Volledige Rede van Fryslân

Dit is de integrale tekst van de Rede van Fryslân die oud-minister Pieter Winsemius woensdag hield. Onderwerp van de Rede van dit jaar is de Friese vrijheid door de eeuwen heen. De Rede van Fryslân vindt jaarlijks plaats. Iemand van buiten de provincie houdt met het oog op de toekomst Friesland de spiegel voor.

Rede van Fryslân

Zeshonderd jaar geleden – in het jaar 1417 -  verleende Keizer Sigismund de Friezen een privilege. Naast de belastingvoordelen waarmee ook toen de leiders hun volk paaiden, omschreef het privilege ook de contouren van de 'Friese vrijheid'. Fryslân zou niet onderworpen zijn aan een centraal gezag maar regering en rechtspraak werden gelegd in handen van vrije Friezen, toentertijd beperkt tot grondeigenaren.

Het waren warrige tijden in Fryslân. Zestig jaar eerder had immers de slag bij Warns de Friezen gevrijwaard van het dreigende Hollandse juk. Ook toen had de strijd zich toegespitst op belastingen en centraal gezag. De afwezigheid van een Heer leidde echter tot onderlinge twisten waarbij plaatselijke edellieden elkaar bevochten. Toen de Schieringers in hun strijd met de Vetkopers het onderspit dreigden te delven, riepen zij de hulp in van Keizer Sigismund. Een honderd jaar later verviel de “Friese vrijheid”. Het centrale gezag, met zijn grotere belastinggebied, kon grotere huurlegers in de benen brengen en ook een grotere stabiliteit waarborgen.

Is er met het oog op de toekomst een nieuw vrijheidsprivilege nodig om de vrijheid van de Friezen te behouden? Laten we niet teruggaan in de tijd: hoe we ook kijken naar 'Den Haag' of 'Brussel', een vorm van centraal gezag is een noodzaak en een vorm van internationale samenwerking evenzo om de waarborgen te scheppen voor een gezamenlijke vrijheid en menselijke waarden wereldwijd. Tegelijk bestaat er een dringende behoefte aan een nieuwe Friese vrijheid, waarvan de essentie zo mooi is vervat in dat ene woord: mienskip.

Zoals zeshonderd jaar geleden gaat het om gemeenschap: de gedeelde verantwoordelijkheid van mensen voor hun eigen leefomgeving en die van volgende generaties. Als lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) leerde ik, dat burgers van alle rangen en standen bereid en in staat zijn tot grote inzet voor een gezamenlijk belang op vier terreinen: de fysieke inrichting, de veiligheid, de zorg en het onderwijs in hun eigen omgeving. Daarbij gelden wel drie randvoorwaarden waarin bestuurders moeten voorzien: een uitdaging moet passen bij hun behoeften en kwaliteiten; er moeten binnen hun netwerken trekkers zijn maar vooral verbinders; je moet ze serieus nemen.

Vanuit bestuurlijk perspectief is de sleutel voor een nieuwe Friese vrijheid daarom gelegen in het sterkmaken van burgers in hun eigen omgeving. Het recept daartoe tekent zich in de praktijk af. Begin met het in kaart brengen van de behoeften en kwaliteiten van de burgers en hun eigen netwerken: wat is de eigen kracht die zij in huis hebben? En vraag daarna je frontlijnteams – handen aan het bed, blauw op straat, docenten voor de klas, dorps- en wijkwerkers – om de gaten vullen, de toegang tot de 2e en 3e lijn te waarborgen, en om in te springen in geval van nood.

Fryslân staat daarbij niet met lege handen. Het is op tenminste twee terreinen koploper en de nieuwe Friese vrijheid kan daarom een lichtend voorbeeld zijn voor de rest van Nederland. Nergens is het aantal vrijwilligers zo groot en krijgt mienskip nog elke dag zo’n mate van invulling. Zorg voor kwetsbare mensen – zieken, gehandicapten, senioren, groepen jongeren - staat hoog op de maatschappelijke agenda en krijgt in rap tempo een nieuwe invulling. Hebt u gemerkt dat je, met een beetje geluk, je huisarts en tandarts niet meer ziet? Ze werken in teams waarbij de meest “normale” zorg wordt verleend door assistentes. De arts staat echter dichtbij en springt is als dat nodig is en waarborgt de toegang tot de 2e en 3e lijn als dat nodig is.

