Rijk schroeft pachtprijzen weidegebied bijna een vijfde omlaag

De hoge grondprijs in het noordelijke weidegebied kan geen stand houden. FOTO DUNCAN WIJTING

De rijkspachtprijzen in het noordelijk weidegebied gaan dit jaar met 17 procent omlaag.

De boeren, merendeels melkveehouders, zijn spekkoper nu het matige inkomensjaar 2018 wordt meegewogen in de nieuwe jaarprijs. Het noordelijk weidegebied omvat het grootste deel van Friesland en de Kop van Overijssel.

In de Bouwhoek en het Hogeland, de streep grond langs de Friese en Groningse Waddenkust, blijft de prijsdaling beperkt tot 1 procent.

Het kabinet laat de pachtprijzen jaarlijks berekenen door de Wageningen Economic Research. De hoogte wordt bepaald aan de hand van de gemiddelde inkomens van de afgelopen vijf jaar. Pachters in het noordelijk weidegebied moeten dit jaar 535 euro per hectare betalen.

De sterkste prijsdaling wordt genoteerd in oostelijk Groningen in de Veenkoloniën en Oldambt. Hier gaan de pachtprijzen omlaag met 21 procent naar 451 euro per hectare. De duurste grond ligt in de IJsselmeerpolders. Boeren betalen hier 1135 euro per hectare. Dat is een stijging met 10 procent.

De goedkoopste grond ligt in het Waterland en de Droogmakerijen. Hier betalen boeren 255 euro per hectare.