Rups belaagt de buxus: struiken kleuren geel

Walter Schokker spuit tegen de rupsen in een tuin aan de Zuiderveldstraat in Joure. ,,Je wolle dochs besykje de minsken te helpen har strûken grien te hâlden.’’ FOTO NIELS DE VRIES

Rupsen van de buxusmot maken korte metten met buxussen in zuidelijk Friesland. In Heerenveen, Joure en Sneek kleuren opvallend veel struiken geel.

Nu de buxusmot Friesland koloniseert, valt pas echt op hoe geliefd het basisvoedsel van deze nachtvlinder is onder tuinbezitters. In de Heerenveense wijken De Greiden en Nijehaske springt de een na de andere fletse heg en buxusbol in het oog.

De rupsen – groen met zwarte nopjes – leveren geen half werk. Van veel blaadjes blijven alleen dorre nerven over, overdekt met spinseldraden. De struiken die juist geliefd zijn omdat ze onder normale omstandigheden eindeloos groen blijven, lijken rijp voor de rooi.

,,It liket net bêst’’, zegt de Heerenveense boomkweker en hovenier Walter Schokker. ,,Ik hie der earder noch noait ien oer heard, mar de lêste twa wiken giet it ynienen hurd. Oeral komst oanfretten struken tsjin. It is in kwestje fan dagen, dan binne se hielendal giel. Myn buorman attindearre my lêsten op de rûpen yn syn tún. Doe’t ik dêrnei myn eigen hage neiseach, siet dy der ek al ûnder.’’

De buxusmot geldt als een invasieve exoot, die vijftien jaar geleden onbedoeld van oost-Azië naar Europa is geïmporteerd. Omdat de buxus overal ruim voorhanden is kon hij zijn leefgebied snel uitbreiden.

loading

Twee generaties

De insecten komen jaarlijks in twee generaties voor en zijn het grootste deel van hun leven rups. In die hoedanigheid overwinteren ze, om zich in april/mei te ontpoppen als nachtvlinder, met witte vleugels met een donkere rand en een spanwijdte van 4 centimeter. Als vlinder hebben ze maar één doel: zich voortplanten. Uit de talrijke eitjes die ze leggen op buxusstruiken ontstaat een tweede generatie, zoals deze nu huishoudt in Zuid-Friesland. Deze rupsen verpoppen zich binnenkort voor twee weken, om dan zelf als vlinder op zoek te gaan naar een partner én een groene buxus om eitjes op te leggen. Zo schuift de frontlijn steeds verder naar het noorden.

Kars Veling van de Vlinderstichting hoort ervan op dat de rupsen nu massaal verschijnen in Friesland. In de landelijke nachtvlindertellingen sprong de soort er dit jaar allerminst uit. In het zuiden van het land piekten de exoten al vanaf 2015. Daar is na de aanvankelijke kaalslag een nieuw evenwicht ontstaan. Veling: ,,Er zijn veel buxusstruiken opgeruimd, maar de natuur moet ook even wennen aan een nieuwe soort. De natuurlijke vijanden van de mot zijn niet meegekomen uit Japan. Het duurt even voordat koolmezen en kauwen deze rups als prooi herkennen.’’

Hovenier Walter Schokker heeft de bestrijding van de rupsen zelf ter hand genomen. Hij zegt beslist geen voorstander te zijn van chemische middelen, maar was de afgelopen dagen geregeld op pad met een ,,hûndert prosint natuerlik bestridingsmiddel’’om struiken en heggen van klanten te behandelen. ,,Je wolle dochs besykje de minsken te helpen har strûken grien te hâlden.’’

Hij gebruikt het middel RupsVrij van Ecostyle in Oosterwolde. Dat is een preparaat van bacteriën (Bacillus Thuringiensis) die via het blad alleen op rupsen werkt. Dezelfde bacteriën zijn ook de basis van het middel Xentari van Chemiereus Bayer. Beide middelen worden gepresenteerd als biologisch en ongevaarlijk voor bijen.

De Vlinderstichting ontraadt het gebruik van zulke rupsbestrijdingsmiddelen, zegt Kars Veling. Het belangrijkste bezwaar is dat deze geen onderscheid maken tussen de rupsen die mensen willen bestrijden en die van andere soorten. Deze discussie voert de stichting ook bij de bestrijding van de eikenprocessierups, omdat juist eiken vol zitten met allerlei insectensoorten. In het geval van de buxus is minder randschade te verwachten, zegt Veling. ,,Omdat het een uitheemse plant is zitten er niet veel andere soorten in. Maar zo’n middel komt natuurlijk ook gewoon op de bodem terecht en daar kun je dus wel neveneffecten verwachten.’’

Kattenpis

Aan het Kattebos in Heerenveen behandelde Walter Schokker de buxusrechthoek in de voortuin van Edwin Schokker (geen familie). Er zit hier en daar nog wel wat groen aan de struiken, maar de meeste kleur verdween de afgelopen weken rap. ,,Het leek eerst of er katten tegenaan gepist hadden, maar toen ontdekte ik die rupsen.’’ Op advies van de hovenier heeft de eigenaar zijn nu weer rupsvrije heg flink teruggesnoeid en bemest. Hij kijkt het nog even aan. ,,Ik hou van een mooie groene tuin. Als het niks wordt, gooi ik ze er alsnog uit.’’

Waar hovenier Walter Schokker en vlinderonderzoeker Kars Veling het over eens zijn, is dat ook zwaar aangetaste buxussen nog wel kans hebben om er weer bovenop te komen. Veling: ,,Ze kunnen er vreselijk dood uitzien, maar als je ze afknipt kunnen ze gewoon weer komen opzetten. Schokker: ,,It is fan himsels in hiel sterk strûkje, mar minsken hawwe faak net it geduld om te wachtsjen.’’

En anders zijn er altijd nog de alternatieven voor de buxus die Vlinderstichting en Vogelbescherming aandragen, met als favoriet de wilde liguster, een inheemse hegstruik die ook nog bloemen en besjes produceert waar insecten en vogels wat aan hebben.