Hebt u ook gemerkt dat, met wat bokkensprongen, het zorgsysteem van staatssecretaris Marten van Rijn aanslaat? Het is gebaseerd op eigen kracht: wat kunnen zorgbehoevenden met eigen netwerk? Teams van professionals vullen gaten, verschaffen toegang tot de 2e en 3e lijn, en komen te hulp in geval van nood. Er moeten nog regels worden aangepast maar de teams geven een eigen invulling aan hun professionele verantwoordelijkheid, gedreven door de behoeften en kwaliteiten van zorgbehoevenden en hun netwerk. Ze worden niet langer afgerekend op het aantal minuten per steunkous, ze zijn niet langer verplicht een rollator te verschaffen maar mogen samen met hun cliënten 'hun' geld inzetten waar dat wenselijk is.

Dat gaat niet vanzelf. Het vereist een bepaalde schaal om de goede 2e en 3e lijnsvoorzieningen te kunnen aanbieden en dat gaat makkelijker in grotere gemeenten. Tegelijk staat juist de superkleinschalige, op de zorgbehoevende toegespitste invulling voorop. Maar het werkt. Werkend vanuit de eigenkracht formule is Buurtzorg bijvoorbeeld 60 procent goedkoper dan veel andere thuiszorgaanbieders en heeft het de hoogste klant- en medewerkertevredenheid. Het superkleinschalige is het niveau van de Friese mienskip; nergens zijn er zoveel kleine dorpen, nergens zoveel vrijwilligers.

Fryslân is ook koploper waar het betreft de gedeelde verantwoordelijkheid voor de inrichting van de eigen gemeenschap. De grootste partij van Nederland zit niet aan tafel bij de kabinetsformatie. Het is de – niet-bestaande - lokale partij, die bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen dertig procent van de stemmen behaalde. Bijna al die lokale partijen werden opgericht naar aanleiding van een voorgenomen ingreep in de fysieke inrichting van een gemeenschap: een megalomaan gemeentehuis, een bos dat gekapt zou worden, een busbaan of een onveilige weg. Mensen hebben wat met hun omgeving. Juist in Fryslân telt ook het eigen dorp of de eigen buurt. Het mooiste dorpswerk van Nederland werd gedaan in Reduzum, de mooiste dorpshuizen met de meest innovatieve invullingen krijgen vorm in Fryslân.

We zijn daar te weinig trots op, dragen onze kracht nauwelijks uit als voorbeeld voor anderen. Belangrijker: we doen ook te weinig om nog beter te worden. De formule is weer hetzelfde: het sterkmaken van de eigen netwerken van burgers door gepaste ondersteuning. Bij de WRR leerden we een les: in bijna elke gemeenschap zijn voldoende trekkers, het probleem zit in de verbinders die ook de taal spreken van alles wat groot is: de gemeente of de provincie, de wooncorporatie, de zorginstelling. Zijn die niet binnen een gemeenschap aanwezig, dan moeten externe verbinders vanuit die grote organisaties de toegang tot de 2e en 3e lijn waarborgen.

Die verbindingsrol werd bijvoorbeeld prachtig ingevuld bij de 'klimaatstraten' in Bolsward, de winnaars van de prijs voor energiebesparingprijs. De bewoners raakten niet uitgepraat over 'Fedde' van de Friese Milieufederatie en 'Peter' van de gemeente die als aandrager van ideeën en verbinder met de overheid heldenwerk verrichten. Samen met 'Ytzen' van de wooncorporatie maakten zij het grote klein.

Fryslân is daar extreem goed in maar het is ook kwetsbaar door de combinatie van krimp en opschaling van alles wat toch al groot is. In “mijn” dorp Hitzum organiseren we nu een kleine twintig jaar de Ald Meiers Partij, de grote kaatswedstrijd voor meisjes van 14 tot en met 16 jaar. In die jaren zijn alle sponsoren achter de horizon verdwenen: de Friese zuivel, de wooncorporaties en de energiebedrijven fuseerden, de Rabobank uit Franeker trok in bij Leeuwarden. Ook de gemeenten werden groter. Het is een wijze les: afstand voel je van onderen. Bestuurders denken onveranderlijk dat ze heel toegankelijk zijn, maar van onderen uit zie je de afstand groeien. Waarborg en eer daarom de verbinders binnen je eigen organisatie.

Ook onze veiligheid kan welvaren met een nieuwe Friese vrijheid. Als duizend ogen kijken, is verliezen aspirerende criminelen de moed: de kans dat ze worden gesnapt, is te groot. Indien burgers daarom waakzaam zijn en professioneel worden sterkgemaakt door nabije dienders, neemt hun veiligheid aanzienlijk toe. Indien zij bovendien hun signalen kwijt kunnen bij vertrouwde verbinders die daaraan ook een vervolg(ing) koppelen, zijn ze bereid tot grote inzet. Wanneer er ook nog sprake is van tweewegverkeer en de politie in geval van nood een beroep doet op de duizend ogen, wordt onwelgevallig gedrag ver teruggedrongen. 'Opsporing verzocht' en Burgernet getuigen daarvan; Leeuwarden liep op het laatste punt voorop.

Ook op dit terrein biedt een nieuwe Friese vrijheid grote kansen. De centralisatie ten gevolge van de instelling van een Nationale Politie heeft geleid tot een grotere afstand tot burgers. De kloof wordt steeds vaker gevuld met zogenoemde BOA’s, bijzondere opsporingsambtenaren met minder bevoegdheden dan de reguliere politie. Indien, zoals bij de zorg, nieuwe frontlijnteams onder regie van de politie en met BOA’s als eerste contact de burgernetwerken sterkmaken, moet het mogelijk zijn met minder geld (veel) betere resultaten te boeken. Een dergelijke veiligheidsaanpak staat of valt bij de gratie van rugdekking: van burgers door BOA’s, die vervolgens door politie en die weer door “burgemeester” en Openbaar Ministerie

Het antwoord voor goed onderwijs wordt onveranderlijk gezocht in kleinere klassen, waar docenten door hun nabijheid een anker kunnen bieden aan de meest kwetsbare jongeren en een inspiratiebron kunnen zijn voor de voorlopers. De sterkmaakformule suggereert echter dat een wellicht beter antwoord kan worden gevonden in grotere klassen met docententeams voor de klas. Zo’n team zou op een basisschool kunnen bestaan uit een “normale” docent die bij een klas van, zeg, veertig leerlingen wordt bijgestaan door twee assistenten. Door de taken te verdelen wordt niet alle aandacht weggezogen door een klein aantal leerlingen en kunnen de voorlopers aan hun trekken komen.

De noodzakelijke verandering is groot. Docenten zijn op dit moment bij uitstek solisten en op te veel middelbare scholen geven zij vakonderwijs – rekenen of aardrijkskunde - zonder de jongeren en hun behoeften nog op hun netvlies te hebben. Succes is een gehaald examen, niet een geslaagde opstap naar een volwaardig bestaan. De sterkmaakformule krijgt echter nu al inhoud op “spannende” scholen waarbij ook ouders worden betrokken. Vmbo’s kennen ook al ZAT’s, zorgadviesteams die dicht bij de frontlijn fungeren als 2e lijn zodat docenten niet worden overbelast met te veel taken waarvoor ze niet zijn opgeleid. Juist Fryslân met een relatief dunne bevolking en dreigende krimp ziet zich echter gesteld voor een bijzondere uitdaging. De overgang zou een versnelde samensmelting van scholen vereisen, met de bijbehorende bezwaren. Maar toch…

De contouren van een nieuwe Friese vrijheid tekenen zich af en vormen een formidabele uitdaging voor de Friese bestuurders. Een werkelijke mienskip vereist dat zij burgers en frontlijnwerkers serieus nemen: ze voorzien van de informatie die ze nodig hebben om zelf te handelen, ze ruimte laten – zowel qua inhoud als qua proces – om hun eigen omgeving beter in te vullen, beter passend bij hun behoeften en kwaliteiten. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar is dat geenszins. Vele malen heb ik zalen gevraagd: hoeveel van jullie hebben ooit aan inspraak gedaan? Ruwweg de helft van de mensen steekt dan hun hand op. Vraag ik daarna: hoeveel van jullie dat een bevredigende ervaring, dan blijven meestal maar een paar handen omhoog.

De nieuwe Friese vrijheid behoeft grote cultuuromslagen in wezenlijke delen van onze samenleving. Dat is buitengewoon moeilijk, maar Fryslân is uniek gepositioneerd. De hoogste drempel is echter gelegen in het gebrek aan vertrouwen dat bestuurders hebben in hun burgers en frontlijnwerkers. Ze moeten durven loslaten en ruimte laten, zoals we dat ook bij onze kinderen doen omdat we willen dat zij het maximale uit zichzelf halen. Vrijheid gebaseerd op mienskip begint bij burgers en begint daarom bij u als volksvertegenwoordigers, als volksdienaars.

Cultuur is een prachtig woord. Met een hoofdletter geschreven gaat het om Kunsten en Wetenschappen, met een kleine letter om mienskip: de manier waarop we met elkaar dingen doen. Wat zou het mooi zijn als de Culturele Hoofdstad van Europa volgend jaar in het teken zou staan van de cultuuromslag naar de nieuwe Friese vrijheid. De erfenis van Keizer Sigismund zou dan een belangrijk signaal afgeven aan heel Europa: burgers zijn bereid en in staat om een grotere verantwoordelijkheid te dragen voor hun eigen omgeving, binnen de begroting en tot hun tevredenheid en die van de frontlijnwerkers.

Pieter Winsemius

Leeuwarden, 24 mei 2017

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement