechterij, ook onderhuids. Veel strijdende exen. Och. Sodeflikflak. (Ze zucht) 70 procent van alle zaken bij de Jeugdbescherming heeft te maken met strijdende exen. We gebruiken het woord vechtscheiding trouwens niet meer. Dat is te negatief. We spreken nu over ‘complexe scheidingen’, omdat het woord ‘vechten’ de strijd verder versterkt.’’

Wat doen die ouders dan?

,,Nou die zijn vooral met zichzelf bezig. Vooral met zichzelf en hun eigen verhaal. En ze blijven het verdriet uit de relatie naar voren schuiven. Ze wijzen altijd naar de ander. Ze komen niet tot samenwerking. Het lukt ze maar niet om te denken: goh, laten we hier nou eens mee stoppen.’’

En hoe reageren de kinderen?

,,We zien kinderen die gillend van de ene naar de andere ouder worden overgedragen, kinderen die ’s nachts ineens weer in hun broek plassen, die helemaal in regressie gaan. Kinderen die zich afsluiten, die prachtig mooi weer spelen, die heel hard gaan leren, die willen uitblinken in hun sport.’’

En is de samenleving alert genoeg?

Zachtere stem: ,,Nee dat denk ik niet.’’

Terwijl iedereen wel iemand kent die in een vechtscheiding zit.

,,Ja. En waar gaat het onderaan de streep nou eigenlijk over? Strijdende exen zijn hun kind aan het verknoeien, laat dat duidelijk zijn. Kinderen zijn superloyaal. En zij hebben er niet voor gekozen om er te zijn hè? Dat ze bestaan hebben hun ouders ooit samen besloten, al dan niet per ongeluk.’’

,,Dus hou op met dat gedoe want je kind zit ertussen. Je kind merkt alles, hoort alles. Het is kletskoek om te zeggen: ‘Ach ze zijn boven, ze slapen’. Nee, die kinderen liggen wakker, dat vertellen ze ons. Wij praten daar met ze over.’’

,,De allerkleinsten kunnen in een reactie stille, rustige baby’s worden, daar merk je niks aan. En andere kinderen worden heel druk en krijgen een ADHD-stempel, terwijl er huiselijk geweld achter zit. Die kinderen worden de bliksemafleider van andere ellende in het gezin.’’

Worden ADHD-etiketten te snel geplakt?

,,Zeker in het verleden. Terwijl die kinderen met hun drukke gedrag zeggen dat er iets niet goed is.’’

Heb je nooit de neiging om die ouders een pak voor hun broek te geven?

,,Ja. (Lacht) Wat heet. Een schop onder hun kont. Maar we weten ook dat we het gedrag van de ouders met henzelf moeten bespreken. Ik denk dat er tot nu toe te veel om ouders heen gedanst wordt, er wordt te vaak omheen gedraaid.’’

,,Door hulpverleners bijvoorbeeld, of door familie die een kamp kiest. Ik zeg altijd; kies geen kamp, ga met alle partijen in gesprek, ook met de kinderen. En zeg tegen die ouders: ‘Dit is jouw kind, daar heb jij verantwoordelijkheid voor. Niemand anders heeft het gemaakt. En jouw kind heeft levenslang met jullie. Dat heeft recht op ouders die samenwerken’.’’

Nodig je dan in het multidisciplinaire team die strijdende ouders uit? Ook als een zaak bijvoorbeeld nog strafrechtelijk moet worden uitgezocht?

Gedecideerd: ,,We zetten de ouders vrijwel altijd samen bij ons aan tafel. Omdat we weten dat kinderen altijd voor hun ouders kiezen, hoe beroerd die het ook doen. En we doen het ook omdat ouders zich moeten realiseren dat het probleem bij hen ligt.’’

,,Vaak gaat het ruziemaken bij ons aan de teamtafel gewoon door. Dan hoor je: ‘Hij doet dit en zij doet dat’. En dan zeg ik: ‘Boos worden? Dat kan niet. Schreeuwen? Dat mag niet. Want als je dat hier doet, dan doe je dat waarschijnlijk overal. Met je kind erbij. En dat kan niet’. Vaak zeggen we ook dat we akelig worden van hun gedrag. En dan vertellen we ze: Als wij dat al hebben, wat zal je kind dan wel niet voelen?’’

,,Wij gaan de problemen niet voor ze oplossen, dat moeten zijzelf doen. Maar wij vragen wel wat ze daarbij nodig hebben, we maken samen een plan. En we blijven ze begeleiden. Er zijn gezinnen die we al vijf jaar volgen.’’

Zijn er kinderen die je nooit zult vergeten?

,,Meerdere. Ik herinner me een kindje dat overleed na ernstig toegebracht letsel. En wie <FZ,1,0,40>heeft dat dan gedaan hè? De politie vroeg of een van onze medewerkers de familie wilde begeleiden tijdens de begrafenis. Ik weet nog dat ik samen met de collega die dat ging doen, van tevoren in de aula ging kijken. Dan heb je een beetje een buffertje. Zonder zo’n buffer kun je niet professioneel zijn, dan kun je zo’n familie niet bijstaan.’’

