Van Ameland tot Makkum: Duitse toeristen worden steeds belangrijker

Ze komen met veel, blijven lang en zijn trouw. De Duitse vakantiegangers trekken graag naar Noord-Nederland. En ze zijn er ook welkom.

Vanuit het raam van zijn kantoortje heeft Cinto Prosperi, directeur van de VVV Ameland, zicht op de pier en de boot. Zodra hij een groep verse vakantiegangers op pas gehuurde fietsen het eiland op ziet trappen, weet hij vrijwel zeker of het Duitsers zijn of Nederlanders. Slingeren de fietsers met drie of vier naast elkaar, dan zijn het Nederlanders. Maar peddelen ze keurig twee aan twee met voorop een begeleider en achteraan nog een, dan kan het niet missen, dan zijn het Duitsers. ,,Netjes, ordentelijk.’’

Ameland is mateloos populair bij de oosterburen. Het is het Friese Waddeneiland dat het meest in trek is. Ongeveer 34 procent van het aantal overnachtingen op Ameland is van Duitsers. Daarbij vallen enkele dingen op, zegt Prosperi.

Auto als pakezel

Ten opzichte van Belgen en Nederlanders blijven Duitse gasten twee keer zolang. Gemiddeld een dag of zeven, acht. Ze komen ook graag in grote gezelschappen. Complete families. ,,Ooms en tantes, opa’s en oma’s, iedereen gaat mee.’’ Dat maakt ook dat Duitse gasten graag hun auto meenemen naar het eiland. ,,Niet omdat ze luier zijn hoor’’, zegt Prosperi. ,,Ze gebruiken hem als pakezel. Met die grote gezelschappen zit de kofferbak vol spullen en zijn alle zitplaatsen bezet.’’ De Volkswagens, BMW’s en Mercedessen staan vervolgens een week roerloos naast de vakantiebungalow. ,,Eenmaal geïnstalleerd gaan ze fietsend het eiland over.’’

Nog een kenmerk van Duitse vakantiegangers is dat ze hondstrouw zijn, zegt Prosperi. Bezoeken toeristen het eiland drie keer in de vier jaar, dan gaan ze de statistieken in als vaste gast. Zijn ze vier jaar niet geweest, dan tellen ze weer als nieuwe logé. Ameland heeft steeds minder terugkerende gasten onder de Nederlanders. Prosperi: ,,Het is niet populair om op je werk of voetbalclub te vertellen dat je voor de tiende keer naar dezelfde plek bent geweest. Duitsers hebben daar geen moeite mee en zijn trouwer aan het eiland. Zij vinden het gezelschap belangrijker dan de plek.’’

Goede naam

Ameland heeft een lange historie met Duitse vakantiegangers. Begin vorige eeuw kwamen jongeren in groepen naar het eiland. ,,Kerken, sportverenigingen en scholen organiseerden vakantieweken voor kinderen uit gezinnen waar weinig te besteden was. Boeren op het eiland hadden zomers de koeien in het land lopen, de stallen stonden leeg. De nieuwe Duitse gasten konden daar prima overnachten.’’ Zo ontstonden de eerste kampeerboerderijen. Sindsdien heeft Ameland een goede naam opgebouwd.

Tegenwoordig overnachten de oosterburen meestal in de luxere vakantiehuizen en groepsverblijven. Minder op de camping en weinig in hotels. Ondernemers en eilandbewoners zijn goed ingesteld op vakantiegangers. ,,Als je ergens een menukaart pakt en je draait hem om, dan is die in het Duits. En als je ergens Duits begint te praten, spreekt vrijwel iedereen Duits terug. En dat is best hoogstaand.’’

Gezamenlijk dingen doen

Ook wat activiteiten betreft speelt Ameland in op de wensen van de grootste groep overnachters, zegt Prosperi. ,,Duitsers houden van gezamenlijk dingen doen. Met zijn allen voetballen en volleyballen. Rond het kampvuur zitten. En vossenjachten zijn ze gek van.’’

Ze mogen dan dol zijn op Ameland, het blijft bij vakantie. Het gebeurt zelden dat ze zich er vestigen . ,,Duitsers kopen wel huizen’’, zegt Prosperi. ,,Luxere villa’s, soms wel twee of drie, die ze dan allemaal weer het jaar rond verhuren.’’ Duitsers als eigenaren worden steeds belangrijker.

loading

Duitsers in Makkum: surfen, surfen, surfen

Het is bloedheet op het Goudkustveld op recreatiepark De Holle Poarte in Makkum. De zon brandt op het dak van de stacaravan van de familie Oeser. Petra zit buiten te puffen in de schaduw onder een parasol. Haar man Detlev komt aansjokken in blote bast. Hij heeft het afval weggebracht. En veel meer actie zal er vandaag niet volgen voor het Duitse stel. Ze gaan rumgammeln . Een beetje niksen, zogezegd. Misschien zoeken ze nog wat verkoeling bij het IJsselmeer dat op een steenworp afstand ligt. Maar dat is het dan ook wel.

Detlev en Petra Oeser horen bij de grote schare vaste gasten van De Holle Poarte. Het stel uit Dortmund staat al 22 jaar met een stacaravan op het grote recreatiepark aan het IJsselmeer. Surfen, noemt Detlev die Hauptgrund dat ze in 1996 besloten naar Makkum op vakantie te gaan. Hij staat graag op de plank en hun twee kinderen doen dat ook. Die zijn inmiddels volwassen en komen nog steeds graag langs. Inmiddels met de Enkelkinder. Als de familie komt, logeren ze in een hokje met stapelbedden achter de caravan.

loading

Tweede reden: de afstand. Vanuit hun huis in het Ruhrgebied is het tweeënhalf uur rijden. ,,We zijn hier zo.’’ Reden drie is dat Detlev in de Ruhestand staat. Hij werkte zijn leven lang in de IT. Een echte bureaubaan. Nu heeft hij pensioen en staat niks meer in de weg om lekker vaak naar Friesland te rijden om het water op te gaan. Het is al de vijfde keer dat de Oesers dit jaar de tassen uitpakken voor een tripje Makkum. Nu staan ze er vier weken aaneensluitend. Maar ook voor een dag of vier rijden ze noordwaarts.

Dat ze al die jaren terugkomen heeft ook met de Friezen te maken. Die bevallen hen. De mensen zijn hier gemütlich . ,, Sie strahlen ruhe aus’’ , vindt Petra. ,, Nette Leute.’’ Aardige, kalme mensen, daar houden de Oesers van.

Geweldig om te surfen

Ze zijn ook wel aan de Noordzee geweest, in Zandvoort, Petten en Callantsoog. Het kon hen niet bekoren. Het is er duur, druk, niet mooi en minder veilig dan in Makkum, vinden ze. Het ondiepe water is geweldig om te surfen. Bovendien zijn Detlev en Petra uiterst tevreden met de voorzieningen. ,,We hoeven geen disco’s en dertig restaurants’’, zegt Detlev. ,, Drei Esslokale reichen uns .’’

Overal wordt Duits gesproken. Ook dat is fijn, vinden ze. Want Nederlands spreken ze beide niet. ,,Na twintig jaar is dat best treurig’’, zegt Petra beschaamd. Maar het blijft niet hangen. Detlev doet wel eens pogingen maar dan floept er zomaar Gut ziens uit als hij een winkel binnenstapt. Met een lach: ,,En die dame zei oant tschüss toen ik de zaak weer uitliep.’’

Voor Andreas en Antje Ohrt is het de eerste keer dat ze vakantie vieren in Nederland. Ze zijn voor twee weken met hun net gekochte caravan neergestreken op het campingterrein van de Holle Poarte. Hun kinderen Nathalie (10), Kaja (6) en Julian (2) fietsen en spelen met nieuwe vriendjes en vriendinnetjes op het kampeerveld. ,, Sie machen spass’’ , zegt Andreas tevreden. ,,En dan hebben wij het ook.���’ Het cliché blijkt maar weer een waarheid als een koe.

loading

Antje en Andreas werken beiden in het onderwijs en hebben zes zomerweken vrij. Vakantie wilden ze graag in het buitenland vieren maar dan niet te ver weg en bij het water. Ze waren al eens in Denemarken en Beieren. En nu dus Holland. In acht uren reden ze met de nodige stops voor de kinderen van Sleeswijk-Holstein naar Makkum. ,,Ik heb geen rijbewijs dus Andreas moet alleen rijden. Daarom wilden we niet te ver’’, zegt zij. Hij: ,,Voor het water kwamen we hier terecht.’’

Het bevalt in Friesland. De mensen zijn entspannen, valt Antje op. Maar terugkomen om hier een vaste vakantiestek van te maken? Nee, dat nou ook weer niet. ,,We willen altijd wat nieuws bedenken.’’

loading  

Voor Michael en Heike Townsend ging dat wel op die manier. Dertig jaar geleden kwam Heike met haar gezin naar Makkum en ze is nooit meer weggeweest. Surfen, surfen, surfen. Daarvoor kwamen ze. ,,Zodra we de slagboom doorreden, sprong mijn kind uit de auto en ik zag ’m daarna amper nog.’’ Eerst hadden de Townsends een stacaravan. Toen de aantallen stacaravans werden verminderd, kochten ze een chalet. In vier auto-uurtjes zijn ze van huis naar Makkum gereden. ,,De Duitse kust is verder.’’

Perfect, ook voor de hond

Perfect, ook vanwege de hond. Bernie, een lobbes van het Landseer-type ligt te hijgen in de tuin bij het chalet. Met een hond op vakantie is altijd gedoe. ,,In een hotel krijg je nooit een topzimmer ’’, zegt Michael. Hier is het geen probleem. Bovendien, met een eigen plek heb je nooit gedonder met boeken. Of er wel of geen plaats meer is. Als de Townsends zin hebben in vakantie kunnen ze direct de Volkswagen starten en gaan. Vijf weken zijn ze nu in hun tweede huis. Dat kan omdat Heike in het onderwijs zit en Michael sinds februari van zijn pensioen geniet. Hij werkte bij het stadsbestuur van Bochum, in het Ruhrgebied.

Heike is ook altijd terug blijven komen vanwege de mentaliteit van de Nederlanders, zegt ze. ,,Jullie zijn los, relaxed. Duitsers zijn vaak ernstig.’’ Omdat ze zolang al in Nederland komen en verblijven hebben Michael en Heike een Hollandse taalcursus gevolgd. Maar het is lastig in de praktijk brengen. Ze doen wel eens een poging om in het Nederlands iets te bestellen of zo. ,,Maar de mensen zijn zo hoffelijk hier dat ze gelijk in het Duits terug spreken.’’

loading

IJsselmeer als magneet

Het IJsselmeer werkt als een magneet op Duitsers. ‘Holland’ is het strand van Noordrijn-Westfalen. Lemmer, Stavoren, Hindeloopen, Workum en Makkum – de parkeerterreinen staan zomers vol Duitse wagens. Havens, vakantieparken en tweede huizen worden bevolkt door vakantievierende oosterburen.

Driekwart van de gasten op de toeristische camping is Duits en de helft van de eigenaren van stacaravans en chalets is Duits. Fokke de Boer, beheerder van recreatiecentrum De Holle Poarte bij Makkum, lepelt de getallen zo op. Zijn bedrijf drijft op de oosterburen. En dat geldt voor veel recreatieondernemers langs de hele IJsselmeerkust. De kleine stadjes en dorpen aan het water varen wel bij een constante en nog altijd groeiende stroom Duitse gasten.

Logisch te verklaren

Dat is ook heel logisch te verklaren, zegt De Boer. Holland is het strand van Noordrijn-Westfalen, zeggen de Duitsers zelf. ,,Twa, trije oerkes ride en se binne hjir.’’ Dichtbij en toch in het buitenland. ,,Se binne yn in oar lân en ha wol it gefoel dat se op fakânsje binne.’’ Veel recreanten komen uit het Ruhrgebied.

Naar de IJsselmeerkust komen ze voor de ‘frische Luft’. Ze hebben er tweede huizen. In Lemmer huizen ze in dure villa’s. De havens liggen vol jachten met zwart-rood-gele vlaggen. In Makkum zitten Duitse families al sinds jaar en dag in caravans en chalets. Ze komen om te surfen. ,,Yn de jieren tachtig kaam it op en no is it wer populêr.’’ Het maakt dat elk weertype goed is. Schijnt de zon, dan is het lekker op het strand. Waait het hard, dan is het goed surfweer. Nog een reden: het is veilig en rustig. ,,Wy ha hjir gjin terrorisme hân, dat jout minsken in rêstich gefoel.’’

Goed Duits spreken

Duitsers nemen het seizoen lekker mee. Ze kamperen van maart tot begin november, terwijl Nederlanders een maand later in actie komen en het ook een maand eerder weer voor gezien houden. De Boer zorgt dat hij het de Duitse gasten naar de zin maakt. In het recreatieteam zitten altijd een paar medewerkers die goed Duits spreken. ,,Dat is wichtich.’’ Verder is de website in het Duits en dat geldt ook voor de reserveringsbevestigingen. Dat is vanzelfsprekend, vindt De Boer. Maar je moet ook weer niet overdrijven door alles in het Duits te doen. ,,Minsken moatte noch wol it gefoel ha dat se yn in oar lân binne.’’

Duitse toeristen zijn anders dan recreanten uit eigen land, merkt de beheerder. ,,Se binne maklik.’’ En niet veeleisend. ,,Asto it goed foar elkoar hast, binne se gau tefreden.’’ En nog iets dat opvalt: ,,Se lústerje goed.’’ Ze zijn gezagsgetrouw. Als De Boer Duitse gasten aanspreekt op iets dat niet kan of niet is toegestaan op het terrein, dan geven ze daar gevolg aan. ,,Dan dogge se it net wer.’’

Nederlanders reageren dan vaak anders. Die hebben altijd een weerwoord en zijn eigenwijs. ,,Dy binne mear fan: kin wol wêze datsto dat seist, mar ik besykje it al.’’

Tweetalige kaart

Ondernemers in de dorpen en stadjes spelen goed in op het buitenlandse bezoek. De cafés en restaurants uiteraard door een tweetalige kaart te voeren. Boekenwinkels hebben rekken met Duitse kranten en lectuur om de gast te gerieven. Maar ook niet toeristische bedrijven proberen de Duitsers te verleiden.

loading

In Makkum zit garage Horjus aan de rondweg naast de brug. Alle vakantiegangers rijden bij hem voor de deur langs. Potentiële klanten die hij graag wil vangen. Om te tanken, voor autowassen of een reparatie. Naast de Hollandse driekleur wappert er daarom ook een Duitse vlag aan de gevel van de showroom. ,,Soks lûkt de oandacht’’, zegt medewerker Bouwe Bruinsma. ,,Puer om te lokken.’’

Niet dat ze vloeiend Duits spreken bij Horjus. ,,Mar in pear fêste sintsjes kinne we wol.’’ En een aantal technische termen in het Duits kennen is ook wel handig. ,,In akku neame Dútsers in Batterie en as se sizze dat de Puff kaputt ist , dan leit de útlaat der ôf.’’ Daarnaast heeft Horjus Bosch Car Service. Volkswagens, Mercedessen en BMW’s zitten vol met elektronica van het Duitse merk. ,,Dat helpt ek.’’

'Gatsjefullers'

,,Gatsjefullers’’, noemt kapster Nynke Boonstra de Duitse gasten. Door hen blijft ze de hele zomer open en gaat ze niet zoals veel andere kapsalons een paar weken dicht. Ze heeft best een aantal vaste klanten van de camping. Laatst kwam er een dame uit Leer de kapsalon binnen. ,,Weer lekker even op de camping?’’, vroeg Boonstra. ,, Nein ,’’ ant-woordde de vrouw. ,,Se kaam allinne hjirhinne om te knippen en ried doe wer nei hûs.’’

Net als de monteurs van Horjus, haalt ook zij haar talenkennis op. Toen een Duitse dame zich in de kappersstoel nestelde en zei dat ze graag Strähnen wilde en stufenartig , krabde Boonstra zich even achter het oor. ,,Dat wiene dus blonde lokjes, die bliken, en yn laachjes knipt’’, vertelt ze lachend. ,,We komme der wol út.’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 4,99 per maand. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct