Emma Lesuis, begeleid op contrabas door Nana Adjoa, in Aardappelbloed.  FOTO RUBEN HAMELINK

Surinaamse thema's op Oerol. Waar komen wíj eigenlijk vandaan?

Emma Lesuis, begeleid op contrabas door Nana Adjoa, in Aardappelbloed. FOTO RUBEN HAMELINK

Op Oerol zijn dit jaar twee voorstellingen te zien met een Surinaams thema. Een opstap naar meer werk uit het bredere Nederlandse taalgebied.

Waar kom je vandaan, maar dan écht? Het is een vraag die Emma Lesuis (30) vaak krijgt en die haar nieuwsgierig maakte naar Suriname, het land van haar grootouders. Die interesse werd ook gevoed door de discussie die een paar jaar geleden oplaaide, over Black Twitter en Zwarte Piet. ,,Mensen vonden elkaar niet, en ik dacht dat ik daar wat aan kon doen door met een persoonlijk verhaal te laten zien waar het verzet vandaan komt.’’

In 2015 kreeg ze een researchbudget van de NPO om onderzoek te doen in Suriname. ,,Ik was in de stamboom van mijn moeder de naam Zaïre Deimveld tegengekomen, die op 1 juli 1863 was vrijgemaakt. Ze woonde op de plantage Mon Souci. Mijn zoektocht zou over grond gaan, en of ik daar nog recht op had.’’

Vrijgemaakten moesten na 1 juli 1863 nog tien jaar werken op de plantages waar ze woonden. Pas daarna waren ze echt vrij. ,,Ze kregen namen die vaak een omkering waren van iets Nederlands. Deimveld – meid veld, want dat is wat ze was.’’

Film

De navelstreng van haar betbet-overgrootmoeder ligt in Mon Souci begraven, ze werkte er jarenlang. Maar al snel bleek dat dit Emma geen rechten gaf, en ze keerde gedesillusioneerd terug. Voor de Belgische zender Canvas probeerde ze haar verhaal om te zetten in een filmplan. En toen ze daarvoor fondsen kreeg, keerde ze in 2017 terug naar Suriname. ,,Ik werkte me helemaal over de kop, wilde alles filmen.’’ De montage die iemand anders voor haar maakte, vertelde niet haar verhaal. Dus moest ze zelf aan de slag.

Vorig jaar liet ze een stukje op het Roots Festival zien, en er volgde een try-out op Welcome To The Village. In de Melkweg in Amsterdam kwam ook Kees Lesuis (een neef van haar vader) kijken en kreeg ze een uitnodiging voor Oerol. Overigens had ze al een band met het festival, want ze maakte er eerder filmpjes, stond met een talkshow op de Betonning en werkte voor de Oerol-dagkrant. Dit jaar schreef ze een openingswoord over het thema Kantelende Perspectieven , en leverde ze korte documentaires voor de voorstelling In Search of Democracy 3.0 van Stichting Nieuwe Helden.

Hoe kan je een kleur zijn?

Aardappelbloed is een live-documentaire geworden met film en spoken word en contrabasklanken, waarin Emma een land ontdekt waar ze tot voor kort weinig van wist. ,,Mijn broer en ik hadden vroeger altijd ruzie. Hij vond mij zo wit. Al mijn vriendinnen waren wit, zaten op hockey en andere clubjes. Ik vond hem zwart, maar hoe kan je een kleur zijn’’, zo begint ze. Nana Adjoa ondersteunt haar verhaal op haar grote instrument met een bescheiden geluid. Terwijl achter hen op een scherm mensen opduiken, die Emma filmde en die hier – in de schuur van De Zeekraal in Oosterend – haar verhaal aanvullen.

Ze neemt haar publiek mee op haar zoektocht. ,,1863, dat is nog maar 157 jaar geleden’’, zegt de jonge Surinaamse schrijver Yves. Het slavernijverleden werd vervolgens ontkend, vertelt schrijfster Cynthia McLeod. ,,We moesten zo Hollands mogelijk zijn, de koning aanbidden en vooral Koning Willem III die ons had vrijgemaakt, zonder dat we hoefden te betalen!’’

Aan het eind van Aardappelbloed vraagt Emma zich af waarom we Keti Koti (= verbroken ketenen) niet meer met z’n allen vieren. Ze pareert de vraag waarmee ze haar verhaal begon: ‘Waar komen WIJ vandaan, maar dan écht?’

Helen Kamperveen (69): ,,De eerste keer dat ik uit Suriname in Nederland kwam was in 1964. Zagen we een donker iemand op straat, dan draaiden we het raampje van de auto open en riepen: waar kom je vandaan? Uit nieuwsgierigheid.’’

Verzwegen geschiedenis

Ook zij zag hoe de geschiedenis van Suriname wordt verzwegen. Dat er niet over wordt gesproken, maar ,,je ziet wat het met mensen doet’’.

Decemberdagen moest niet rechstreeks gaan over Bouterse, de coup en de moorden. Maar wel over het effect dat de politieke ommekeer had op gewone mensen. ,,Door de schrijfstijl van Esther Duysker is het veel poëtischer geworden.’’

Kamperveen speelt Ivy, een moeder met twee dochters: Philomena en Henna. Ze komen bij haar om het ouderlijk huis op te ruimen, na het overlijden van vader Harvey. Alle drie hebben ze een geheim, dat in deze kerstdagen aan het licht komt. Want waarom kwam het gezin in de jaren tachtig naar Nederland. Was dat uit angst voor Bouterse en de zijnen? Of nam Harvey zijn gezin mee, omdat hij bang was zijn vrouw te verliezen? En waarom keerde Henna acht jaar later alleen terug naar Suriname?

Achttien jaar had Kamperveen een jeugdtheaterschool in Suriname. Toen ze in 2013 in Nederland terugkeerde, vroeg ze zich af of ze nog zou gaan spelen. Haar vriendin en collega Jette Derlagen kwam met het dagboek van haar moeder, dat – gecombineerd met de verhalen van Kamperveens ouders – de voorstelling Paramaribo-Texel opleverde. Een verhaal geschreven door Bodil de la Parra, die vorig jaar op Oerol stond met Het verbrande huis .

Het idee is dat Decemberdagen ook naar Paramaribo gaat. ,,En er zijn ideeën voor een festival daar’’, zegt ze. Het is goed dat Oerol deze verhalen programmeert: ,,Het publiek is nog wel heel erg wit. Dat verander je door voorstellingen te brengen, waar mensen zich in herkennen.’’

Oerol zoekt in hele taalgebied Nederlands

Dit jaar staan er op Oerol twee voorstellingen met een Surinaams thema. Decemberdagen van Rudolphi producties, en Aardappelbloed van Emma Lesuis. Ze zijn het resultaat van de inspanningen, die Oerol doet om voorstellingen uit het grotere Nederlandse taalgebied te programmeren, vertelt artistiek leider Kees Le-suis. Vooral Suriname en de Antillen, maar mogelijk ook Zuid-Afrika.

,,In 2011 speelde het Volksoperahuis met Teatro Luno Blou hier. Maarten van der Cammen van Via Rudolphi zette ons op dit spoor’, zegt hij. ,,Hij kwam altijd met mooie plannen van interessante maker.’’

Het resulteerde in Paramaribo-Texel met Helen Kamperveen en Het verbrande huis van Bodil de la Parra (2018) en nu Decemberdagen . ,,Helaas overleed Maarten vorig jaar, vlak na het festival.’’

Met Via Rudolphi – maar ook met Ann Hermelijn van Werkgroep Caraibische Letteren – zoekt Lesuis meer makers met Surinaamse of Antilliaanse achtergrond om mee samen te werken en uit te wisselen. ,,De geschiedenis die Nederland deelt met de Antillen en Suriname levert veel nieuwe verhalen op. Daar bieden we graag een plek voor.’’

menu