,,Het was een kindje van nog geen jaar oud. We stonden met zijn tweeën naast dat kistje te huilen. En mijn drijfveer is dan om ervoor te zorgen dat mijn collega haar werk goed kan doen.’’

Veel mensen, ook als ze misschien ongeschikt zijn, willen toch een relatie, een labrador …

,,Een stationwagen. En dan komen er twee kinderen … Ja. Ja.’’

En jij ziet de verwrongen plaatjes.

,,Ik zie altijd problemen, ja. En de internationale rechten van het kind zouden bovenliggend moeten zijn. Nou hou op schei uit. Heb je even? In de praktijk weegt de Algemene Verordening Gegevensbescherming zwaarder. Met gemak wordt de privacywetgeving ertussen gezet. Het gaat in de wereld te weinig om de kinderen.’’

En door al die blokkades heen moeten jullie voor kinderen opkomen. Ik vermoed dat veel lezers denken: wat een rotbaan.

Schatert: ,,Het zou zomaar kunnen. Maar ik doe dit omdat ik wil dat de kinderen het beter krijgen. Wie een kind redt, redt de wereld. Dat is het. En dat kan niemand alleen. Daarom zitten er in ons team vertegenwoordigers van Veilig Thuis, de politie, het Openbaar Ministerie, het Medisch Centrum Leeuwarden, hulporganisatie Fier, de geestelijke gezondheidszorg, de verslavingszorg en ouders. Het is mijn missie om iedereen samen te laten werken.’’

Maar in die besprekingen lees je ook de beschrijvingen van het ‘top tot teen-onderzoek’ in het ziekenhuis, waarbij de verwondingen van kinderen nauwgezet in kaart zijn gebracht.

,,Ja. Dan zie je letsel, of eerdere breuken uit het verleden. Een baby’tje met vier gebroken ribben. Waarvan je weet, vanuit de theorie, daar is brute kracht voor nodig. Maar de duiding daarvan, dat is moeilijk. Het kan ook pure onhandigheid zijn. Dat is het lastige. En je weet ook dat het kindje weer naar die ouders toe gaat.’’

Want het kindje is nu eenmaal bij die ouders geboren en voelt een bloedband?

,,Ja. Dat kindje hoort daar, in principe. Alleen de manier waarop die ouders het ouderschap soms vormgeven is beroerd.’’

Ineens: ,,Weet je wat ik ook heel erg vind. Tegenwoordig moet de Jeugdbescherming kinderen loslaten als ze 18 jaar zijn. Terwijl de gemiddelde Nederlander dan nog profielwerkstukken maakt voor zijn kind hè? Maar kinderen in de Jeugdzorg moeten op hun 18de zelfstandig zijn. Die moeten hun kasboek kunnen bijhouden, ze moeten kunnen koken, een eigen huishouding voeren en een opleiding doen.’’

,,We moeten ze dan gewoon lóslaten. (Boos) Hoe is het mogelijk. En degenen die dat vanachter hun bureaus bedenken … dat zijn ouders die nog steeds alles regelen voor hun kind van 18-plus. Dat vind ik ongelijkheid. En volgens mij hebben beleidsmakers geen idee. (Met stemverheffing) Wat ben je nou als je 18 bent? Niks toch? Je moet minimaal 24 worden voor je een idee hebt van wat je wordt of bent. En dan hebben wij dus allang onze handen eraf moeten trekken.’’

,,Je kunt niet van jeugdzorgkinderen verwachten dat ze op hun 18de zelfstandig wonen, en een baan hebben of een opleiding, terwijl de andere kant van de maatschappij tussenjaren mag hebben en de ene studie na de andere mag proberen, en dik gesponsord wordt.’’

Voelen jeugdzorgkinderen zich dan in de steek gelaten?

,,Neeee, die zijn puberaal blij, die roepen: ‘Lekker, als ik 18 ben kan ik alles zelf bepalen. Eindelijk ben ik van die bemoeials af’. En dan lever je ze dus uit aan de wereld hè? En bovenaan in die wereld staan toch de ouders. Daar trek je, linksom of rechtsom weer naartoe.’’

En dan zie je ze later weer terug?

,,Ja soms zie je ze weer terug. In alle varianten. Soms ook als ouders van weer nieuwe kinderen die knel zitten. Maar er zijn ook positieve ervaringen hoor. Een aantal jaren geleden kwam ik thuis uit mijn werk, we waren aan het verbouwen, en daar stond iemand van een bouwbedrijf. Ik keek hem aan en ik herkende hem meteen. Hij had vroeger bij mij in een jeugdzorggroep gewoond omdat het thuis bij hem niet goed ging.’’

,,Dus toen hebben we samen, het was op een vrijdag, lang zitten praten. Hij vroeg: ‘Had jij altijd gedacht dat het wel goed met mij zou komen?’ En ik zei: ‘Ja, dat had ik wel bedacht’. Maar waarom dan, wilde hij weten. En ik zei: ‘Nou weet je, je was 11 of 12 en je deed best gekke dingen, maar als ik met je praatte luisterde je uiteindelijk toch’. Mooi hè? Dat was gewoon op een vrijdagavond bij mij in de achtertuin. Bij toeval.’’

Maar over de hele linie is het wel heel verdrietig allemaal.

,,Ja, als je zo zit te praten en je laat het binnenkomen allemaal, dan is het heel verdrietig.’’

Denk je nooit, sommige kinderen moeten eigenlijk losgesneden worden van hun ouders?

,,Ja, als je losgesneden bent kun je afscheid nemen, rouwen, en kun je door. Maar is dat ook echt zo? Dat weet ik niet. Ik denk dat je daar een groot dilemma raakt. Soms zie je moeders van uit huis geplaatste kinderen weer zwanger worden. Die moeders denken: ‘Dit nieuwe kindje mag ik misschien wel houden’. Zou dat niet iets heel dierlijks zijn? Je wilt iets van jezelf.’’

,,In ons MDA-team hebben we het daar ook met ouders over. Dan zeggen we: ‘Er kan nu niet nog een kindje bij. Hoe ga je dit regelen? Je moet aan geboortebeperking doen’. En ik weet dat de samenleving zulke gesprekken heel lastig vindt. Want wie ben jij om te zeggen dat iemand geen kind mag krijgen? Maar wij leggen het vraagstuk wel duidelijk op tafel.’’

Waar maakte jij je zorgen over toen de coronacrisis uitbrak?

,,Nou dat kinderen die toch al weinig hebben bij hun ouders in huis zitten waar de hulpverlening niet meer komt. Overal hoor je mensen enthousiast roepen dat beeldbellen zo effectief is. Maar ik dacht: je kunt toch niet echt, al beeldbellend, bij die ouders binnenkomen? Krijg je dan de situatie van de kinderen wel voldoende mee?’‘

,,En dan al die kinderen die via school of de kinderopvang dagstructuur krijgen. Die thuis geen kaders hebben. Daar maak ik me zorgen over. Hoe komt het met die kwetsbare kinderen die een extra paar oren en ogen nodig hebben?’’

Eigenlijk zitten die kinderen opgesloten in superonveilige situaties.

,,Ja. En daar is dan niemand bij.’’

Kwamen er de afgelopen tijd meer kinderen in de ziekenhuizen terecht?

,,Nee. Ziekenhuizen moesten leeg om ruimte te maken voor coronapatiënten. Maar gek genoeg kwamen er niet meer meldingen van kindermishandeling binnen. Zeker de eerste weken niet. Nu pas begint het weer toe te nemen, nu zitten we weer op het niveau van voor corona.’’

Denk je dat de situatie tijdens onze ‘intelligente lockdown’ stiekem uit de klauwen is gelopen?

,,Dat weten we nog niet eens. Dat zal straks moeten blijken, als de wereld wat verder open gaat. En er is natuurlijk ook een groep waarmee het wel goed is gegaan. Waar de stress van het moeten verdween, waardoor kinderen en hun ouders meer in de rust kwamen. Maar ik houd mijn hart wel vast. Al leren we nu misschien ook dat er juist in gewone, niet-coronatijden veel meer ellende is omdat we normaal gesproken allemaal op de toppen van ons kunnen moeten presteren. Dan zou dit een mooi kantelpunt kunnen zijn. Hoe mooi zou het zijn als we de hulpverlening kunnen verminderen? Dat zou toch mooi zijn?’’

Maar je kunt het bijna niet geloven.

,,Ik kan het bijna niet geloven. Nee.’’

Denk je nooit eens stiekem, als er weer een verschrikkelijke situatie binnenkomt; deze mensen hadden nooit kinderen moeten krijgen?

,,Ja dat denk ik regelmatig.’’ Ze grinnikt: ,,Maar dat is niet aan mij. Ik zou wel heel graag willen dat mensen er bewuster over zouden nadenken. Je tekent voor het leven. Het is verrotte moeilijk. Ik heb het ook af en toe als moeilijk ervaren. Hoe vaak heb je thuis niet mot over de kinderen? Het gaat vaak niet eens over hen, het gaat vaak over wat eronder ligt, maar zij zijn de trigger. Het is een hele opdracht: kinderen op de wereld zetten en grootbrengen.’’

,,Kijk’’, zegt ze, met een blik op een groep eenden in het frisgroene gras. ,,Een manke eend. Och gossie. Ze eet heel lekker maar ze heeft wel een mank pootje.’’

Moeten we ingrijpen?

Ze lacht: ,,Ik even niet nu.’’

loading

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 4,99 per maand. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct