Titus Brandsma in 1905, het jaar van zijn priesterwijding.

Vroom boerenjongetje uit Bolsward groeide uit tot icoon

Titus Brandsma in 1905, het jaar van zijn priesterwijding.

Een vroom boerenjongetje uit Bolsward groeide uit tot een icoon. Titus Brandsma kwam vandaag 75 jaar geleden om in Dachau.

In een van de vitrines van het Titus Brandsma Museum in Bolsward staat een opgezette kanarie. Het knalgele beestje staat pal onder een glimmende icoon van die zalige figuur. In het museum is veel te lezen over het leven van de karmeliet die op 26 juli 1942 in het concentratiekamp Dachau omkwam. Er zijn echter maar weinig persoonlijke voorwerpen.

Misschien maken de paar dingen die nog wel resten juist daarom zoveel indruk. Titus’ laatste paar schoenen, zijn laatste jas. En in een lijstje een zogeheten secundaire reliek: een piepklein stukje van een hemd. Misschien is het ook wel passend dat er zo weinig tastbaars rest. Pater Titus wordt vooral geëerd om wie hij was en om wat hij deed. Zijn onverzettelijke houding ten opzichte van de nazi’s dwingt nog steeds respect af.

Op woensdag 23 februari 1881 werd bij boer Brandsma in het buurtschap Oegeklooster onder Bolsward een jongetje geboren: Anno Sjoerd. Het boerenventje groeide uit tot een tengere man die fysiek weinig indruk maakte, maar door zijn optreden en zijn mystiek des te meer. Direct na zijn dood op 61-jarige leeftijd hing rond zijn persoon een geur van heiligheid en hij groeide al snel uit tot een grote geloofsmartelaar.

Al jong werd duidelijk dat Anno Sjoerd even vroom als intelligent was. Als achttienjarige legde hij al zijn kloostergeloften af, waarbij hij de naam Titus aannam, en zes jaar later werd hij tot priester gewijd. Voor zijn studie vertrok hij naar Rome, waar hij drie jaar studeerde aan de Pontificia Università Gregoriana. Hij promoveerde er tot doctor in de wijsbegeerte.

Titus sloot zich niet op in zijn studeerkamer en zijn belangstelling ging veel verder dan louter de filosofie. In Oss doceerde hij aan het studiehuis van de karmelieten ook kerkgeschiedenis en sociologie. Hij stichtte er een katholieke hbs, zat in het hoofdbestuur van de karmelietenorde en was geestelijk adviseur van de Nederlandsche rooms-Katholieke Journalistenvereeniging, waar hij zich ook beijverde voor betere arbeidsvoorzieningen.

Brandsma werd in 1923 hoogleraar in Nijmegen, waar hij ook de geschiedenis van de vroomheid doceerde. Naast al zijn maatschappelijke betrokkenheid had de mystiek zijn grote aandacht, net als de middeleeuwse vernieuwingsbeweging Moderne Devotie. In wezen gingen inkeer en inzet hand in hand. Hij geloofde dat je in de ander Gods gelaat weerspiegeld zag. Dat was wat hem ten diepste bewoog.

Ook het geloofsleven en de emancipatie van de gewone katholiek lag hem na aan het hart. Hij was bijvoorbeeld een van de initiatiefnemers van de bedevaarten naar Dokkum en de Bonifiatuskapel met bijbehorend processiepark. Direct bij binnenkomst van dat park is links een beeld van pater Titus te zien.

En, niet te vergeten, Brandsma be-ijverde zich voor de Friese taal. Zo maakte hij zich als bestuurder van de Vereniging voor Hoger Onderwijs in het Fries sterk voor een leerstoel in de Friese taal. It Fryske Gea mocht ook op zijn steun rekenen, terwijl hij een van de oprichters was van het Rooms Frysk Boun en de Fryske Akademy.

Pater Titus groeide uit tot een katholieke voorman, die al in de jaren dertig in lezingen en veel publicaties waarschuwde voor de nazi’s en wat zij voorstonden. Zijn rol binnen de katholieke pers zou hem duur komen te staan. Roemrucht is zijn rondreis langs rooms-katholieke kranten, nadat aartsbisschop Jan de Jong het opnemen van advertenties van de NSB had verboden. Terzijde: de van Ameland afkomstige De Jong groeide net als Brandsma uit tot een symbool van het verzet tegen de Duitse tirannie.

Dat verbod op die advertenties was een idee van Brandsma en hij ging bij dagbladdirecties langs om het toe te lichten. Dat bleef bij de Duitsers niet onopgemerkt en wat hen betrof was er sprake van illegaal verzet. Het duurde niet lang voor hij werd gearresteerd. Begin 1942 kwam hij in de gevangenis van Scheveningen terecht. Via kamp Amersfoort en de strafgevangenis van Kleef ging hij in juni 1942 samen met predikant Johannes Kapteyn – ze zaten aan elkaar vastgeketend – op transport naar het concentratiekamp Dachau.

In Dachau werd Brandsma gevangene nummer 30492 in kamer 3 van Block 28. Net als Kapteyn maakte hij grote indruk op medegevangenen. Uit latere getuigenissen bleek dat de twee velen al snel tot grote geestelijke steun waren. Maar de broze Brandsma ging in korte tijd zienderogen achteruit. In juli belandde hij in het kamphospitaal, waar hij na enige dagen het bewustzijn verloor. Op 26 juli, driekwart eeuw geleden, kreeg hij om twee uur in de middag een dodelijke injectie van een kamparts.

,,Ach, Titus is dan niet meer! Titus is niet meer! Ons aller grote steun en hulp en voorlichting zijn we kwijt!’’, schreef zijn broer Henricus, pater te Drachten, op 2 augustus 1942 toen het nieuws bekend werd. ,,Van begin af aan heb ik de gedachte gehad: daar komt die goeje ziel niet doorheen.’’ Het citaat is te lezen in Titus Brandsma onder ons , dat Henk Nota schreef en in 2003 verscheen als uitgave van de Stichting Archief- en Documentatiecentrum voor R.K. Friesland in Bolsward.

Nota kon voor het boek volop citeren uit het archief van de familie Brandsma dat het documentatiecentrum eerder had gekregen. Uit dat bijzondere archief kwam uiteindelijk het Titus Brandsma Museum voort, dat begin 2004 de deuren opende naast de Sint Franciscuskerk in Bolsward.

In 2008 verscheen de biografie van pater Titus waar lang naar was uitgekeken: Titus Brandsma - de man achter de mythe , van de hand van journalist Ton Crijnen. Er waren oudere biografieën, maar die waren naar hedendaagse begrippen verouderd. Crijnen in 2007 daarover: ,,De echte Titus verdwijnt achter het idealistische beeld van de bewonderaars.’’

Pater Titus was ,,een complexe persoonlijkheid, een vat vol tegenstrijdigheden’’, aldus Crijnen. ,,Overtrokken energie, zakelijke hardheid, lichte ijdelheid, neiging tot opvliegendheid, roomse vooringenomenheid en politieke naïviteit stonden bij hem naast ware naastenliefde, pretentieloze vroomheid, grenzeloze vrijgevigheid, praktische daadkracht, inventief organisatievermogen en grote moed.’’

Brandsma, wilde Crijnen maar zeggen, was niet louter deugdzaam. ,,Brandsma had, net als ieder ander, ook z’n zwakke kanten. Het feit dat hij ze op beslissende momenten wist te overstijgen, maakte dat mensen die hem ooit ontmoetten, daarna nimmermeer over de kleine professor uitgepraat raakten.’’

En, pater Titus was tot het laatst zijn lijfspreuk trouw gebleven: Nada te turbe - laat niets je verontrusten.

Wachten op heiligverklaring

Op 3 november 1985 werd pater Titus door paus Johannes Paulus II in Rome zalig verklaard. Sindsdien wordt gehoopt op de heiligverklaring.

Voor een heiligverklaring is een extra wonder nodig, een wonderbaarlijke genezing op voorspraak van Titus Brandsma die door artsen is getoetst. In de loop der jaren werden aan het Vaticaan diverse mirakels gemeld, maar de verantwoordelijke Congregatie voor de Zalig- en Heiligverklaringen heeft tot nu toe geen aanleiding gezien de heiligverklaring voor te bereiden.

Intussen wordt onder leiding van de karmelieten in Rome nog steeds gelobbyd voor de heiligverklaring van hun Friese broeder die wereldfaam geniet. In 2007 stuurden de Nederlandse bisschoppen een brief aan het Vaticaan met de dringende oproep om de ,,geliefde landgenoot’’ Titus Brandsma snel heilig te verklaren.

Titus herdacht

Woensdag 26 juli, 9 uur: Bij het monument voor Titus Brandsma in Oss wordt een vredesvuur ontstoken en er is een bloemenhulde voor de ereburger.

Woensdag 26 juli, 11 uur: Gedenkdag, met forumgesprek en eucharistieviering, Titus Brandsma Memorial, Nijmegen. Mgr. De Korte, bisschop van Den Bosch, gaat de viering voor. Sprekers zijn Hubert Bruls, burgemeester van Nijmegen, Inigo Bocken, directeur van het Titus Brandsma Instituut, en de Prior Generaal van de Karmelieten, Fernando Millán Romeral.

Donderdag 27 juli, 19 uur: Basilica-avond, eucharistieviering Sint Franciscusbasiliek, Grote Dijlakker, Bolsward. Bisschop Ron van den Hout is hoofdcelebrant. Hein Blommestijn, pater karmeliet, houdt een lezing over de drijfveren van pater Titus.

Tot en met 11 november: Tentoonstelling: In het spoor van Titus, van God niet verlaten, Titus Brandsma Museum, Bolsward

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct